Bij goeie house ga ik uit mijn dak; Het boekenweekgeschenk van Hella Haasse

Hella S. Haasse: Transit. Uitg. CPNB, 92 blz. Gratis tijdens de boekenweek bij besteding van tenminste ƒ 19,50. Daarna ƒ 10,-.

Een meisje komt na een zwerftocht door Europa terug in haar woonplaats Amsterdam. Voor ze vertrok vormde ze met een vriend en een vriendin van school een opstandig driemanschap, dat zich niet zou laten inpassen in het burgerlijk bestaan. Als ze terugkomt blijkt de vriend aan lager wal geraakt, hij hangt rond bij het Centraal Station en eet uit afvalbakken. De vriendin is waarschijnlijk in de prostitutie terecht gekomen. Ze is gesignaleerd in enkele clubs, maar niemand weet haar woon- of verblijfplaats.

Niet ingepast in het burgerlijk bestaan, dat wel, maar anders dan de drie zich in hun jeugdige overmoed hadden voorgenomen.

In Transit, het boekenweekgeschenk van dit jaar, laat Hella S. Haasse aan de hand van drie jongeren uit de jaren negentig de verschillende zijden van de onaangepastheid zien. Zoals al uit hun lotgevallen blijkt, is het geen onvoorwaardelijke lofzang op de vrijheid geworden. Het is eerder een verkenning van wat het is om geen bindingen te hebben. Daarnaast is het een voorzichtig pleidooi om aansluiting te zoeken bij een culturele traditie.

De moraal van het boek is dat je beter je school af kunt maken voor je de wijde wereld intrekt. Van het drietal dat zich voornam het leven anders in te richten heeft alleen het meisje dat op reis is gegaan de vrijheid kunnen dragen. Het zal geen toeval zijn dat zij van de drie ook de enige is die in een vrijzinnige omgeving is opgevoed. Ze is daardoor de enige die haar idealen trouw kon blijven.

Behalve met haar twee verloederde schoolkameraden confronteert Haasse het teruggekeerde meisje ook met een idealist van een oudere generatie. Door een toeval komt ze terecht in het huis van een oude man die bij het Vondelpark woont. Hij heeft de maatschappij op een andere manier de rug toegekeerd. Hij heeft les gegeven aan de universiteit maar daar is hij door de acties van revolterende studenten vermalen.

Ook in zijn belevenissen kan een pleidooi worden gezien voor vrijheid in gebondenheid. Maar het verschil is dat aan de universiteit de verstandigste heeft verloren. De man slijt zijn dagen tussen zijn boeken, verbitterd over wat hem in de jaren zestig is overkomen, terwijl de leeghoofden de macht hebben overgenomen.

In zijn opzet is de novelle geslaagd te noemen. De ontmoeting tussen de ontgoochelde man en het op drift geraakte meisje is een vondst en Haasse heeft ook elders een aardig contrast aangebracht tussen de verschillende typen idealisten die in het boek voorkomen.

Daar staat tegenover dat de beschrijving van de vier protagonisten erg vlak blijft. Geen van hen heeft veel karakter en dat wordt ook niet erg inspirerend beschreven. De stijl van het boek is op veel plaatsen kleurloos, gehaast. Het meisje kan er nog mee door, al praat ze wel erg nadrukkelijk modern jargon zoals 'Bij goeie house ga ik uit mijn dak.' Maar de oude man bij wie ze een week in huis is, is ronduit een zeur. Dat is des te vervelender omdat grote stukken van het boek uit commentaren bestaan en notities die hij heeft gemaakt toen hij besloot zijn baan aan de universiteit op te zeggen.

Je kunt je niet aan de indruk onttrekken dat het warhoofd dat dit allemaal heeft opgeschreven, terecht is weggepest. Het zijn oppervlakkige, ongevormde gedachten die het niet verdienen om zo uitvoerig geciteerd te worden.

Transit is een momentopname van deze tijd, een tijd in overgang. Maar dat had geen reden moeten zijn om het zo hinderlijk weinig diepgang te geven.