Santé en Top Santé: 'wij' versus 'ik'

ROTTERDAM, 15 MAART. Twee verschillende uitgevers hebben deze maand nagenoeg gelijktijdig een blad uitgebracht over hetzelfde onderwerp, voor dezelfde doelgroep en met bijna dezelfde naam.

Top Santé, dat vandaag voor het eerst in de kiosken ligt, is het blad “voor een mooi en gezond leven”. Het blad Santé, dat begin deze maand voor het eerst verscheen, is bedoeld voor vrouwen geïnteresseerd in “lichaam en geest”.

De twee uitgeverijen van beide bladen, VNU uit Haarlem van Top Santé en het Amsterdamse Hachette/VDB Magazines van Santé, zeggen geen problemen te hebben met het blad van de ander. Volgens hen is de markt groot genoeg voor de beide tijdschriften. De grote overeenkomst in naam en inhoud is volgens de uitgevers “toeval”.

Formule en naam van beide bladen komen uit Frankrijk. Daar publiceert de Franse uitgeverij Hachette, waaraan het Nederlandse VDB Magazines gelieerd is, een aantal bladen onder de naam Santé. Ongeveer een jaar geleden kwam uitgever M. van den Biggelaar van VDB Magazines op het idee een Nederlandse versie van de Franse Santé's op de markt te brengen.

Ongeveer tegelijkertijd werd VNU benaderd door CLT, de moedermaatschappij van RTL4, met het verzoek om een Nederlandse versie van Top Santé op de markt te brengen. In Frankrijk geeft CLT een gelijknamig blad uit, het televisiestation TF1 zendt een op het blad aansluitend programma uit. In Nederland zendt sinds gisteren RTL4, waarin CLT en VNU grote aandeelhouders zijn, een programma uit met onderwerpen uit het blad.

Van den Biggelaar merkte pas in oktober dat concurrent VNU een gelijksoortig blad ontwikkelde. Van den Biggelaar was niet verbaasd. “We zijn natuurlijk doorgegaan met Santé. Als je je iets aan gaat trekken van de concurrentie kan je niets meer doen in Nederland.”

Hoewel de bladen zakelijk los van elkaar staan, loopt er een korte lijn tussen de beide hoofdredactrices van Santé en Top Santé. Voordat Santé hoofdredactrice Lily Martens door Hachette/VDB Magazines werd aangetrokken, werkte zij bij het VNU-blad Kinderen. Zij was daar chef-redacteur van Els Rozenbroek, die afgelopen jaar werd aangesteld als hoofdredactrice van Top Santé.

Martens en Rozenbroek zijn niet alleen voormalige collega's, ze zijn al jarenlang goed bevriend. “Twee weken geleden hebben we tijdens een gezellige avond de beide bladen met elkaar vergeleken”, aldus Lily Martens. Ook zij denkt dat de beide bladen naast elkaar kunnen bestaan. “Het is fascinerend om te zien hoe twee voormalige collegas over hetzelfde onderwerp twee totaal verschillende bladen kunnen maken.”

De verschillen zitten volgens Martens vooral in het 'gevoel' van beide bladen. “Ik vind dat Santé meer het wij-gevoel uitstraalt en Top Santé een ik-gevoel. Daarnaast is Santé toch iets gedegener. Zo werken we met een adviesraad met tientallen deskundigen. Top Santé is wat oppervlakkiger.”

Rozenbroek reageert ijzig kalm op de analyse van Martens. “Wij denken niet in de trant van een ik- of wij-gevoel. Bovendien is het onzin om te stellen dat Top Santé minder gedegen zou zijn. Onzin.”

Nu de slag om de verkoopcijfers echt is begonnen, zal blijken of de markt inderdaad groot genoeg is voor beide bladen. Santé is begonnen met een oplage van 115.000, waarvan nu ongeveer 90.000 verkocht is. Top Santé heeft 300.000 exemplaren van het eerste nummer laten drukken, wat bij de volgende nummers teruggebracht wordt tot 100.000.