Verenigd Koninkrijk

Groot-Brittanië vormt een uitzondering in het rijtje. Het land heeft de immigratie sterk onder controle, hetgeen mogelijk is omdat er geen open grenzen bestaan. De status van vluchteling wordt zelden verleend. “De Engelse regering zendt constant signalen uit dat ze liever geen asielzoekers wil hebben”, aldus specialist F. Florin van VluchtelingenWerk Nederland. En als het om Europees beleid voor asielzoekers gaat, is Engeland als vanouds huiverig.

Een voorbeeld van de weigerachtige houding van het koninkrijk is volgens VluchtelingenWerk te vinden na de oproep van het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen (UNHCR) aan Europese landen om asielzoekers uit het voormalige Joegoslavië op te nemen. Engeland bood toen aan tweeduizend vluchtelingen op te nemen, wat schril afsteekt tegen de andere Europese landen. “Een druppel op een gloeiende plaat”, meent Florin. De herkomst van de vluchtelingen in het Verenigd Koninkrijk komt overeen met die van asielzoekers in Nederland: Joegoslavië, Irak, Iran en Sri Lanka.

Ook Engeland veranderde vorig jaar zomer zijn asielwetgeving: het recht op hoger beroep tegen de uitwijzing werd beperkt, de autoriteiten kregen de bevoegdheid vingerafdrukken te nemen van aspirant-asielzoekers om te voorkomen dat zij onder diverse namen meer asielverzoeken indienen, en afgewezen vluchtelingen werden sneller over de grens gezet. Minister Howard van binnenlandse zaken verwelkomde de wet als “een essentieel onderdeel van de Britse betrokkenheid bij vluchtelingen”.

Het aantal ingediende asielverzoeken in Engeland vervijfvoudigde in de afgelopen tien jaar, terwijl Engeland erom bekend staat weinig asielzoekers de status van vluchteling te geven. In 1991 kreeg één procent van de asielaanvragers de zogenaamde A-status, in 1992 liep dit op tot vier procent.

    • Yaël Vinckx