Akkoord over sanering van Maas en Schelde

NAMEN, 9 MAART. De oeverstaten van Maas en Schelde zijn het gisteren in Namen eens geworden over de schoonmaak van die twee rivieren. Naar het voorbeeld van de Internationale Rijncommissie zullen een Maascommissie en een Scheldecommissie maatregelen voor de sanering ontwerpen.

Een woordvoerder van het ministerie van verkeer en waterstaat onderstreept dat het gaat om een “overeenkomst op ambtelijk niveau”. Dit akkoord moet leiden tot een officieel verdrag, dat wellicht nog voor de zomer door de betrokken ministers van Nederland, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg en de Belgische gewesten kan worden ondertekend. Om geen tijd te verliezen, zullen de riviercommissies zo snel mogelijk worden ingesteld.

Belangrijk discussiepunt bij het vorige ambtelijke overleg (december 1993) was de vraag of ook de zijrivieren van de Maas, inclusief de Sambre met een industriestad als Charleroi, onder het verdrag moesten komen. Het Waalse gewest en Brussel waren daar tegen, maar gisteren is een compromis bereikt. De afspraak luidt nu dat de saneringsmaatregelen zullen gelden voor het hele stroomgebied, maar dat “de kwaliteitsdoelen zich zullen concentreren op de hoofdstroom”.

Als uitgangspunt bij dit alles dient het Verdrag van Helsinki (1992) over grensoverschrijdende rivieren. Het verplicht oeverstaten de waterkwaliteit van zulke stromen te verbeteren of minstens te handhaven.

Een grote schoonmaak van de Maas is urgent, omdat deze rivier als bron van drinkwater dient voor circa vijf miljoen mensen in Nederland en Vlaanderen. Zo'n sanering heeft echter jaren op zich laten wachten door stagnaties in het Belgisch-Nederlandse overleg als gevolg van intern-Belgische conflicten. De zaak kwam volledig vast te zitten door een koppeling van Maas en Schelde: de Maas zou schoner moeten worden in ruil voor uitdieping van de Westerschelde ten gunste van de Antwerpse haven. Deze 'deal' bleek in de praktijk averechts te werken, omdat Wallonië geen zuiveringswerken wilde bouwen die een puur Vlaams belang zouden dienen.

Om die reden heeft minister Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) april 1993 de koppeling losgelaten, zodat de weg open kwam te liggen voor nieuwe onderhandelingen, waarbij ook Frankrijk ditmaal partij was. Eind vorig jaar heeft Nederland het 'voortouw' aan Frankrijk overgedragen, om de Walen, de belangrijke vervuilers van de Maas, tot medewerking te bewegen.