British Columbia

Het informatieve artikel van Joost van Kasteren (W&O 10 febr.) over ontbossing in het Canadese British Columbia (B.C.) heeft toch wat aanvulling nodig. Ik ken het gebied van twee lange reportagereizen met mijn collega Monique Teubner. Het conflict afschilderen als environment versus jobs is te simpel. Het is ook een kwestie van cultuur.

Jarenlang waren houthakkers de trots van B.C. Samen opgegroeid in kleine bosbouwstadjes en in de overtuiging dat je 'verrot' oerbos snel moet verversen, vormden industriëlen, vakbondsleden, politici en magistratuur een hecht en zelfgenoegzaam blok. Meer nog dan ons eigen groene agrarische front. Die droom is ruw verstoord door jonge, stadse milieuactivisten. Alleen dat al maakt de animositeit en de zware straffen voor blokkade-acties begrijpelijk. Verder trekt, na een slechte periode, de houtmarkt net weer aan. Ironisch genoeg mede door kapverboden in oerbos in de Verenigde Staten. B.C. ruikt handel en heeft dus even geen tijd voor milieu-lastpakken en proefjes met selectieve houtkap. Clubs als Greenpeace van hun kant vrezen juist nu het ergste en trekken luide aan de bel.

Maar er komen scheuren in het donkergroene front. De industrie heeft namelijk verzuimd tijdig te moderniseren en in eigen land voldoende meerwaarde te produceren. Het gevolg was een golf van noodingrepen, toen recessie en milieubeweging tegelijk toesloegen. Milieugroepen krijgen de schuld, maar autonome fabriekssluitingen en automatisering zorgen voor veel meer banenverlies. Ook de aanplant van nieuw bos loopt achter, zodat straks al het kaprijpe bos op is. Ergo, nog meer banen weg. Intussen krijgen ook loggers zoetjesaan oog voor milieuzaken. Er raken er dan ook heel wat emotioneel in de knoop. Zelfs in de vakbonden gaan nu stemmen op om het woud uit handen van de houtmultinationals te halen.

Voor extra argwaan zorgt de curieuze PR van de industrie. Zo huurde men in 1991 Burson-Marsteller Ltd. in als vaste PR-partner. B-M (specialist in beheersing van imago-crises) diende tijdens de 'vuile oorlog' in Argentinië de toenmalige militaire junta van advies.

Bedenkelijk zijn ook de share-groups die de industrie financiert als tegenpool van de milieubeweging. Die 'lokale burgerinitiatieven' komen uit de koker van een zeer rechtse Amerikaanse lobbyist, Ron Arnold, die in de VS soortgelijke wise use-groepen opzette. Zijn Centre for the Defence of Free Enterprise (CDFE) wil alle natuurgebieden openstellen voor exploitatie.

    • Drs. Michel Robles