Aanslag op Heathrow toont nieuwe impasse in Ulster aan

LONDEN, 10 MAART. De IRA heeft met het afschieten van vier mortiergranaten op de noordelijke startbaan van London-Heathrow een explosieve lading gelegd onder de vredesvoorstellen van de Britse en Ierse regering. De aanslag op het vliegveld, woensdagavond tegen zes uur, is door het niet ontploffen van de granaten niet uitgelopen op een ramp van desastreuze omvang. De meningen zijn nog verdeeld over de vraag of dit effect opzettelijk was of niet.

De politie heeft zich verdedigd tegen de beschuldiging dat vliegtuigen langer dan een half uur na de landing van de granaten bleven landen en opstijgen van de getroffen baan. Zij zegt dat zij on-specifieke waarschuwingen heeft gehad, die aanvankelijk alleen tot verhoogde waakzaamheid in de luchthavengebouwen zelf hebben geleid. Het vliegverkeer op Heathrow, met 42 miljoen passagiers per jaar 's werelds drukste luchthaven, was vanmorgen nog ontregeld.

De aanslag werd gepleegd vanuit een auto die geparkeerd stond op het parkeerterrein van het Excelsior-hotel, een van de vele hotels in de onmiddellijke nabijheid van de omheining van het enorme luchthavencomplex. De terroristen lanceerden vier mortiergranaten, buizen van zo'n 1.80 lang met in de kop een hoogst explosieve lading, over een café en over Heathrow Policestation, in de richting van de noordelijke start- en landingsbaan. Twee van de granaten kwamen op de landingsbaan terecht en bleven daar ongeëxplodeerd liggen, in de directe nabijheid van opstijgende (op de noordelijke baan zelf) en landende (op de parallelle zuidelijke baan) vliegtuigen.

Het duurde meer dan een half uur vóór de politie verband legde tussen de waarschuwingen met erkend IRA-codewoord en de laaiende brand op het parkeerterrein van het hotel, die was ontstaan bij het afschieten van de granaten. Toen werd onmiddellijk alle verkeer in en buiten het vliegveld stopgezet, met een enorme verkeerschaos als gevolg.

Tijd en wijze van de aanslag wijzen erop dat de IRA a spectacular wilde demonstreren op de dag dat het Britse Lagerhuis opnieuw in grote meerderheid stemde voor het handhaven van de noodwetgeving ter beteugeling van terrorisme, de Prevention of Terrorism Act. De gebruikte methode is bekend uit Noord-Ierland, maar op het vasteland van Engeland was dit nog maar de tweede keer dat een mortieraanval werd gelanceerd.

Drie jaar geleden was de ambtswoning van de premier, 10 Downing Street, het object van een soortgelijke aanslag, toen terroristen een auto parkeerden in Whitehall en vandaar schuin naar de overkant schoten. De inlichtingendiensten zeggen dat voor een dergelijke methode gespecialiseerde IRA-eenheden naar Engeland overkomen, omdat de IRA-cellen die op het vasteland bommen leggen, daarvoor de kennis en het materiaal niet in huis hebben.

De Britse regering liet gisteravond meteen weten dat zij zich door de aanslag niet zal laten afhouden van het vredesproces dat zij op 15 december vorig jaar met de Ierse regering in gang heeft gezet in de zogenaamde Downing Street Declaration. Maar uit haar eigen achterban komen nu geluiden van Lagerhuisleden die zeggen dat de verklaring dood is. Ook in Dublin, waar tot nu toe de hoop op een positief antwoord van Sinn Fein op het Brits-Ierse vredesvoorstel nog levendig werd gehouden, is de somberheid toegenomen.

De meest optimistische geluiden komen nog van die waarnemers die erop wijzen dat de aanslag een teken kan zijn van gespleten gelederen binnen de IRA zelf. De theorie is dan dat de hardliners met de mortieraanval een waarschuwing hebben willen geven aan diegenen in de IRA- en Sinn Fein-gelederen die geneigd lijken in te gaan op het vredesvoorstel.

Anderen menen dat de IRA in het geheel niet gespleten is en dat zij met de aanslag slechts haar vermogen heeft willen onderstrepen om zogenaamde “economische doelwitten” te treffen en daarmee paniek te zaaien, als zij niet alsnog de concessies krijgt waarom zij vraagt. Twee weken geleden gingen met die kennelijke bedoeling op zaterdagmorgen brandbommen af in een tiental grote winkels in het hart van Londen.

In Londen gaat vandaag het Iers-Britse overleg voort dat gebruikelijk is geworden in het kader van het Anglo-Irish Agreement van 1985. Beide regeringen willen de indruk wekken van business-as-usual. Maar nu de IRA de uitgestoken hand lijkt te willen beantwoorden met explosies en nu de Ulster Unionisten hebben laten weten bij het zoeken naar vrede in Noord-Ierland niet te willen samenwerken met Dublin, is er in feite opnieuw sprake van een impasse op weg naar een duurzame oplossing van de geschillen in Noord-Ierland.

    • Hieke Jippes