Raad van Europa verontrust over Turkije

PARIJS, 16 MAART. De Assemblée (het parlement) van de Raad van Europa is verontrust over schending van de Europese Conventie van de Rechten van de mens door de Turkse regering. In een motie, opgesteld door het Nederlandse Tweede Kamerlid D. Eisma, vraagt de Assemblée het Comité van ministers onder andere maatregelen tegen Turkije te nemen om vrije en eerlijke verkiezingen te waarborgen.

Dit verzoek is een eerste stap op een weg die eerder, op initiatief van de Nederlander Van der Stoel tegen het vroegere kolonelsbewind in Griekenland is ingeslagen. Dat leidde toen tot de tijdelijke verwijdering van Griekenland uit de Raad van Europa. Zover zal het nu waarschijnlijk niet komen.

Aanleiding tot de stap is het ontnemen van de parlementaire onschendbaarheid van vertegenwoordigers van de Koerdische Democratische Partij, de DEP, in het Turkse parlement, op beschuldiging van separatisme. Daarop staat in principe de doodstraf. De DEP wordt door de Turkse autoriteiten gezien als verlengstuk van de links-extremistische, separatistische Koerdische Arbeiderspartij (PKK).