Clinton biedt G7-top in Detroit nieuw banenplan

WASHINGTON, 14 MAART. President Clinton werkt aan een plan voor de Groep van Zeven grootste rijke landen om met gecoördineerd beleid wereldwijd banen te creëren. Dat heeft hij gisteren in een interview voor de Detroit Free Press gezegd. Hij wil de meningen over een dergelijk plan peilen tijdens een conferentie van de G7-ministers van arbeid en van financiën vandaag en morgen in Detroit. Het plan zou uiteindelijk moeten worden gepresenteerd bij de G7-top in Napels, komende juni. De conferentie in Detroit houdt dus meer in dan gezamenlijk filosoferen, zoals aanvankelijk de bedoeling was. Sommige delegaties in Detroit spreken al over een gezamenlijk op te stellen besluit maar de Amerikanen willen te hoge verwachtingen temperen.

Volgens Clinton moeten de G7-landen het er in Detroit over eens worden dat “de werkloosheid in het ene land de werkloosheid in een ander land beïnvloedt, dat stagnerende lonen in het ene land de stagnerende lonen in een ander land beïnvloeden en dat de rijke landen gemeenschappelijke belangen hebben om samen te groeien”. Clinton vroeg zich af in hoeverre hij de Europese landen zou kunnen vragen om de werkgelegenheid te bevorderen door het snijden in hun uitgebreide sociale steunprogramma's. “Ik denk er geen moment aan dat zij hun beleid op het gebied van gezondheidszorg en steun voor gezinnen moeten laten schieten”, aldus Clinton “Maar ze moeten zich echt concentreren op de effecten van hun beleid op werkloosheid.”

Clinton had al voordat hij president werd een internationale werkgelegenheidsconferentie in het vooruitzicht gesteld. Omdat hij het afgelopen jaar zo druk was met het Amerikaanse vijfjarenplan voor de begroting, de twee handelsakkoorden Nafta en Gatt, heeft hij de conferentie moeten uitstellen. Nu hij de institutionele hordes op het gebied van de wereldhandel heeft genomen, wil hij speciaal Duitsland en Japan aanmoedigen om de eigen economie te stimuleren, zodat daar een prikkel voor internationale groei van kan uit gaan. Beide landen houden tijdens een recessie de hand op de knip. Duitsland houdt vast aan hoge rentes en Japan spaart ijverig, terwijl het een enorm overschot op de internationale betalingsbalans heeft.

Het aparte van deze G7-ontmoeting is dat er voor het eerst ministers van arbeid bij zijn betrokken. Normaal gaat het internationale gesprek alleen tussen ministers van financiën en ministers van handel. Inflatiebestrijding krijgt dan meer nadruk dan werkgelegenheid. “Ik denk niet dat ministers van financiën of directeuren van centrale banken geheel vrijuit gaan voor wat betreft de effecten van hun beslissingen op de werkloosheid”, zei de Amerikaanse minister van arbeid, Robert Reich, afgelopen week tijdens een bijeenkomst met buitenlandse journalisten. “Sommige directeuren van centrale banken en sommige ministers van financiën willen de werkloosheid graag aan “rigiditeiten op de arbeidsmarkt” wijten en wijzen daarom al hun verantwoordelijkheid van de hand. Ik denk niet dat dat kan. Macro-economisch beleid is van belang en speelt een rol in de handhaving van de werkgelegenheid”.

Reich vindt niet dat de werkgelegenheid wordt bevorderd door economische afslanking en door het verlagen van lonen, zoals nu her en der gebeurt. “Als je loonlijsten reduceert en lonen verlaagt, vergroot je de druk tot protectionisme”, aldus Reich. Bij protectionisme hoort ook vaak angst voor immigratie. Reich zou liever het tegenovergestelde willen zien: “Opening van de handelsroutes en investering in de eigen mensen. Ik denk dat er veel hoop is op meer banen en betere banen”.

Amerika maakt als enige G7-land grote economische groei door, gecombineerd met forse verlaging van de werkloosheid. Sinds de recessie in 1990 en 1991 zijn er in Amerika al drie tot vier miljoen banen bij gekomen. Bijna de helft van de Amerikanen heeft een baan, terwijl in de EG-landen het aandeel werkenden in de bevolking dichterbij een derde zit. In Nederland is het aantal werkenden het minst. Sinds 1970 zijn er in Amerika 41 miljoen banen bij gekomen en in de EG-landen, waar meer mensen wonen dan in Amerika maar de bevolking minder is gegroeid, slechts acht miljoen. En van die banen kwam het grootste deel van de overheid.

Ondanks de klinkende Amerikaanse resultaten wil Reich het Amerikaanse economische model niet geheel aan andere landen ten voorbeeld stellen. Er is veel om trots op te zijn in de Amerikaanse economie maar “de meeste Amerikanen hebben hun reële lonen gestaag zien dalen. Veel Amerikanen hebben niet langer de bijkomende voorzieningen, zoals ziektekostenverzekering”, aldus Reich. “In Europa daarentegen zijn de lonen de laatste vijftien tot twintig jaar omhoog gegaan.”

Amerikaanse mannen met een vierjarige universitaire opleiding hebben de afgelopen 20 jaar hun inkomens reëel met 5000 dollar zien dalen. Stijgingen deden zich voor bij de top 20 procent van de inkomenstrekkers. De meeste Amerikanen behielden hun levensstandaard door harder te werken of meer banen tegelijk te nemen. Vooral bij de lagere inkomensgroepen zijn twee tot drie slecht betaalde banen tegelijk niet ongebruikelijk. Volgens Reich is er een mogelijkheid tussen het Europese en Amerikaanse model in: “Een combinatie van investeringen in onderwijs, herscholing en een leerlingenstelsel, zoals die in Europa en Japan worden gedaan, en de dynamische arbeidsmobiliteit en -flexibiliteit zoals we die in Amerika vinden, allemaal gevat in een macro-economisch beleid dat groei en banen bevordert”.

Zowel Amerika als de EU-landen hebben te kampen met grote werkloosheid onder ongeschoolden. Ook in Amerika is er langdurige werkloosheid en zijn er veel mensen die het zoeken naar werk hebben opgegeven, speciaal in verpauperde binnensteden.

President Clinton heeft vorige week een nieuw informatie- en scholingsprogramma voor tijdelijk en langdurig werklozen voorgesteld. Er zijn in het verleden al veel scholingsprogramma's geweest en ook Reich erkent dat er veel zijn mislukt. Amerikaanse deelstaatregeringen hebben al het initiatief genomen om het beroepsonderwijs op middelbaar niveau weer op peil te brengen. Clinton wil de bijstand zodanig hervormen dat bijstandtrekkers, speciaal moeders met kinderen, door middel van opleidingen op de arbeidsmarkt worden gehaald. Het geld voor een dergelijk programma moet nog worden gevonden. De meeste bijstandtrekkers in Amerika zijn alleenstaande moeders met kinderen, zodat er crèches moeten worden opgericht om deze vrouwen aan het werk te krijgen. Een lage-loon-baan zonder medische verzekering is weinig aantrekkelijk voor een bijstandstrekker, die door de overheid medisch is verzekerd.

Tijdens een forum in Washington vorige week wees Lester Thurow van het Massachusetts Institute of Technology op de geringe kansen voor jonge nieuwkomers op de arbeidsmarkt, zowel in Europa als in de Verenigde Staten. “In de Verenigde Staten geven we hen part time banen met lage lonen. In Europa geef je ze een werkloosheidsverzekering. Maar in geen van beide gevallen geven we hen een kans op een goede baan”, aldus Thurow. Hij en een aantal andere deelnemers aan dit forum van het progressieve Economic Policy Institute, dat Bill Clinton vroeger van advies diende, raadden Keynesiaanse stimulering van de vraag aan door een internationale bundeling van krachten. “Als Lord Keynes terugkwam van de doden, zou hij zeggen: “Wat is er fout met jullie? Ik heb je geleerd om dit soort problemen te genezen”', zei Thurow.