Staande ovaties in het exotische land van Rembrandt

De eerste uitreiking van de zogenaamde Rembrandt Awards, een door het Nederlandse videobedrijf gesponsorde vorm van 'collectieve propaganda', was vorig jaar niet zo'n succes. Niet alleen vielen de kijkcijfers behoorlijk tegen, het beoogde effect van een stormloop op de bekroonde titels in de videotheken bleef ook geheel uit. Het zag er even naar uit dat het initiatief eenmalig zou blijven, maar toch wist Veronica iedereen binnen boord te houden voor een tweede poging. Het dinsdagmiddag in het Amsterdamse Park Plaza opgenomen en gisteravond uitgezonden tweede Rembrandt-gala maakte al een heel wat professioneler en minder rommelige en ordinaire indruk dan het eerste. Het aantal prijzen werd teruggebracht tot een overzichtelijker hoeveelheid van tien plus drie oeuvre-onderscheidingen en presentator René Mioch babbelde het evenement op zijn vertrouwde, oppervlakkige, maar zelden ongeïnformeerde toon aan elkaar.

Het grootste probleem blijft natuurlijk dat zo weinig prijswinnaars beschikbaar bleken om tegenover Mioch op de tweezitsbank plaats te nemen. Slechts de speciale oeuvreprijzen voor Lord Richard Attenborough en acteur Richard Dreyfuss, en de binnenlandse winaars Arnold Gelderman (voor de nasynchronisatie van de recente Disney-tekenfilms) en producent Rob Houwer plus acteur Antonie Kamerling voor de Nederlandse film De kleine blonde dood maakten hun opwachting in levende lijve, terwijl Jeroen Krabbé het beeldje in ontvangst nam voor Harrison Ford, zijn tegenspeler in The Fugitive. Het euvel werd voor een deel verholpen door het inmonteren van eerder opgenomen filmpjes van sommige laureaten met het beeldje in hun handen. Opvallend in hun dankwoorden was niet zo zeer dat ze betreurden er niet bij te kunnen zijn, maar dat meestal het publiek in de Benelux bedankt werd. Kennelijk is in de perceptie van Hollywood er al geen sprake meer van zoiets als een Nederlandse markt. Cijfermatig is het Nederlandse filmbedrijf immers al enige tijd het achterland van België.

Toch is de Rembrandt wel degelijk een strikt Hollandse aangelegenheid. In feite gaat het ook niet om een prijs, toegekend door een jury of een gezelschap vakbroeders, maar om een verkiezing door een niet-representatieve selectie van het bioscoop- en videopubliek, te weten de lezers van het Veronicablad. Sinds de jaren vijftig, toen 'Tuney Tunes' begon jaarlijks zijn lezers te vragen naar hun voorkeuren, heet zoiets ook in het Nederlands een 'poll'. In dat verband kan bij voorbeeld niet alleen gevraagd worden naar de beste acteur (Ford) en actrice (Demi Moore in Indecent Proposal), maar ook naar de meest aantrekkelijke acteur (Jean-Claude van Damme, de Belgische krachtpatser) en actrice (Sharon Stone). Met het oog op de sponsor werd niet alleen gevraagd naar de beste bioscoopfilm van 1993 (Jurassic Park, ook uitverkoren voor de regie van Steven Spielberg), maar ook naar de beste huurvideo (Under Siege) en koopvideo (The Bodyguard), alsmede naar de populairste filmsong (What's Love Got To Do With It? uit de gelijknamige biografie van Tina Turner).

De Rembrandt verhoudt zich dus tot het Gouden Kalf als de Televizierring tot de Nipkowschijf. Het is begrijpelijk dat er behoefte bestaat aan een populaire, om niet te zeggen populistische tegenhanger van de met meer prestige omgeven traditionele filmprijzen. Ook is het misschien logisch om je dan voor het stemvee te wenden tot een groot publiekstijdschrift, al zou een enquête onder de bezoekers van bioscopen en videotheken of zelfs gewoon een prijs voor de grootste omzet eveneens denkbaar zijn. Niet op te lossen valt het probleem dat voor de meeste internationale, lees Amerikaanse filmmakers en -sterren Nederland een zeer exotische uithoek vormt. Het vullen van de zaal met hun uitgebreid in close-up genomen Nederlandse collega's helpt weinig aan het chronische, per definitie ingebakken gebrek aan glamour van de Rembrandt-uitreiking. Als om dit gebrek te onderstrepen, hield de zaal zich consequent aan de bizarre en armoedige Nederlandse gewoonte om elke gast voor de moeite van zijn komst een staand applaus te bezorgen.

    • Hans Beerekamp