Philip Freriks in goed gesprek met Hella Haasse

Passages, Ned. 3, 20.59-21.55u.

Hella Haasse schreef dit jaar het boekenweekgeschenk, de novelle Transit, die iedereen vanaf morgen tot volgende week zaterdag cadeau krijgt bij voldoende besteding in de boekhandel. Het was aanleiding voor het programma Passages om nu eens niet, zoals meestal, een aantal mensen om de tafel te verzamelen om over één onderwerp te praten, maar om één mens over een aantal onderwerpen uit te vragen. Philip Freriks heeft een lang gesprek met Hella Haasse waarin veel aspecten van haar werk aan de orde komen.

Aanvankelijk houdt hij vast aan een champagne-metafoor: Haasse zou, volgens collega Renate Dorrestein, bruisen als een fles champagne. De schrijfster wuift dat meteen bescheiden weg, welnee, dat denkt Renate Dorrestein maar, dat komt omdat die zelf zo een opwekkende invloed op een gezelschap heeft.

Freriks legt zich er vervolgens korte tijd op toe om aan te tonen dat Haasse helemaal niet de keurige mevrouw is waarvoor ze altijd gehouden wordt. (Haasse: “Ik vraag me af wat u me in hemelsnaam wilt laten zeggen of doen.”) Hij begint het zinnenprikkelende karakter van haar werk te benadrukken en licht een scène uit een boek waarin een vrouw masturbeert, zomaar in 1950! Hij moet de reactie van de schrijfster verwerken die verbaasd zegt: “Maar dat doet ze helemaal niet!” Toch komt daarna het gesprek op gang. Allerlei kanten van Haasse's werk en persoon komen aan bod, van dat ze zo mooi was en dat iedereen dat altijd tegen haar gezegd moet hebben - Haasse: “Ik vond het eigenlijk leuker als ik een goed opstel geschreven had” - tot het Indische aspect van haar romans.

Haasse is een van de onaanstellerigste personen die er ooit op de televisie te zien geweest zijn. Al haar reacties zijn verstandig, innemend en ze is nooit koket of behaagziek. Juist dat maakt het een genoegen om naar haar te luisteren en te kijken. En ook Freriks ontwikkelt zich tijdens het gesprek tot een echte gesprekspartner, hij houdt op met na elke antwoord op zijn blaadje te kijken wat de volgende vraag ook weer moest zijn en begint echt te reageren. Niet dat hij zich hoeft te schamen voor de vragen op zijn blaadje, het is een verademing om eens een gesprek met een auteur te zien dat voor het belangrijkste deel over haar werk gaat, over de thematiek, over de techniek, over de personages en het gevoel dat de schrijfster daarvoor heeft.

Haasse vertelt het wel eens jammer te vinden dat het zo vaak over haar vroegere boeken gaat, over Oeroeg en Het woud der verwachting, eigenlijk vindt ze zelf de latere boeken veel interessanter. Niet dat ze de vroege verwerpt, maar degene die zich zo in de Middeleeuwen inleefde en De scharlaken stad schreef, die is ze nu niet meer, al zegt ze: “Ik voel wel dat dat oprecht was”. Haar eigen voorkeur gaat uit naar Een nieuwer testament 'Omdat je het niet na kunt vertellen' en omdat de compositie zo geraffineerd is. Ze is er, zegt ze 'altijd een beetje trots op'.

Een mooi, serieus en aantrekkelijk gesprek bij het begin van de boekenweek. Als de literatuur altijd zulke programma's opleverde hoefde niemand ergens over te zeuren.

    • Marjoleine de Vos