Utrecht wil voorlopig geen sneltram in stad

UTRECHT, 9 MAART. De aanleg van een sneltram door de Utrechtse binnenstad wordt op de lange baan geschoven. De verbetering van het bestaande openbaar vervoer krijgt voorlopig alle aandacht.

Dit bleek gisteravond bij de onderhandelingen over de vorming van een nieuw college in Utrecht. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van vorige week zijn D66 en GroenLinks - beide tegenstander van een bovengrondse tram door het centrum - de grootste partijen geworden. De lijsttrekker van D66, H. Kernkamp, zei dat het nu tijd is voor 'verzoening', maar dat de andere partijen ook een gebaar zullen moeten maken.

PvdA-lijsttrekker A. Najib wil de tram onderwerpen aan een referendum, maar dat stuitte op verzet bij de winnaars. GL-lijsttrekker A. Rijckenberg sprak van een 'brevet van onvermogen'. Het bestaande openbaar vervoer is immers geen reëel alternatief voor de tram, aldus D66 en GroenLinks. CDA-lijsttrekker J. Zwart kondigde aan dat zijn partij na het gevoelige verlies van vorige week zich 'zeer nederig' zal opstellen en dat het er nu om gaat te bekijken hoe de uitbreiding van het openbaar vervoer gerealiseerd kan worden. In ieder geval willen de partijen voorkomen dat de Centrumdemocraten die niet voor de onderhandelingen zijn uitgenodigd, de doorslag geven bij een besluit over de tram. “Dat kunnen we ons niet permitteren”, aldus Zwart.

Najib sloot niet uit dat de PvdA een 'adempauze' zal nemen en in de oppositie zal gaan. In ieder geval zal hij zelf niet in het college plaats nemen.

VVD-lijsttrekker W. van Willigenburg had zich aanvankelijk gekeerd tegen het voorstel om af te zien van de tram. Hij signaleerde het “gevaar van een college van hangpunten dat in stroperigheid dingen afschuift'. In tweede termijn zei hij echter bereid te zijn tot een compromis en toonde hij zich ingenomen met het PvdA-voorstel voor een referendum.

D66 en GroenLinks zullen een voorstel doen voor een programma op hoofdlijnen waarover vrijdagmiddag met de andere partijen verder zal worden onderhandeld.