Meer concurrentie in streek- en stadsvervoer

DEN HAAG, 12 MAART. Er komt meer concurrentie in het stads- en streekvervoer. In de loop van 1995 of 1996 zal een aantal buslijnen openbaar worden aanbesteed. Ook touringcarbedrijven en buitenlandse maatschappijen kunnen inschrijven.

Met de concurrentie in het stads- en streekvervoer waarover het kabinet gisteren besliste, loopt Nederland vooruit op een Europese richtlijn over openbare aanbesteding van buslijnen. Een commissie onder voorzitterschap van de Tilburgse burgemeester Brockx werkt de plannen hiervan voor Nederland uit, evenals de vorming van de vervoerregio's die voor de aanbesteding zorg moeten gaan dragen.

Het kabinet wil voorzichtig met de openbare aanbesteding beginnen. In eerste instantie zal het gaan om een beperkt aantal netwerken, combinaties van drukke en minder drukke lijnen. Eerder was met name het streekvervoer bevreesd dat het om enkele lijnen zou gaan. In dat geval zouden touringcarbedrijven waarschijnlijk “de krenten uit de pap halen”, zoals topman C.J. Nyqvist van Verenigd Streekvervoer Nederland (VSN) het vorig jaar nog uitdrukte.

Tot gisteren was onduidelijk of behalve het streekvervoer ook meteen het stadsvervoer aan de openbare aanbesteding mee zou gaan doen. Het streekvervoer wilde dit graag, omdat het dan ook zelf zijn actieradius zou kunnen vergroten. De exploitatiesubsidies die nu nog rechtstreeks van het ministerie van verkeer en waterstaat naar het stads- en streekvervoer gaan, worden in de nabije toekomst overgeheveld naar de vervoerregio's. Die kunnen dat geld dangebruiken voor het betalen van de concessies. “Een en ander moet vervoersondernemingen stimuleren zich sterk op de markt te oriënteren en vervoerspakketten aan te bieden die reizigers aanspreken”, aldus het kabinet.

Hoe de openbare aanbesteding precies vorm gaat krijgen, is overigens nog onduidelijk. “Toetssteen bij de selectie van offertes wordt primair de kwaliteit van het aangeboden netwerk”, zo schrijft het kabinet slechts. Eerder liet de VSN het kabinet weten bang te zijn dat ongebreidelde concurrentie ten koste zou kunnen gaan van de maatschappelijke functie van het openbaar vervoer. Als Nederland wordt opgedeeld in allemaal kleine concessie-gebieden, versnippert het aanbod aan openbaar vervoer en ligt het gevaar op de loer dat minder drukke lijnen in het gedrang komen. Ook wees de VSN erop dat men weliswaar voorstander is van concurrentie, maar dat de touringcarbedrijven dan bijvoorbeeld ook zouden moeten meebetalen aan een voorziening als het informatienummer 06-9292, dat de NS en het stads- en streekvervoer 10 miljoen gulden per jaar kost.

Nu al verzorgen touringcarbedrijven hier en daar openbaar vervoer. Het gaat daarbij echter tot nu toe alleen om nog niet bestaande lijnen.