Geen correctie van inflatie; Nieuwe CAO voor Duitse ambtenaren

BONN, 12 MAART. Ook het Duitse overheidspersoneel (3,5 miljoen mensen) is akkoord gegaan met een gematigde CAO, namelijk een inkomensverhoging die met 2 procent circa 1,5 procent achterblijft bij de geraamde inflatie. Eerder waren in de chemie en de metaal al dergelijke nieuwe CAO's afgesproken.

Algemeen wordt in Duitsland aangenomen dat de voorbeeldfunctie van die CAO's een grote rol voor de overheidsvakbonden heeft gespeeld.

Na een vierde overlegronde in Stuttgart, die donderdagavond was begonnen, stemden de onderhandelaars van de vakbonden ÖTV en DAG gistermiddag ten slotte in met een nader aanbod van de overheidswerkgevers, dat volgens minister Manfred Kanther (binnenlandse zaken, CDU) “getuigt van gezond verstand en past in de huidige economische situatie waarin de overheden helaas niet verder konden gaan”.

Afgesproken is een CAO die per 1 januari 1994 ingaat en 15 maanden geldig blijft. Daarin krijgen de lager betaalde ambtenaren per 1 juli een verhoging van 2 procent, voor middelbare en hogere ambtenaren gaat die verhoging pas 1 september in. Door de looptijd van de CAO en de uitgestelde salarisverhoging komt de stijging in feite tussen 1 en 1,5 procent uit, de extra kosten voor Bonn, de deelstaten en de gemeenten belopen 2,4 miljard mark (exclusief post en spoor).

Ook is afgesproken dat het dertiende-maandsalaris voor drie jaar wordt bevroren en dat er voor de overheden een gunstiger regeling voor de betaling van overwerkuren komt (die kunnen over een langere periode worden verrekend met extra vrije uren). Voorts zullen nieuwe werknemers niet meer in de volle omvang in aanmerking komen voor de regeling dat in geval van ziekte tot 26 weken volledig salaris wordt doorbetaald.

De werkgevers hadden oorspronkelijk een 0-lijn gewild, de bonden waren begin dit jaar de onderhandelingen ingegaan met een eis van 4 procent. De overheidswerkgevers hebben een eis om het aantal vakantiedagen met twee te beperken moeten inslikken, de bonden hebben hun doel van volledige compensatie voor inflatie niet kunnen bereiken. Niettemin zei ÖTV-voorzitter Monika Wulf-Mathies gisteravond dat het overleg succesvol was geweest omdat “zowel de min- of 0-lijn als de verlenging van de arbeidstijd is verhinderd”. Tevreden zijn de vakbonden ook over de afspraak dat de overheidsssalarissen in Oost-Duitsland met tweemaal 2 procent zullen worden verhoogd.

In de deelstaat Nedersaksen heeft 63,6 procent van de leden van de IG Metall ja gezegd tegen de vorig weekeinde overeengekomen metaal-CAO, die een piloot-functie voor heel West-Duitsland heeft. Daarmee is de theoretische kans dat het in de metaal- en elektrotechische industrie nog tot stakingen zou komen, geheel verdwenen. Volgens het Duitse arbeids- en stakingsrecht hadden nu 75 procent van de leden van de IG Metall het CAO-akkoord moeten afwijzen om een staking wettelijk mogelijk te maken.