Oermens al heel vroeg in Azië

Age of the earliest known Hominids in Java, Indonesia. C.C. Swisher III, G.H. Curtis, T. Jacob, A.G. Getty, A. Suprijo, Widiasmoro. Science, vol. 263, 25 febr. '94, 1118-1121.

Sinds jaar en dag is de paleo-antropologie verdeeld in verschillende kampen die elkaar voortdurend in de haren zitten. Over één opvatting echter heerste een roerende eensgezindheid: Homo erectus ontstond ongeveer 2 miljoen jaar geleden in Afrika en verliet 1 miljoen jaar later zijn geboortegrond om Azië en Europa te koloniseren. Sommige onderzoekers, waaronder Louis Leakey, voegden daar nog aan toe dat deze stap mogelijk werd toen Homo erectus eenmaal beter vuurstenen gereedschap (zogenoemd Acheulien of Acheuleaan) had ontwikkeld. Vuistbijlen bijvoorbeeld.

Maar in Science van 25 februari rapporteren Swisher en Curtis, verbonden aan het Institute of Human Origins in Berkeley, dateringen die wellicht tot een herziening van deze consensus kunnen leiden. Het gaat om drie Javaanse Homo erectus fossielen: een schedelkapje van een jong kind uit Mojokerto, ontdekt in 1936, en botmateriaal van twee individuen dat in de tweede helft van de zeventiger jaren is gevonden bij Sangiran. Op basis van dateringen van de geologische lagen waaruit de vondsten afkomstig waren werd voor het schedelkapje een ouderdom van 1 miljoen jaar geaccepteerd; voor de Sangiran-resten 900.000 en 700.000 jaar. Beide keurig in lijn met de theorie.

Argon

Curtis en Swisher togen in 1992 en 1993 naar Mojokerto en Sangiran om grondmonsters op de vindplaatsen te nemen. Ze lieten er een nieuwe dateringstechniek op los: de Argon-Argon methode. Simpel gezegd zet die het verval van Argon-isotopen om in jaren ouderdom. Dat leverde een grote verrassing op: het schedelkapje zou 1,8 miljoen jaar oud zijn, de vondsten uit Sangiran ongeveer 1,6 miljoen jaar.

Volgens de nieuwe dateringen lijkt men dus nu met de kwestie te zitten dat er twéé erectus-populaties bestonden van ongeveer gelijke ouderdom in ver uiteen liggende gebieden van de wereld. Weg theorie daarom? Wie weet. Als de dateringen juist zijn ligt de gehele, afgehandeld veronderstelde discussie weer open.

Twee alternatieve scenario's komen dan op tafel. In de eerste plaats natuurlijk dat er veel vroeger dan werd aangenomen Homo erectus groepen uit Afrika moeten zijn vertrokken. Mogelijk vóór de 'uitvinding' van het Acheulien vuurstenen gereedschap. Dat zou dan, volgens Swisher en Curtis in Science, tevens een plausibele verklaring kunnen zijn voor het feit dat er op geen enkele erectus-vindplaats in Azië ooit Acheulien-gereedschap is gevonden.

Het is dan echter ook denkbaar dat er nooit een exodus van Homo erectus uit Afrika heeft plaatsgevonden. Het kan zijn dat een van déns voorouders: Australopithecus afarensis of Homo habilis, Afrika al verliet. Hiertegen pleit dat er nooit resten van hen buiten Afrika werden gevonden. Maar wat niet is, kan nog komen. Als de dateringen juist zijn dan staat in ieder geval de veronderstelling over de plaats van Homo erectus' oorsprong ter discussie. En wat verder weg misschien ook die over de wieg van Homo sapiens sapiens, de moderne mens.

Als de dateringen juist zijn. Daar draait alles om. En hier zit meteen ook het grote probleem voor Swisher en Curtis. Allereerst moet ondubbelzinnig worden aangetoond dat de Java-fossielen in situ zijn aangetroffen. Dat wil in dit geval zeggen dat de lichamen van de wezens van wie de resten afkomstig zijn, bleven liggen waar ze stierven. Dat ze niet werden verplaatst door dieren, rivieren of geologische processen naar afzettingen waar ze in de tijd gezien niet thuishoorden.

Daarna moeten de Afrikaanse aardlagen met dezelfde Argon-techniek worden gedateerd. Het is immers heel riskant om de resultaten van zeer verschillende daterings-methoden te vergelijken.

En dan rest de Californische onderzoekers ook nog de verplichting te bewijzen dat hun grondmonsters op exact dezelfde plaatsen zijn genomen als de Java-fossielen werden gevonden. Wie de archeologische praktijk ook maar een beetje kent, weet wat voor kluif ze daaraan krijgen.

Bij de komende verdediging van hun claim zullen Swisher en Curtis echter niet om deze methodologische eisen heen kunnen. Zeker niet om de laatste. Want de mogelijkheid blijft levensgroot aanwezig dat ze op een zeer verfijnde manier niet meer dan een paar aardlagen hebben gedateerd.

    • Theo Holleman