Venetiaan: honger bij deel bevolking

PARAMARIBO, 14 MAART. In Suriname dreigt “ondanks de bejubelde vruchtbaarheid van het land” hongersnood te ontstaan onder delen van de bevolking. Dat zei president R. Venetiaan vorige week bij de installatie van de commissie 'Distributie Eerste Levensbehoeften'. De commissie moet erop toezien dat de noodzakelijke levensmiddelen, anders dan nu het geval is, terecht komen bij dat deel van de bevolking dat er recht op heeft.

Venetiaan wilde niet ingaan op de oorzaken van de haperende distributie, maar bekend is dat veel voedingsmiddelen tegen torenhoge prijzen op de zwarte markt terechtkomen. De nieuwe commissie, die daar een eind aan moet maken, staat onder voorzitterschap van P. Radhakishun en lid is onder anderen de politicus en vakbondsman F. Derby. Venetiaan benoemde hen omdat zij eerder deelnamen aan een commissie die orde op zaken gesteld heeft in de brandstofcrisis. De lange rijen bij de pompstations zijn inmiddels verdwenen.

De nijpende voedselsituatie is een direct gevolg van de economische crisis. De inflatie bedroeg vorig jaar naar schatting ruim 100 procent, waardoor vele levensmiddelen voor delen van de bevolking onbetaalbaar zijn geworden. De prijs van een baaltje rijst van 25 kilo is nu 975 Surinaamse gulden, een kilo suiker kost ten minste 130 gulden. Tegelijkertijd geldt 1500 gulden nog als een modaal maandinkomen. Bovendien wordt er steeds minder rijst ingezaaid. Een handjevol verwerkers en exporteurs verdient miljoenen, terwijl de boer mede door de inflatie niet genoeg verdient om de volgende aanplant te betalen. Voor de voorjaarsoogst zou nu maar 40 procent van het areaal beplant zijn.

Een opvallend verschijnsel is de toename van het aantal ondervoede kinderen dat bij de dokter terechtkomt. De Surinaamse overheid heeft dit probleem lange tijd ontkend, maar kan er niet meer omheen nu wekelijks nieuwe gevallen van ondervoeding worden geconstateerd. Zelfs de bijvoeding die ziekenhuizen aan moeders van ondervoede baby's verstrekken, dreigt voor deze vrouwen - afkomstig uit de armste bevolkingsgroepen - onbetaalbaar te worden. Artsen zijn inmiddels begonnen met speciale projecten om erop toe te zien dat de moeders hun baby's goed bijvoeden: de vrouwen lengen de melkpoeder die hen wordt verstrekt soms onnodig aan om er langer mee te doen - waardoor de ondervoeding juist wordt versterkt - of ze verkopen hem door om extra inkomsten voor hun gezin te verwerven.

De Nederlandse minister J. Pronk heeft de vorige week aan de Stichting Tamara, financiële steun toegezegd om te kunnen zorgen dat scholieren een half jaar lang een dagelijks broodje kunnen krijgen. Dit is met enige verbazing in Suriname vernomen. Het besluit van Pronk ligt in de lijn van opmerkingen die hij eerder heeft gemaakt over het verstrekken van meer ontwikkelingshulp aan niet-gouvernementele organisaties en minder aan de Surinaamse overheid. Surinaamse kritici van Pronks initiatief menen dat het meer zin heeft gelden vrij te geven voor het beloofde Industriefonds om produktie en werkgelegenheid te bevorderen. Die betalingen zijn door Nederland bevroren in afwachting van een serieus begin met de sanering van de economie.

    • Leo Morpurgo