Milde taal van Rabin jegens Syrië

WASHINGTON, 17 MAART. In een poging het opgeschorte vredesoverleg over het Midden-Oosten weer op gang te krijgen, heeft de Israelische premier Yitzhak Rabin gisteren in Washington zeer verzoenende taal jegens Syrië gesproken.

Op een gezamenlijke persconferentie met de Amerikaanse president Bill Clinton onderstreepte Rabin dat Israel bereid is “pijnlijke besluiten” te nemen in ruil voor vrede met Damascus, waarbij hij, zo wordt aangenomen, doelde op teruggave van de Golan. Tegelijk prees hij de Syrische president Hafez al-Assad. De Syrische minister van buitenlandse zaken, Farouk al-Shara, riep Rabin vandaag op de daad bij het woord te voegen.

In vergelijking met zijn milde opstelling tegenover Syrië sprak Rabin harde woorden aan het adres van de Palestijnse leider Yasser Arafat, die blijft weigeren het vredesoverleg te hervatten zolang Israel in de nasleep van de moordpartij door een joodse kolonist in Hebron op 25 februari niet een reeks veiligheidmaatregelen voor de Palestijnen in bezet gebied neemt. “Wij achten het niet gepast om na elke terroristische aanslag nieuwe eisen te stellen. Veiligheid is twee-richtingverkeer”, zei Rabin.

Rabin stelde vanmorgen in een vraaggesprek met radio Israel wel voor in Hebron Palestijnse politiemannen aan te stellen die vroeger bij de Israelische politie werkten maar in 1988, na het begin van de intifadah, hun ontslag namen. Zij zouden echter onder Israelisch militair commando moeten vallen, wat Rabins aanbod waarschijjnlijk voor Arafat onverteerbaar maakt.

Arafat zelf zei vandaag dat de PLO pas het overleg met Israel zal hervatten als de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties zijn resolutie over het bloedad in Hebron aanneemt en duidelijke antwoorden zijn gegeven op de Palestijnse veiligheidseisen. De Veiligheidsraad is al drie weken met zo'n resolutie bezig, die de VS hebben gekoppeld aan een Palestijnse belofte het vredesoverleg te hervatten. Volgens de laatste berichten maakte de Veiligheidsraad zich op morgen over de resolutie te stemmen. (Reuter, AFP)