Wel extraatjes in Maastricht, geen strafbare misstanden

Oud-minister van binnenlandse zaken C. van Dijk presenteerde gisteren in Maastricht een rapport over dubieuze beloningen van ambtenaren.

MAASTRICHT, 11 MAART. Aan het einde van de persconferentie waarop hij zijn rapport openbaarde, vond oud-minister Van Dijk het nodig zichzelf enkele vragen te stellen: “Ik heb me aan het eind van het onderzoek afgevraagd: Waarom was het in vredesnaam nodig dat ik hiervoor naar Maastricht moest komen? Was dit niet te vermijden geweest? Wat hebben wij meer gedaan dan wat een goed lopende organisatie zelf had moeten doen?”

Hij gaf er ongevraagd het antwoord bij: “Als hier een behoorlijke controle was uitgeoefend en als de veranderingsprocessen binnen de gemeente behoorlijk waren begeleid, had ik hier niet gezeten. Maar als je verkeerde mensen onbevoegd beslissingen laat nemen en allerlei onjuiste beloningen laat toekennen, help je een geruchtencircuit op gang. Dan creëer je op den duur een sfeer alsof er ontzaglijke misstanden heersen. Dat is de moraal van mijn verhaal.”

In juni vorig jaar kwamen de ambtenarenbonden CFO en AbvaKabo plotseling met het bericht dat Maastrichtse gemeente-ambtenaren klaagden over misstanden in de top van het ambtelijk apparaat. Een brief van het college van B&W had bij de klagers de emmer doen overlopen. In die brief kondigde het college aan, naar aanleiding van het gedwongen vertrek van twee wethouders, dat het toezicht op de naleving van regels zou worden verscherpt. Dan moest het college eerst maar eens bij de top beginnen, vonden de ambtenaren. De affaire veroorzaakte zoveel rumoer, dat het college niet om een onafhankelijk onderzoek heen kon. Zo mocht de oud-minister, die inmiddels een reputatie als onderzoeker van ambtelijke misstanden heeft hoog te houden, in Maastricht komen kijken wat daar van zijn regelgeving terecht was gekomen.

Een eerste onderzoek bracht enkele pikante voorbeelden van een Maastrichtse beloningscultuur aan het licht: er werden extraatjes uitgedeeld als een vouwcaravan, het schilderen van een huis op kosten van de gemeente, het vergoeden van een gestolen fiets, een schilderij of een verre reis. Dat was voor Van Dijk aanleiding om een vervolgonderzoek voor te stellen. De ware aard, omvang, oorzaak en oplossingen moesten zo aan het licht komen.

Misstanden in de vorm van ernstig plichtsverzuim of vermoedens van strafbare feiten zijn niet gevonden, zei Van Dijk gisteren bij de presentatie van zijn bevindingen. Wel trof hij een onjuiste toepassing aan van een niet onaanzienlijk aantal arbeidsvoorwaardelijke regels. Van de drieduizend posten die hij en zijn medewerkers hebben gecontroleerd, waren honderden niet in orde, schat hij. “Er bestaan heel duidelijke regels voor het belonen van ambtenaren. Als je bepaalt dat bijzondere vergoedingen alleen door het college van burgemeester en wethouders kunnen worden toegekend, moet je vervolgens niet allerlei uitzonderingen gaan maken. Voordat je het weet sluipt er een cultuur in je organisatie waarin het lijkt alsof alles kan. Misschien is het probleem van Maastricht wel dat hier veel zaken informeel worden geregeld, maar als zoiets doorslaat, ontstaat een voedingsbodem voor verdachtmakingen en geruchten.”

Naast Van Dijk zat burgemeester mr. Ph. Houben te beloven het leven van zijn organisatie te beteren. Volgens hem was het toezicht op de regels aangaande beloning er tijdelijk bij ingeschoten, omdat de gemeente een cultuuromslag aan het maken was van “traditioneel ambtelijk gedrag naar een bedrijfsgerichte denken in evenwicht met de eisen die het algemeen stelt”. De gemeente had daarbij de bewuste keuze gemaakt eerst de financiën op orde te brengen. Dat is volgens Houben dankzij een bezuinigingsoperatie van 70 miljoen gelukt.

“Geen enkel bedrijf kan overleven zonder een nauwgezette controle op zijn regels”, waarschuwde Van Dijk. De gemeente zal ervoor zorgen. Er ligt een ontwerp-besluit bij de gemeenteraad, waarin de handhaving van de regels wordt herzien. Een van de voorstellen is het aantrekken van een fiscaal-jurist, die het gebrek aan kennis op dat fiscaal terrein moet opvullen. De nieuwe medewerker zal de handen voorlopig vol hebben aan het afhandelen van de navorderingen, die de gemeente mag verwachten naar aanleiding van de beloningen in natura.

Om hoeveel gevallen het gaat, heeft Van Dijk niet kunnen achterhalen. “Van een aantal gevallen is duidelijk dat daarvoor alsnog een aanslag is te verwachten, maar er is ook een grijs gedeelte waarvan ik niet weet hoe de fiscus dat behandelt.”