Stekelenburg: Het is hier geen koekoek één zang

ROTTERDAM, 9 MAART. Voorzitter W. Spit van het Nederlands Katholiek Vakverbond signaleerde het al meer dan twintig jaar geleden. “Men moet zich er niet over verbazen, dat de geschiedschrijver van de Nederlandse vakbeweging welhaast op elke bladzijde melding moet maken van spanningen, van stroom en tegenstroom, van heftige discussies en moeizame compromissen, van open conflict-situaties ook.”

Niets nieuws onder de zon dus, nu er grote spanning is gerezen tussen de vakcentrale FNV en de aangesloten bonden. Dat is inherent aan een open, pluriforme organisatie die opereert op een weerbarstig werkterrein, zegt voorzitter J. Stekelenburg. “Het is hier geen koekoek één zang, en dat is maar goed ook.”

De FNV-voorzitter, sinds 1988, zegt de gisteren in deze krant aangesneden problemen te “herkennen” - al kan hij geen waardering opbrengen voor de door informanten bedongen anonimiteit - maar de interpretatie (oplopende spanning en irritatie) “niet te delen”. Stekelenburg: “Ik heb niet in de verste verte het gevoel dat ik me hierover zorgen moet maken”.

De vakcentrale moest vorige week in de Sociaal-Economische Raad (SER) onder druk van opponerende bonden terugkomen op een eerder gesloten compromis met werkgevers en Kroonleden over het sociaal-economische beleid voor de middellange termijn. Bonden bestempelden gedane concessies als onverantwoord, de Industriebond sprak over het failliet van de overlegeconomie en werkgevers noemden de FNV-draai onthutsend.

“Het is allemaal niet zo verschrikkelijk leuk”, erkent Stekelenburg, “maar het moet ook niet worden overdreven. Als de overlegeconomie er niet tegen kan dat je achterban soms een andere afweging maakt, dan is dat mijn overlegeconomie niet. Het kenmerk van overlegeconomie is dat je niet continu je eigen boodschap zit te droppen, maar dat je met elkaar probeert een zekere ordening te krijgen in de hoofdlijnen van het sociaal-economisch beleid. De hoofdlijn in het SER-advies is 15 miljard voor verkleining van de wig (verschil tussen bruto loonkosten en netto loon, red.) in de komende kabinetsperiode en ik ben blij dat we als FNV die hoofdlijn steunen.”

Bij de vakbonden groeit de frustratie over de teleurstellende uitwerking van het jongste Najaarsakkoord tussen vakbeweging en werkgevers over een 'nieuwe koers' in het arbeidsvoorwaardenbeleid. De beoogde nullijn komt volgens de bonden in het CAO-overleg goed uit de verf, maar de eveneens beoogde afspraken over werkgelegenheid zouden door werkgevers stelselmatig worden geblokkeerd.

Stekelenburg vindt het veel te vroeg om de balans hierover op te maken, want zoveel nieuwe CAO's zijn sindsdien nog niet afgesloten. Zijn indruk dat de 'nieuwe koers' daarin “wel degelijk zijn doorwerking heeft”. “Het is een typisch voorbeeld van een slimme centrale afspraak. Er zitten geen spijkerharde garanties in, maar dat kan ook niet. Het is een aanbeveling aan CAO-partijen zorgvuldig te zoeken naar een evenwicht tussen loon en werk. Dat zal in het ene geval beter lukken dan in het andere geval, maar daar moet je niet over zeuren. De bonden zitten daar toch zelf bij.”

De toenemende kritiek op het onvermogen van de vakcentrale een samenhangende visie op een solide stelsel van sociale zekerheid te ontwerpen, verbaast de FNV-voorzitter. “Mijn klomp breekt een klein beetje.” Hij verwacht dat het interne debat hierover eind april, begin mei kan worden afgerond, wat net op tijd zou zijn om de FNV-verlangens bij de kabinetsformateur te deponeren.

Dat de FNV is teruggekomen op de aanvankelijke toezegging mee te werken aan een SER-advies over de toekomst van de sociale zekerheid, is volgens hem een rechtstreeks gevolg van het vorige maand door de werkgevers (VNO en NCW) uitgebrachte advies over de werknemersverzekeringen. Daarin bepleiten beide organisaties onder meer beperking van de uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid (WAO) en werkloosheid (WW) tot twee jaar.

“Als wij nu met diezelfde werkgevers, die zich zeker gesteund weten door een behoorlijk aantal Kroonleden, een advies gaan opstellen over de sociale zekerheid, dan leggen we niet alleen een strop om onze eigen nek. We laten die ook nog door de werkgevers aantrekken. Daar passen wij dus voor”.

Tenslotte begrijpt de FNV-voorzitter de vrees bij bonden niet voor een publieke afgang tijdens het in november te houden congres over vernieuwing van organisatie en structuur van de FNV. Alle ideeën en varianten die daarover zijn aangedragen zijn “nog volop in discussie en studie”. De voorbereidende werkgroep “boekt voortgang” en Stekelenburg rekent er op in november “in ieder geval stappen voorwaarts te maken op weg naar een doelmatiger en doeltreffender FNV”. Hij zou wel méér willen, maar herinnert zich een andere voorganger (W. Kok) die in 1985 zei: “Je moet soms dingen aanvaarden zonder ze te accepteren”.

    • Joop Meijnen