Inspectie constateert nog veel problemen bij invoeren basisvorming

DEN HAAG, 4 MAART. De invoering van de basisvorming in het voortgezet onderwijs verloopt 'in grote lijnen goed', maar er zijn op onderdelen nog tal van problemen.

Zo zijn veel leerkrachten nog te weinig bijgeschoold, zijn er onvoldoende boeken en ander lesmateriaal beschikbaar en klagen leerlingen over de zwaarte van het nieuwe lesprogramma, dat meer vakken telt. De invoering van het nieuwe vak verzorging verloopt bovendien moeizaam.

Dit schrijft de onderwijsinspectie in twee rapporten over de basisvorming. Als aan de wettelijke bepalingen wordt voldaan, komt de inhoudelijke invoering verder wel van de grond, hoopt de inspectie. De problemen met de invoering zijn het grootst in het voorbereidend beroepsonderwijs.

De basisvorming is dit schooljaar op alle scholen voor voortgezet onderwijs ingevoerd. Leerlingen van twaalf tot vijftien jaar krijgen voortaan les in dezelfde vijftien vakken, waaronder drie nieuwe: techniek, verzorging en informatiekunde.

Vooral de invoering van het vak verzorging verloopt volgens de inspectie niet goed. In het vak verzorging komen gezondheid, voeding, consumentenrecht, en de verzorging van mensen, planten en dieren aan de orde. De meeste scholen voldoen niet aan de voorwaarden van het nieuwe vak: een bevoegde leraar, een geschikt lokaal en de noodzakelijke inventaris. Verder geeft bijna 40 procent van de scholen het vak niet in het eerste jaar. De scholen die het vak al wel hebben ingevoerd, zetten het maar voor twee uur op het rooster. Daarmee voldoen ze aan het wettelijke minimum, maar de onderwijsinspectie vindt het raadzaam meer tijd voor zo'n nieuw vak uit te trekken.Minister Ritzen (onderwijs) schrijft in een reactie dat de volledige invoering van de basisvorming nog wel enige tijd zal vragen. Dit geldt voor alle vakken, maar vooral voor het vak verzorging gezien de korte voorbereidingstijd. Het vak werd op het laatste moment toegevoegd aan het lijstje basisvormingsvakken.

De inspectie constateert dat niet alle scholen de nieuwe wettelijke bepalingen op de juiste wijze toepassen. Op 1 januari had 20 procent van de scholen geen schoolwerkplan ingeleverd. In zo'n plan leggen de scholen vast wat ze de komende jaren willen bereiken. De meerderheid van de schoolwerkplannen die wel waren ingeleverd, voldeed niet aan de wettelijke voorschriften.

Ook voldoen niet alle scholen aan de verplichting in het eerste leerjaar 32 lesuren in te voeren, twee uren meer dan vorig schooljaar. De inspectie kreeg bij haar schoolbezoeken overigens herhaaldelijk klachten over toegenomen studielast door de uitgebreide schoolweek, de grotere hoeveelheid huiswerk en de uitbreiding naar vijftien vakken. In zijn reactie schrijft minister Ritzen dat de studielast voor leerlingen acceptabel moet blijven. Maar de verantwoordelijkheid daarvoor rust volgens hem bij de school.