Dichtbij huis

BOLKESTEIN HEEFT zondagavond gesproken. Vervolgens trekt een karavaan van verbazing en verontwaardiging door het land, weer gevolgd door Bolkestein, die dan weer verbaasd is over de verbazing. Asielzoekers - het is een onderwerp dat open zenuwen raakt, dat over goed en fout gaat en over de discrepantie tussen Nederlands zelfbeeld en Nederlandse werkelijkheid. Kortom, een onderwerp dat meer kakofonie en veilig groepsgedrag dan onafhankelijk en probleem-oplossend vermogen genereert.

In zekere zin herhaalt Bolkestein gangbaar beleid. Daarbij streeft elke regio naar opvang van zoveel mogelijk vluchtelingen in die regio. Vele, zo niet de meeste Somalische vluchtelingen bevinden zich derhalve bijvoorbeeld in Kenia. Dat gebeurt omdat vluchtelingen dan in de buurt van huis blijven en kunnen terugkeren, zodra de situatie dat toelaat. Het gebeurt ook omdat de sociaal-economische en culturele omstandigheden in de buurt van huis de geringste aanpassingsproblemen geven. Het zijn overigens even voor de hand liggende als discutabele redenen, want per Boeing 747 is alles dicht bij huis en culturele omstandigheden zijn in een 'global village' betrekkelijk aan het worden.

Hoe het ook zij, opvang in de regio betekent dat voor Nederland de eerste verantwoordelijkheid ligt bij de opvang van Europese vluchtelingen. Dat is beleid en met betrekking tot voormalig Joegoslavië werkt dat ook. Bolkestein beschuldigen van apartheid is derhalve nogal kras. De gejaagdheid in de reacties om “niet fout na de oorlog” te zijn, komt in de buurt van politieke correctheid en is fnuikend voor elk begin van een formulering van het probleem.

DE TOENEMENDE mobiliteit van de asielzoekers is namelijk wel een probleem, nu de aantallen groeien en de verzorgingsstaat hier in moeilijkheden verkeert. Met Pronk en de één procent bnp, waarmee de problemen elders in de wereld van hieruit decennia lang werden afgehandeld, is het al enkele jaren gedaan. Wie dat probleem ontkent, provoceert frustratie en richt schade aan.

Toch was de Bolkestein van zondagavond een tikkeltje anders dan die van de volgende dag. Op maandagavond was hij verbaasd over de opwinding die zijn woorden hadden veroorzaakt, wat de vraag doet opwellen: kent hij eigenlijk het land wel waarin hij woont? Op zondag had Bolkestein gesproken over 'onze loyaliteit' die primair bij de vluchtelingen uit de eigen regio zou liggen. Maar loyaliteit geldt bij asielzoekers nooit een groep maar altijd juist het individu. Het individu dat op de vlucht is voor zijn eigen landgenoten, heeft recht op asiel. Dat individu kan uit elk mogelijk land van de aardbol afkomstig zijn en land van herkomst is uit een oogpunt van de rechten van de mens irrelevant. Iets anders is dan weer de beleidsafspraak om mensen zoveel mogelijk per regio op te vangen of om vluchtelingen in het eerste veilige land van aankomst onder te brengen, zodat het onderlinge afschuiven wordt bestreden. Dat zijn uitvoeringskwesties, belangrijk genoeg om het probleem te hanteren, maar niet principieel van karakter. De term 'loyaliteit' klinkt op zijn best onhandig, op zijn slechtst gevoelloos. Het ging immers om de bestuurlijke 'eerste verantwoordelijkheid'.

BOVENDIEN, het is verkiezingstijd en iedere politicus weet dat er wat te winnen of te verliezen valt op drie mei. De toon van de muziek speelt dus een majeure rol en die toon was er een van kordate maatregelen (zes punten) versus gouvernementeel gezwabber. Alsof het zo eenvoudig ligt.

Zoals gezegd, de getoonde krampachtigheid belooft voor de verkiezingsweken weinig goeds. Jammer is dat overigens wèl, want in Nederland noch elders in Europa is een begin ontwikkeld van een cultuur en een beleid dat op grotere mobiliteit is ingesteld. Of dat ook een immigratiecultuur moet zijn is weer een andere vraag, maar een beleid om grotere bevolkingsstromen te hanteren en te doseren is in een moderne wereld waarschijnlijk onvermijdelijk. Daarvoor is enig zelfvertrouwen vereist - angst voor 'Überfremdung' is angst van bange mensen.