Dollar slachtoffer van financieel geweld

AMSTERDAM, 5 MAART. De valutamarkt heeft de afgelopen twee weken wat in de luwte gestaan van het geweld op de obligatie- en aandelenmarkten.

Uiteindelijk is de dollar als 'verliezer' uit de strijd tevoorschijn gekomen, zij het dat eerdere koersverliezen eind deze week weer deels werden goedgemaakt. De Amerikaanse munt noteerde gisteren bijna 1,93 gulden. Het koersverlies van de greenback verbaasde menigeen, gelet op de toenemende inflatievrees in de VS. Normaal gesproken leidt een dergelijke vrees tot verwachtingen van een Amerikaanse renteverhoging en daarmee tot een hogere dollarkoers. Dat dit nu niet gebeurde, heeft te maken met het Amerikaans/Japanse handelsconflict en met de sterk gegroeide geldhoeveelheid in Duitsland.

Om de druk op Japan op te voeren, heeft president Clinton de 'super-301-wet' weer van stal gehaald. Dit kan, indien onderhandelingen de komende 12 tot 18 maanden op niets uitlopen, tot handelssancties leiden. De valutamarkt reageerde weer op de haar bekende manier, namelijk met een verdere koersstijging van de yen tegenover de dollar. Het blijkt niet eens meer nodig dat de Amerikanen de yen daadwerkelijk omhoog praten; alleen het vermoeden dat ze daartoe desnoods bereid zijn, is al voldoende om de yen omhoog te krijgen. Dit vermoeden werd nog eens bevestigd door het ontbreken, tijdens het G7-overleg het afgelopen weekeinde, van een verklaring dat de yen nu wel ver genoeg is geapprecieerd.

De afgelopen anderhalve week had de stijging van de yen/dollar-koers niet langer plaats door een opwaardering van de yen ten opzichte van de D-mark en de gulden, maar door een depreciatie van de dollar tegenover beide munten. Deze draai hangt samen met de iets gewijzigde rentevooruitzichten in Duitsland en in de VS. In Duitsland werd de hoop op een spoedige renteverlaging de kop ingedrukt door de uitzonderlijk hoge geldgroei in januari. Deze bedroeg maar liefst 20,6 procent op jaarbasis. Hoewel ten dele een gevolg van incidentele factoren, lijkt het cijfer de Bundesbank op korte termijn nauwelijks ruimte te geven voor een substantiële renteverlaging. Ook de Duitse arbeidsonrust, die de D-mark zou kunnen ondermijnen, en de sterk opgelopen kapitaalmarktrente scheppen thans geen goed klimaat voor een dergelijke rentestap. Overigens lijkt eerder sprake van uitstel dan van afstel. Zodra de omstandigheden een keer ten goede nemen, zal de Bundesbank de teugels weer laten vieren. Zij heeft dat deze week ook willen aangeven door, ondanks de ongunstige omstandigheden, toch een minieme verlaging van de beleningsrente door te voeren (met driehonderdste procentpunt).

Werd in Duitsland de hoop op een spoedige renteverlaging getemperd, in de VS gebeurde hetzelfde ten aanzien van de vrees voor een spoedige renteverhoging. Debet hieraan waren woorden van Fed-bestuurder Lindsey, die zei te hopen dat de Fed de geldmarktrente voorlopig niet weer hoeft te verhogen. Sommigen leiden hieruit af dat de Fed, of in ieder geval Lindsey, op korte termijn het rente-instrument ten dienste wil stellen van het politieke wisselkoersdoel, te weten een daling van de yen/dollarkoers. Overigens valt te betwijfelen of deze interpretatie juist is. Het zou in ieder geval een slechte zaak zijn als monetair beleid wordt 'misbruikt' voor handelspolitieke doeleinden. Nog steeds moet er rekening mee worden gehouden dat de Amerikaanse geldmarktrente binnen niet al te lange tijd opnieuw wordt verhoogd, teneinde het toenemende inflatiegevaar zoveel mogelijk in de kiem te smoren. Overigens zij benadrukt dat de 'inflatiehysterie' in de VS wat overdreven voorkomt. Zo zorgde een forse stijging van de commodity price index van de National Association of Purchasing Managers eerder deze week voor veel opschudding op de financiële markten. Deze index, waarvan velen tot voor kort nog nooit gehoord hadden, blijkt in het verleden echter een slechte voorspeller te zijn geweest van de inflatie.

Ervan uitgaande dat de gewijzigde verwachtingen ten aanzien van het Duitse en Amerikaanse monetaire beleid binnen niet al te lange tijd weer worden teruggedraaid, lijkt de dollar het in de afgelopen anderhalve week verloren gegane terrein op termijn weer te zullen goedmaken.

Bron: Economisch Bureau ING Bank