Zuidertoren (4)

Met verbazing las ik de stelling van Henk Verhoef in zijn ingezonden brief (Zuidertoren 3, 10 maart), dat tot een half jaar geleden iedereen in de beiaardwereld ervan uitging, dat de bewaard gebleven oude klepels van de beiaard van het Koninklijk Paleis - dus harde gietijzeren klepels - uit de zeventiende eeuw dateren.

Het tegendeel blijkt uit de in november 1957 door de Dienst der Publieke Werken Amsterdam gepubliceerde 'Studie betreffende eventuele uitbreiding c.a. van de vier gemeentelijke Hemony-carillons te Amsterdam', welke studie onder leiding van het toenmalige Hoofd van de afdeling Onderhoud Gebouwen en Gemeente Werkplaatsen J. Prent werd verricht door de deskundigen W.J.A.P. Créman, dr. W. van der Elst, F. Timmermans en mr. R. de Waard. Op blz. 43 van dat rapport valt het volgende te lezen:

'Ten aanzien van de destijds door de Hemony's of door de, wat de bespeelinrichting betreft met hun samenwerkende Spraeckel gemaakte klepels, is weinig met zekerheid bekend. Wel mag worden aangenomen, dat zij de klepels hebben gemaakt van het z.g. wel- of puddelijzer, een vrij zacht materiaal, dat in die tijd ten dienste stond. Het uit de hand tot een min of meer langgerekte peervorm smeden van de klepels heeft stellig de bedenking gehad, dat de klepel-massa weinig homogeen was, met alle gevolgen van dien ten aanzien van de helderheid van de klank der klokken. Toen na omstreeks 1820 het gietijzer beschikbaar kwam, zijn geleidelijk gietijzeren klepels toegepast. Door de verbetering van de kwalitieit van het gietijzer, dat aanvankelijk zeer bros was, werd de toepassing hiervan voor klepels vrijwel algemeen gewoonte.''

Ik herinner mij nog heel goed, dat het vooral Ferdinand Timmernans was, die een en ander naar voren bracht en dat het daarna werd bevestigd door de heer Prent die de technici van zijn dienst had opgedragen dienaangaande een onderzoek in te stellen. De resultaten van dat onderzoek kwamen overeen met de visie van Ferdinand Timmermans. En die visie strookt weer met de resultaten van het thans door dr. André Lehr ingestelde onderzoek.

(Einde discussie - Redactie)