In Peru en Breda heersten brucellose en tuberculose

DNA-onderzoek onthult steeds meer oude ziekten. Onderzoekers van de universiteit van Utrecht en de Oklahoma State Univeristy zijn een brucellose-epidemie in het 15e eeuwse Brabant op het spoor gekomen. Bij een Peruaanse mummie van 1.000 jaar oud is vastgesteld dat zij aan tuberculose leed.

Met de polymerase chain reactie (PCR) kunnen brokstukjes DNA worden vermenigvuldigd die nog in een mummie of bij botten worden gevonden. Nadat van die brokjes DNA de volgorde is vastgesteld en vergeleken met bekende sequenties van verdachte ziekteverwekkers komt er soms een interessante ziekte uit rollen.

De Peruaanse mummie bleek besmet met de bacterie Mycobacterium tuberculosis. Daarmee is vastgesteld dat tuberculose daar al aanwezig was voor de Westerse veroveraars verschenen.

De brucella-epidemie in Brabant kwam aan het licht uit een put in Barabant. Bij een vroeg-vijftiende-eeuwse stadsboerderij in Breda vond de stadsarcheoloog een grote stapel botten van ongeboren kalveren. Kennelijk hadden in korte tijd veel drachtige koeien een abortus doorgemaakt, een bekend kenmerk van een brucella-infectie bij vee.

Brucella is een bacterie waarvan drie soorten bij vee ziekte veroorzaken. Brucella abortus is de soort bij koeien. De bacterie kan op mensen overgaan als ze ongepasteuriseerde melk drinken, of als ze direct contact met het dier hebben (slagers, dierenartsen). Brucella bij de mens begint sluipend, met koorts, opgezette lymfeklieren en niet-lekker-voelen. De verschijnselen kunnen wel een jaar aanhouden.

Brucella komt tegenwoordig in de Nederlandse veestapel niet meer voor. Enkele keren per jaar blijkt iemand in Nederland brucellose in het buitenland te hebben opgelopen. In Breda was veestapel en waarschijnlijk ook bevolking er vroeg in de vijftiende eeuw slecht aan toe.