Elke maand duizend werklozen erbij

AMSTERDAM, 17 MAART. Je pikt de 'onbemiddelbaren' er niet dadelijk uit op het arbeidsbureau in Amsterdam Nieuw West. Er staan wat mensen vacatures te lezen op een terminal, aan de receptie krijgt een meisje haar inschrijfformulier en twee werklozen overleggen met een consulent. De sfeer is ingetogen als op een bank of een reisbureau. Er staan geen vandalisme-bestendige meubels en geen bunker-loketten om opgewonden klanten in toom te houden, zoals bij de sociale dienst, maar houten tafels in een zee van daglicht.

Toch moet ongeveer een kwart van de bezoekers tamelijk wanhopig zijn. Zoveel 'onbemiddelbaren' zijn er namelijk in Amsterdam, werkzoekenden voor wie het arbeidsbureau vooreerst geen toekomst op enige arbeidsmarkt ziet en voor wie ze ook geen moeite meer doet. De soort bestaat al lang, maar kreeg gisteren officieel haar naam: categorie D.

Onder het toeziend oog van wethouder Wildekamp (sociale zaken) zijn het regionaal bestuur voor de arbeidsvoorziening (RBA) van Amsterdam, Zaanstreek en Waterland en de gemeentelijke sociale dienst overeengekomen het bestand van 90.000 werklozen in vieren te delen. De naar schatting 24.000 werkzoekenden die in categorie D terechtkomen, hoeven voorlopig niet aan te kloppen bij het arbeidsbureau. Zij worden defacto van de sollicitatieplicht ontheven (“Daarvoor zullen we in de slag moeten met staatssecretaris Wallage”, zei Wildekamp erbij) en de sociale dienst van Amsterdam zal zich over hen ontfermen.

“Je ziet het niet als ze de deur binnenkomen”, zegt floormanager M. Lauffer van arbeidsbureau Nieuw West. Criteria die iemand tot onbemiddelbaar (of 'verder verwijderd van de arbeidsmarkt', in RBA-taal) bestempelen zijn er wel. “Opleiding speelt een rol, werkervaring, duur van de werkloosheid, motivatie, leeftijd en wensberoep. Maar niet zo dat we kunnen zeggen: iemand van veertig jaar met LBO sluiten we per definitie uit. Het hangt er vanaf wat zo iemand wil.”

Zij en haar veertig collega-consulenten in Nieuw West werken met cliënt-typeringen, die al verdacht veel lijken op de gisteren ingevoerde categorieën. In dit arbeidsbureau zijn werkzoekenden 'goed, matig of nog-niet bemiddelbaar'. De goed-bemiddelbare die zich aanmeldt, krijgt direct meer aandacht, legt ze uit. “De rest wordt administratief afgehandeld.” Die vult zijn inschrijfformulier in en kan weer gaan. Blijkt die na verloop van tijd inderdaad moeizamer in te passen op de arbeidsmarkt, dan gaan er heel andere molens draaien bij het RBA en de sociale dienst. Dan worden er cursussen gezocht, 'trajecten' uitgezet die moeten leiden tot een baan. Hetzij op de reguliere arbeidsmarkt, hetzij een uit de banenpool.

Achttienduizend werkzoekenden staan in het bestand van arbeidsbureau Nieuw West, van wie bijna 16.000 op dit moment geen werk hebben. Driekwart jaar geleden waren dat er nog 14.000; het rayon was daarmee de droeve koploper van Amsterdam. Onder de werkzoekenden in Nieuw West zijn ook nog eens de laagste opleidingen oververtegenwoordigd, wat hun kansen op een baan niet verhoogd.

De consulenten krijgen op topdagen zo'n driehonderd mensen die een beroep doen op de 'basisdienstverlening': inschrijven, vacatures bespreken. Hoogseizoen is het vooral in mei als de schoolverlaters zich op de markt storten. Een krimpende markt, zoals wethouder Wildekamp mismoedig opmerkt: elke maand komen er in de regio Amsterdam, Zaanstreek en Waterland zo'n duizend werklozen bij en er gaan minder af.

De afgelopen tijd zijn er bij Nieuw West mensen komen aankloppen die op straat zijn gezet bij IBM, straks gaan er mensen uit bij Fokker. Over het algemeen geen aanwinsten voor de categorie A, van goed bemiddelbaar, waarvan er in Amsterdam zo'n 40.000 zouden zijn. Ook deze werknemers met ruime ervaring en een passende opleiding voor hun vorige baan, kunnen onbemiddelbaar worden.

De werkzoekende uit categorie D is “niet altijd rijp voor het hospitaal”, zei gisteren wethouder Wildekamp een beetje pinnig. Het voor de hand liggende voorbeeld van de junk of de psychisch of sociaal verwarde dakloze, wuifde zij weg. “Het kan best dat dat helemaal niet de grootste groep is”, zo viel voorzitter I. ter Haar van het RBA van Amsterdam en omstreken de wethouder bij. Het experiment dat drie maanden zal worden uitgevoerd op een van de zeven arbeidsbureaus in Amsterdam, moet juist de categorieën onder de onbemiddelbaren zichtbaar maken. Zodat RBA en sociale dienst hun beleid gericht op groepen kunnen afstemmen. Ter Haar kon zich ook andere groepen voorstellen die in Amsterdam en masse in categorie D terecht zouden blijken te komen: kunstenaars, sommige herintredende vrouwen, ouderen, langdurig werklozen en nog zo wat.

Minister De Vries van sociale zaken zich voorzichtig positief over categorisering van werkzoekenden heeft uitgelaten. Geen wonder: als Amsterdam representatief is voor het aantal mensen dat in categorie D terechtkomt, is straks misschien een kwart van de werklozen van zijn sollicitatieplicht ontheven.

“Hij kan zich voorstellen”, aldus een woordvoerder gisteren, “dat er mensen zijn voor wie het RBA tijdelijk niets kan doen.” Met de nadruk op tijdelijk. Ter Haar is dat met de minister eens: “Er mogen geen schotten tussen de categorieën komen. Als de sociale dienst iemand uit categorie D weer rijp acht voor de arbeidsmarkt, zullen wij weer bemiddelen.”

De Vries' schatting dat het landelijk om niet meer dan enkele tienduizenden hopeloos-werklozen gaat, deelt Ter Haar niet. “Hij gaat dan te zeer uit van het idee dat er wel werk is voor wie echt zijn best doet.”