Maynard Keenan is een boze anti-rockster

Concert: Tool. Gehoord: 6/3 Melkweg, Amsterdam. Herhaling: 7/3 Effenaar, Eindhoven, 23/5 Pinkpop, Landgraaf.

“Waag het niet om me een rockster te noemen,” zei zanger Maynard Keenan van de Californische groep Tool tijdens een uitverkocht concert in de Amsterdamse Melkweg. “Als iemand me een rockster noemt, dan komen we hier nooit meer terug.”

Keenan is een rockster van het meest opportunistische type. Boze mannen liggen goed in de markt, dus speelt hij de boze man. Net als geestverwanten Rage Against The Machine koppelt hij een gevoel van woede en onmacht aan harde gitaarmuziek, waarbij Tool gebruik maakt van tamelijk traditionele stijlfiguren uit de heavy metal. Gitaarsolo's blijven achterwege, maar de ijzeren gitaarriffs en het logge ritme wijzen terug naar Black Sabbath en Led Zeppelin.

Alleen de zang verschilt wezenlijk van het voorspelbare hardrockstramien. Keenan is kwaad, zoveel is meteen duidelijk wanneer hij met ontbloot bovenlijf en kaalgeschoren slapen bezit neemt van het podium. Zijn teksten zijn weliswaar nauwelijks te verstaan, maar zijn grommende keelklanken en galmende uithalen scheppen een grimmige sfeer. Met zijn ogen als gloeiende kolen staart hij dreigend de zaal in.

De nummers van Tool zijn monotoon en worden met dezelfde mathematische precisie gespeeld als ze op de cd Undertow staan. Zowel de eenzame stagediver als die ene verdwaalde headbanger, herkennen hun favoriete nummers aan het hogere tempo en het fanatisme waarmee Keenan zich naar de voorste rijen buigt. Hij weet hoe hij de aandacht moet trekken, maar waar maakt hij zich eigenlijk zo kwaad om? Bij zijn optreden op Pinkpop zal moeten blijken, of hij de rockster is die hij wel degelijk probeert te zijn.

    • Jan Vollaard