John Talen voelt zijn kopman Cipollini bij sprints blindelings aan

NEVERS, 8 MAART. Zijn werk lijkt ondankbaar. Voor John Talen begint een wieleretappe pas echt in de laatste kilometer. Trekken en duwen en een zwieper uitdelen aan een iets te opdringerige concurrent. Op het moment dat de Nederlander in Italiaanse dienst volledig afgepeigerd in zijn remmen mag knijpen, voltrekt kopman Mario Cipollini als een beul het vonnis.

Zo luidt het scenario in de ploeg van Mercatone Uno voor elke massasprint. In de eerste etappe van Parijs - Nice verliep de uitwerking van het draaiboek perfect. Cipollini won, na het uitgekiende voorbereidende werk van Talen en de Italianen Poli en Martinello. Gisterochtend lag hetzelfde plan op tafel voor de tweede rit naar Nevers. Talen deed zijn werk, waarvoor de glamourboy van de sprint hem naar Italië haalde. Het resultaat was dit keer echter nihil.

Fabio Baldato, in de sprint ook voor de duvel niet bang en zondag tweede, drukte zijn wiel centimeters voor Cipollini over de streep. De etappewinnaar nam ook de witte leiderstrui van zijn landgenoot over. Baldato maakt deel uit van het machtige collectief van GB-MG, waar Cipollini vorig seizoen zijn geld verdiende. De 25-jarige Italiaan, in 1993 goed voor drie etappe-overwinningen in de Ronde van Italië en eentje in de profronde van Nederland, kent de gedachtengang van zijn voormalige teamgenoot door en door. De fors oplopende aankomstlijn was bovendien in zijn voordeel; Cipollini houdt meer van een sprint op vlak terrein.

Talen, in het verleden actief voor Post, Gisbers en Priem, cijfert zich moeiteloos weg voor het sprintkanon in zijn ploeg. “Cipollini heeft me speciaal voor dit werk naar Italië gehaald. Drie jaar geleden vroeg hij me ook al, maar toen zat ik nog vast aan een contract bij PDM. Kennelijk heeft hij me toch hoog zitten, anders had hij me het afgelopen jaar niet opnieuw gevraagd.”

Dat sprinters eigenaardige trekken hebben, wist Talen al van zijn eerdere samenwerking met Jean-Paul van Poppel. “Toch zijn die twee totaal verschillend. Cipollini is de man waar binnen de ploeg alles om draait, heeft in elk hotel speciale wensen wat eten betreft, trekt met zijn praatjes aan tafel alle aandacht naar zich toe en is bereid enorme risico's te nemen. In zo'n sprint als zondag in Orleans wacht hij tot het allerlaatste moment, terwijl ik hem de afgelopen weken vaak heb geprobeerd uit te leggen dat het op die manier ook goed kan misgaan.”

In Nevers lukte het dus niet, omdat de benen van de beul op het beslissende moment de kracht misten. Balen deed Talen niet. “De ploeg heeft in de eerste maand van het seizoen veel succes gehad”, verwees hij naar Adriano Baffi, de tweede sprinter binnen de ploeg. Cipollini mag dan de grote man bij Mercatone Uno zijn, Baffi stak hem in de eerste weken met negen overwinningen naar de kroon.