Hockeyers spelen gevarieerd, 'bijna ideaal' tegen Duitsers

AMSTELVEEN, 10 MAART. Het leek waarachtig wel een beetje op Ajax. De bal was weliswaar een stuk kleiner en de spelers hadden een stick in hun hand, maar het Nederlands hockeyteam speelde in de eerste helft van het beladen oefenduel tegen olympisch kampioen Duitsland ook snel, gevarieerd en super-aanvallend. Bondscoach Roelant Oltmans noemde het hockey van zijn ploeg in die fase “bijna ideaal”. “Ik heb zitten genieten.”

Mede door drie treffers in vier wervelende minuten stond Nederland bij de rust met 4-0 voor. De marge had gemakkelijk nog groter kunnen zijn. Op een woensdagavond voor 5.000 enthousiaste toeschouwers in het Wagenerstadion leek Nederland tegen de aartsrivaal op de grootste zege uit de historie af te stevenen - in mei '80 werd er in Keulen met 4-0 en in oktober '81 in Amstelveen met 5-1 van Duitsland gewonnen. Maar na rust stokte de Nederlandse aanvalsmachine. Er werd nog wel een keer door de thuisploeg gescoord, maar verder stond Oranje met de rug tegen de muur en won het de wedstrijd uiteindelijk slechts ternauwernood: 5-4.

De Duitse bondscoach Paul Lissek bekende na afloop dat hij een afstraffing had gevreesd. Hij noemde de eerste helft “een catastrofe” voor zijn ploeg, “tegen één van de beste Nederlandse teams die ik ooit heb gezien”. Lissek vertelde zijn spelers onder de thee in de rust, dat ze het niet Oltmans geniet van

hockey naar Ajax-model

konden maken om met grote cijfers te verliezen. Dus geven Duitsers in zo'n geval nog één keer alles. En dat terwijl Nederland juist wat gas terugnam. Volgens Oltmans was dat logisch. Zijn selectie is nog geen etmaal later vertrokken voor een zware trip. Eerst worden er twee oefenduels in en tegen India gespeeld en vervolgens staat in Pakistan het toernooi om de Champions Trophy op het programma.

Het wedstrijdje tegen Duitsland, om de onbelangrijke Mees Pierson Trofee, kwam derhalve niet echt gelegen. Amper twaalf uur na het eindsignaal moesten de spelers zich alweer op Schiphol verzamelen, waardoor een zware blessure fataal zou zijn geweest.

Het duel was echter al lang geleden vastgesteld. De tegenstanders reden er even voor heen en weer uit Duitsland. Lissek had daar geen moeite mee. Hij kon de oefening goed gebruiken. Zijn spelers hebben de in Duitsland populaire zaalcompetitie afgewerkt en moeten nu weer aan het veld wennen. “Dat was goed te merken”, aldus Lissek. “De Nederlanders waren balvaster dan onze spelers.” Daarom ook wist Oltmans dat hij niet “het ware gezicht” van Duitsland had gezien. “Hoewel het ook is voorgekomen dat de Duitsers zo vanuit de zaal de Champions Trophy wonnen.”

Op weg naar het wereldkampioenschap in november in Australië speelt Nederland liefst dertig interlands. Daarna moet er een team staan dat in staat is de titel te verdedigen. Oltmans ziet wat dat betreft steeds progressie in het spel van Oranje. Bij het toernooi om de Champions Trophy van verleden jaar constateerde de coach dat er sprake was van te weinig variatie in de Nederlandse aanvallen. Sindsdien werkt hij daar met zijn spelers aan. Zoals bij zovele sportteams stond Ajax model. Oltmans is een fan van het spel van de Amsterdamse voetbalclub. Hij probeert zo nu en dan een wedstrijd te bezoeken en sprak onlangs tijdens een bijeenkomst van coaches met collega Louis van Gaal.

Volgens Oltmans hoort aanvallend spel bij Nederland, ongeacht de tak van sport. Het ligt in de aard van de Nederlander. “Hier wordt ook niet geaccepteerd als een ploeg niet aanvalt”, aldus Oltmans. “Neem het Belgisch voetbalelftal. Dat verliest met 1-0 van Malta en wint met maar 1-0 van het Zeeuwse elftal. Dat zouden ze hier niet pikken. Hier zou al lang om het ontslag van Dick Advocaat zijn geroepen.”

Helemaal hetzelfde als het Ajax-spel is het systeem van Oltmans niet. Hockey is een veel snellere sport dan voetbal. De bal doet er derhalve veel minder lang over om van de ene naar de andere kant van het veld te komen. “Daarom moeten we meer zekerheden inbouwen.” Desondanks blijft het pressiespel van zijn team risicovol, aldus Oltmans. Dat was tegen de Duitsers duidelijk te zien. De spelers voerden in de tweede helft hun taken niet meer naar behoren uit en meteen vielen er vier tegentreffers.

Oltmans vraagt vooral van zijn verdedigers een grote concentratie en discipline. Hij is onverbiddelijk, bijna in strijd met de hockeycultuur, voor degenen die in de fout gaan. Voorstopper Erik Jazet bracht zijn ploeg in de beginfase door getreuzel twee keer in gevaar en kon al binnen een kwartier plaatsnemen in de dug-out. De uitleg van Oltmans: “Voor hem was er even geen weg terug.”

Doelman Bart Looije redde vlak voor tijd de zege voor het Nederlands hockeyteam tegen Duitsland. Hij wierp zich voor de stick van Michael Green en voorkwam daarmee dat de Duitser voor 5-5 kon zorgen.

Bijna was de riante voorsprong die Nederland voor rust had genomen niet genoeg geweest. Jacques Brinkman passeerde in de dertiende minuut met een droge knal zijn voormalige ploeggenoot bij Gladbacher HTC, Albert H. Van de dertigste tot en met de 34ste minuut breidde Oranje de stand van 1-0 naar 4-0 uit door doelpunten van wederom Brinkman (na een fantastisch lengtepass over 25 meter van Van den Honert), Van Wijk (uit een moeilijke hoek) en Veen (uit de rebound na een schot van Van den Honert).

In de tweede helft scoorde Meinhardt tegen, maar bracht Bovelander via een benutte strafcorner de marge weer op vier. Daarna kwamen de Duitsers door Tewes (corner), Moissl en nogmaals Meinhardt terug tot één doelpunt.

    • Hans Klippus