Corydalis

Zal de Corydalis flexuosa het lot delen van de Aquilegia vulgaris 'Nora Barlow'? Deze aquilegia greep een paar jaar geleden in de tuinwereld om zich heen zoals destijds de hoola-hoop, of de meer recente rage bij kinderen voor Teenage Mutant Hero Turtles. En precies zoals de TMHT's nu onderin de speelgoedkast verwaarloosd op een hoop liggen, zo zeggen de mensen nu over 'Nora Barlow': 'O, heb jij die nog? Ik had er ook maar ik heb ze weggedaan, ik was er op uitgekeken.''

Met de Nora Barlow-epidemie was ik zelf aan de late kant; ik kocht de mijne lang nadat de trendsetters al genoeg hadden van de hunne en ik ben nog steeds op ze gesteld: met hun room-en-roze dubbele bloemen passen ze uitstekend in het romige kleurenschema dat ik in dat deel van de tuin probeer te verwezenlijken.

Maar met Corydalis flexuosa daarentegen, zo nieuw dat zij nog in geen enkel tuinboek voorkomt, ben ik nu eens in de voorhoede. Deze plant is in Nederland bij nog maar een paar kwekerijen te krijgen, maar zal weldra gemakkelijker te vinden zijn. Ik kreeg er een cadeau van een kwekerij die bezig was haar voorraad op te bouwen. Zij domineerde de Chelsea Flower Show vorig jaar en de reden is gemakkelijk te begrijpen; zoals bezoekers aan mijn tuin uitriepen toen zij er voor het eerst een blik op sloegen: 'Allemachtig, een blauwe corydalis!'' Niet zomaar onverschillig welk blauw maar een schitterend porceleinblauw, een volkomen onverwachte kleur voor iets dat er verder uitziet als de gewone C. solida, een bleekpaarse muisachtige bosplant en een zegen voor iedereen met veel schaduw in zijn tuin.

C. flexuosa heeft evenmin bezwaar tegen schaduw en volgens Jack Elliott in The Garden (Vol 118, part 6, juni 1993) houdt zij van een overvloed aan bladaarde, iets dat gelukkig vaak samengaat met schaduw. De opwinding van er in geslaagd te zijn de hand te leggen op een volkomen nieuwe plant wordt, moet ik toegeven, ietwat getemperd door het feit dat je geen idee hebt waar ze staan moeten en hoe ze te behandelen; ik heb de mijne lang in een pot bewaard voor ik haar uit durfde te planten. Maar nu staat zij op een plek met halfschaduw en is waarachtig al wat gegroeid.

Zij begint in het late voorjaar te bloeien en gaat daar lang mee door; toen zij nog in haar pot stond, vorig jaar, had zij nog een tweede bloei in de herfst. En nu, nu zoveel planten tekenen van leven beginnen te geven en aankondigen dat het op een dag werkelijk weer lente zal zijn, ga ik telkens de tuin in om te zien of ze nog leeft. Een ander bewijs van haar superioriteit is dat ik, inplaats van naar een stuk kale grond te moeten staren in de hoop dat er iets onder zit dat nog leeft (een routinehandeling in tuinen om deze tijd van het jaar), hoef ik niet méér te doen dan de deken van bladeren weg te schuiven om een groepje kleine vlezige knobbeltjes te zien, niet zonder meer herkenbaar als knoppen, maar in elk geval springlevend en alleen maar wachtend op het onhoorbare startschot van de lente om weer uit te groeien. Ik heb ergens gelezen dat Corydalis flexuosa niet betrouwbaar winterhard is in deze streken (zij komt uit China, naar het heet uit 'Wolong' (vermoedelijk Wulong in Sichuan), en dus heb ik haar overladen met extra bladeren en schietgebeden; maar deze winter was misschien niet de werkelijke vuurproef - de laagst gemeten temperatuur in onze tuin was min 8, en dat heeft zij dus kennelijk overleefd.

Zij is blijkbaar gemakkelijk te vermeerderen, hetgeen vermoedelijk heeft bijgedragen tot haar plotselinge populariteit; als de bladeren verdord zijn in het najaar scheur je eenvoudig die vlezige knobbels uit elkaar en je krijgt een heleboel nieuwe planten. 'A nurseryman's dream'', noemt Jack Elliott het, maar ik denk dat ik toch maar wacht tot ik er een bij kan kopen voor ik dat met de mijne durf te doen.

Ook Aquilegia vulgaris 'Nora Barlow' is vrij makkelijk uit zaad te kweken en misschien is dat ook weer de reden dat zij zo vlug overbelicht raakte; aan de andere kant is Lilium regale evenmin een moeilijk uit zaad te kweken plant, ook in haar tijd een opwindende nieuwe ontdekking uit China, maar tot dusver heeft niemand ooit gezegd er op uit te zijn gekeken. Mode in de tuinplantenwereld is een vreemd verschijnsel, bewogen door krachten die aan niemand gehoorzamen. Neem de veelbetekenende geschiedenis van de roos 'Duchess of York', in een golf van enthousiasme genoemd naar Sarah Ferguson, die onmiddellijk een van de populairste rozen van Engeland werd.

Hoe zij er uit ziet herinner ik me niet precies, maar dat is de kwestie niet; het opmerkelijke is dat de mensen plotseling ophielden met het kopen van Rosa 'Duchess of York' na de publicatie van foto's van de echte hertogin van York zonnebadend met haar financiële adviseur. Het was blijkens een artikel in de Volkskrant van 11-1-'94 zelfs noodzakelijk om haar van naam te laten veranderen, een uiterst zeldzame gebeurtenis in de rozenwereld. Iedereen die wil verifiëren of 'Duchess of York' een mooie roos was of alleen maar een aan het Koninklijk Huis verbonden modeverschijnsel, is in staat dat op zijn gemak te doen met Rosa 'Sunseeker' - haar nieuwe incarnatie en nog steeds een tamelijk toepasselijke naam, als je er goed over nadenkt.

Misschien staat Nora Barlow onder een andere naam nog een hele nieuwe carrière te wachten.

    • Sarah Hart