Het laagste punt

ALARMERENDE BERICHTEN. In de eerste twee maanden van dit jaar zijn in Nederland bijna drie keer zoveel asielverzoeken ingediend als in dezelfde periode een jaar geleden. Tijdens de winter in vaste verblijven ondergebrachte asielzoekers zullen weer in tentenkampen moeten worden gehuisvest. Wat dat betekent voor de aanzwellende stroom nog te verwachten vluchtelingen laat zich raden. De paniek van vorig jaar zal zich herhalen, zij het in verhevigde mate. Tegen de tijd van de Kamerverkiezingen zal de immigratie waarschijnlijk opnieuw in het brandpunt van de belangstelling staan, en dus de uitslagen sterk beïnvloeden.

De dynamiek van de immigratie wordt vanouds gevoed door ellendige politieke en economische omstandigheden op de plaats van vertrek. Maar wat Nederland betreft is er een factor bijgekomen: het wat de afweer van buitenlanders betreft succesvolle beleid in het buurland Duitsland. Het aantal asielaanvragen daar is in het tweede halfjaar van 1993 met 56 procent gedaald. Het concept 'veilige landen' heeft dat bewerkstelligd, menen tevreden politici in Bonn. Veilig is een land waarvan op voorhand is vastgesteld dat daar geen gevaar voor vervolging is te vrezen. Het concept houdt in dat de asielzoeker die uit of via een zogenoemd veilig land de bondsrepubliek binnenkomt, per kerende post wordt teruggestuurd. Vluchtelingen uit Oost- en Zuidoost-Europa en uit een enkel Afrikaans land als Ghana kunnen het welhaast voor gezien houden.

DE DUITSE AFWEERMETHODE leidt er automatisch toe dat veel vluchtelingen nu in andere landen, waaronder Nederland, aankloppen. En menig asielzoeker ziet nog kans Nederland via Duitsland te bereiken. Dat zou kunnen betekenen dat de Europese buitengrens in Duitsland minder waterdicht is dan in Bonn wordt aangenomen, ofwel dat asielzoekers de Bondsrepubliek slechs als transit gebruiken. Het is alleen al daarom begrijpelijk dat er in Nederland stemmen op gaan om het 'veilige-landen'concept over te nemen. Het zou de Nederlandse autoriteiten formeel in staat stellen althans de vluchteling die via de buurlanden arriveert te weren.

Vanzelfsprekend zijn hieraan een aantal bezwaren verbonden, principiële en praktische. Een principieel bezwaar is dat het afschuifsysteem de veiligheid van de geweerde uiteindelijk in gevaar brengt. Het veilig verklaren van een land is immers nooit meer dan een momentopname. Bovendien hebben Nederlandse autoriteiten op zijn best een troebel zicht op de gevolgen van hun besluiten. Een praktisch probleem zou kunnen worden dat het aantal verzoeken om herziening van afwijzingen toeneemt. Weliswaar is de ruimte voor het vluchtelingenappel in Nederland aanzienlijk beperkt, in Duitsland evenwel heeft het nieuwe beleid tot een groeiend aantal beroepszaken en dus tot een zwaardere belasting van de rechtspraak geleid.

TEN SLOTTE, wordt gezegd, het merendeel van de asielzoekers in Nederland is afkomstig uit notoir onveilige landen. Maar de vraag is of dat argument afdoende is. Want juist het veilige-landenconcept zou het Nederland mogelijk maken vluchtelingen naar buurlanden terug te zenden voor zover zij via die buurlanden zijn binnengekomen. Weliswaar dient zich het nare vooruitzicht aan van een 'spelletje pingpongen' met immigranten, zoals in het verleden met België via Roozendaal. Maar dat zou dan Europa zich dienen aan te trekken. De gevolgen van de nieuwe Duitse asielpolitiek horen immers per definitie op de Europese agenda.

Een prikkel voor de buren om hier en daar een dam op te werpen zou Nederland intussen van pas komen. Zoals het nu gaat loopt het water naar het laagste punt.