Anatoly Karpov heerst in het oord Linares waar de kwetsbare klappen krijgt

LINARES, 14 MAART. Met nog één ronde te spelen heeft Anatoly Karpov in Linares een volstrekt unieke overwinning aan zijn eindeloze erelijst toegevoegd. Het aantal toernooien dat de Moskoviet op zijn naam heeft staan schommelt rond de honderd, maar geen trofee zal hij zo koesteren als de overdreven grote beker die hem morgenavond bij de prijsuitreiking zal worden overhandigd. Tot veler verrassing was de remise die de FIDE-wereldkampioen in de twaalfde ronde met zwart Viswanathan Anand afdwong voldoende om Garry Kasparov op een onoverbrugbare achterstand van anderhalf punt te houden. De PCA-kampioen wist geen aanvalskansen van betekenis te creëren tegen zijn secondant Alexander Beljavsky en legde zich na de eerste tijdcontrole zonder morren neer bij de onvermijdelijke remise.

De sleutelduels van de twee K's werden voor en tijdens de ronde met veel Iberische passie van een scala aan prognoses voorzien, maar tot aan het slot van Kasparovs partij hield nauwelijks iemand rekening met twee remises. Geruime tijd bepaalde Ljubomir Ljubojevic de stemming in de perskamer. De onstuitbare Joegoslaaf was, zoals op de meeste dagen, als een permanente geluidsbron aanwezig en kraaide na zo'n twee uur spelen dat de stelling van Karpov zeer kritiek was. Twee monitors verderop konden de belangstellenden zich ervan vergewissen dat Kasparov in een konings-indiër in ieder geval een optisch overwicht aan het opbouwen was.

De toestand van Karpov bleek al snel allerminst zorgwekkend. Anand zag zijn speldeprikken kundig beantwoord en stemde na 27 zetten in met een puntendeling. Nadat Karpov met de zelfbewustheid van een kampioen Anand in de analyse had uitgelegd dat deze nergens slechter had gestaan verliet hij de speelzaal zonder een verdere blik te werpen op het bord van Kasparov. De reden was simpel. Daar zag hij het nut niet van in: de uitslag van die partij kennen we al van de eerste zet.'

Karpovs sneer behoefde geen nadere uitleg. Al vele dagen deed het onvermijdelijke gerucht hardnekkig de ronde dat Beljavsky er niet onderuit zou kunnen om het punt te schenken aan Kasparov. Niet alleen zou hij Kasparov een dienst willen bewijzen, maar tevens zou hij zo Karpov een hak kunnen zetten. Beljavsky werkte in een grijs verleden ook als secondant van Karpov, maar de twee raakten in onmin toen Karpov Beljavsky uitmaakte voor verrader omdat deze Joesoepov had bijgestaan bij de voorbereiding op een match tegen hem, Karpov dus.

Het gerucht was zo sterk dat het ook Kasparov wel ter ore moest komen. Verbolgen wendde hij zich tot toernooidirecteur Rentero en bezwoer hem dat van een dergelijk handjeklap geen sprake kon zijn. Om geen twijfel te laten bestaan meldde hij Rentero in diens eigen idioom dat Beljavsky en hij zouden vechten tot de dood.

Een bijkomend probleem was echter dat Beljavsky al behoorlijk onder het bloed zat van alle ellende die hem hier is overkomen. Van zijn eerste elf partijen verloor hij er acht. De Oekraïner is totaal uit vorm en lijdt onder de onverbiddelijke huisregel van Linares. Wie hier kwetsbaar blijkt krijgt klappen.

Alles zag er somber uit, maar de wilde speculaties kregen geen vervolg. Beljavsky liet zich niet gek maken, zocht geen onnodige verwikkelingen op en accepteerde begrijpend het remisevoorstel van zijn baas. Zo opgelucht en opgefleurd als hij oogde bij de analyse na afloop had nog niemand hem hier gezien.

De overwinning van Karpov werd met vreugde begroet door Rentero. De rentenierende grootgrutter was al zeer in zijn nopjes vanwege het statistische resultaat van de voor Linares zo typerende strijdlust. Het percentage besliste partijen ligt ruim boven de zestig procent en dat doet de vechtjas zichtbaar goed. Nog mooier werd het leven door de eerste prijs van Karpov. Rentero zal Karpov in het openbaar geen vriend noemen, maar wil wel diplomatiek kwijt dat hij het hem van harte gunt: “Hij heeft hier al zoveel tegenslag gehad. Zelfs een kandidatenmatch verloor hij in mijn huis.” In zijn enthousiasme bevestigt Rentero zelfs het verhaal dat hij van plan is zich kandidaat te stellen voor het presidentschap van de FIDE, mits Campomanes zich terugtrekt. Of hij daarmee Karpov erkent als de ware wereldkampioen wil hij niet zeggen. Daar gaat hij niet over. Mysterieus kijkend stelt de machtigste man van Linares: “De wereldkampioen is de wereldkampioen.'

    • Dirk Jan ten Geuzendam