'Whitewater' duwt dollar en beurskoersen omlaag

NEW YORK, 11 MAART. De angst dat de Amerikaanse president Clinton door de Whitewater-affaire zijn greep op het Amerikaanse Congres verliest, heeft de Amerikaanse dollar gisteren fors doen dalen.

Nadat geruchten dat de Amerikaanse regering door de affaire in steeds grotere moeilijkheden verkeert de dollar in New York door de grens van 1,70 D-mark duwden, zakte de munt vanmorgen in Europa verder naar een koers van ruim 1,68 D-mark (1,8930 gulden). Dat is het laagste dollarniveau in vijf maanden. In het Verre Oosten was de Amerikaanse munt gedurende de nacht al verder verzwakt. In de Whitewater-affaire wordt onderzocht in hoeverre Clinton in zijn tijd als gouverneur in Arkansas, verliezen op een investering in land via de plaatselijke spaarbank heeft verhaald op de Amerikaanse overheid.

De val van de dollar, die werd versterkt door technische verkopen op de termijnmarkt, sleepte de obligatiekoersen mee. Die hadden ook te lijden van de stijgende goudprijs. De termijnprijzen voor goud in april stegen 8 dollar naar 388 dollar. Zowel een lagere dollar als een hogere goudprijs werden gezien als mogelijke veroorzakers van hogere inflatie in de Amerikaanse economie.

Door de veronderstelde voortekenen van inflatie klom het rendement op de Amerikaanse dertigjarige staatsobligatie van 6,84 procent naar 6,97 procent. Dat is hoger dan tijdens de turbulentie in de obligatiemarkten van de laatste weken, en het hoogste renteniveau sinds mei vorig jaar. Handelaren achtten het zeer wel mogelijk dat de Amerikaanse kapitaalmarktrente binnenkort de zeven procent overstijgt. De Amerikaanse obligaties drukten op hun beurt de aandelenkoersen naar beneden. De Dow Jones-index verloor licht, met 22 punten op 3830 punten.

Het Whitewater-effect werkte vanmorgen door op de Europese kapitaalmarkt. Vrijwel overal waren de obligatiekoersen lager. Omdat ook de koers van de maatgevende Nederlandse tienjaarsobligatie daalde, steeg BRS DOCUMENT BOUNDARY ***