Oorlogsfilm

De film One of our Aircraft is missing uit 1941 werd in de rubriek Films op TV (NRC Handelsblad, 5 maart) speciaal aanbevolen. De film was vooral bedoeld als morele opkikker en de ontvangst van het RAF-team door de bevolking rond Amersfoort is zwaar aangezet. Of zit er toch een kern van waarheid in? Op 16 of 17 juli van 1941 stortten in Rotterdam twee of drie Britse toestellen neer. In de Bergstraat bij de Noordsingel wist een fighter de bebouwing maar net te ontwijken: een gedenkteken ter plaatse herinnert aan de piloot die hier het leven liet.

En op het terrein van de oude Diergaarde, zo ergens tussen waar nu de Doelen en het Bouwcentrum staan, maakte een bommenwerper een noodlanding, waarbij de bemanning vrijwel ongedeerd uit de wrakstukken stapte en door de toestromende menigte op de schouders werd gehesen. Althans zo is het mij toen verteld.

Maar al gauw had men er het hoofd weer bij. Vliegerkleren uit, burgerpak aan en toen gewoon met de tram naar Zuid. Maar veel verder zijn ze niet gekomen. In de Hoekse Waard werden ze door de Duitsers opgepakt. En daarop duidt in de film mogelijk de introducerende spot met een bekendmaking van onze Londense Regering: dat wegens pilotenhulp de volgende Nederlanders uit Oud-Beyerland door de vijand gefusilleerd zijn: Van Steensel (26 jaar), Stel (52 jaar), Geus (52 jaar), Barendrecht (22 jaar) en Kruithof (29 jaar).

Tegenover de vaak geaccentueerde halfslachtigheid van Nederland tijdens de bezetting, is het goed te memoreren dat dit 'verzet', met als risico de vrijwel onverbiddelijke doodstraf, later wel met succes heeft gefunctioneerd en zo een waardevolle bijdrage heeft geleverd aan de geallieerde oorlogsvoering. Heel recent valt dat ook te lezen in de maart-aflevering van de National Geographic “U.S. Eight Air Force: The Wings of War”.

    • J.H. Scholte