Commissie na onderzoek; Ambtenaren in Maastricht'soepel' beloond

MAASTRICHT, 10 MAART. De gemeente Maastricht kent een “niet onaanzienlijk” aantal onrechtmatige toepassingen van regels voor de beloningen van ambtenaren.

Meestal is de onrechtmatigheid vooral een formele kwestie, maar in enkele gevallen is bewust in strijd met de regels gehandeld omdat de officiële weg te omslachtig is. Van zeer ernstig plichtsverzuim of vermoedens van strafbare feiten is daarentegen niets gebleken.

Tot die conclusie komt een onafhankelijke commissie, die onder leiding van oud-minister drs. C. van Dijk een onderzoek heeft ingesteld naar geruchten dat ambtenaren van de gemeente Maastricht regelmatig over de schreef zouden gaan bij het incasseren van bijzondere beloningen. De geruchten waren vorig jaar neergelegd in een zwartboek dat door de ambtenarenbonden AbvaKabo en CFO bij het gemeentebestuur was gedeponeerd.

Uit een eerste onderzoek, dat vorig jaar naar aanleiding van de geruchtenstroom was ingesteld, had Van Dijk de conclusie getrokken dat er aanleiding was voor een vervolgonderzoek naar de juiste toepassing van arbeidsvoorwaardelijke regels. Hij was onder meer gestuit op merkwaardige vergoedingen voor woon-werkverkeer, gestolen fiets-vergoedingen en betalingen in natura aan topambtenaren die geen overwerk kunnen declareren. Zo had een van hen een educatieve reis met een hoog recreatief gehalte naar China mogen maken en had een ander een schilderij ter waarde van 8.000 gulden gekregen. Inmiddels heeft de gemeente dergelijke betalingen in natura verboden.

In het vervolgonderzoek zegt Van Dijk slechts één nieuwe betaling in natura te hebben ontdekt. Over de aard daarvan zwijgt hij. Voor deze manier van belonen is volgens hem gekozen om een omslachtige procedure voor het toekennen van bijzondere beloningen te vermijden. Alle beloningen in natura werden bij de fiscus gemeld, al werd in sommige gevallen een manier gekozen die fiscaal-juridisch niet acceptabel is, schrijft Van Dijk. Hij vermoedt ook dat veel gratificaties aan ambtenaren vanaf schaal 11 eigenlijk verkapte overwerkvergoedingen zijn.

In talrijke andere gevallen werden regels omtrent beloning volgens onjuiste procedures genomen, bijvoorbeeld door besluiten niet of pas achteraf aan het college van B&W voor te leggen. Uit het onderzoek blijkt dat veel besluiten over de toepassing van arbeidsvoorwaarden achteraf werden gesanctioneerd. Van Dijk vraagt zich af of de besluiten dezelfde strekking hadden gehad als zij meteen door de juiste instanties waren genomen.

Ook de declaraties van onkosten laten aan duidelijkheid te wensen over, schrijft Van Dijk, maar hij heeft geen gevallen van dubbel declareren kunnen achterhalen. Wel constateert hij dat die mogelijkheid er is, omdat bijvoorbeeld bij het afrekenen met creditcards kon worden volstaan met het overleggen van het afschrift van de betaalopdracht.