BOTERTAARTJES

Gebruik een muffinblik voor deze taartjes. Bekleed de holtes tot circa driekwart met het deeg voor een perfect formaat. Gebruik losse taartvormpjes als u geen muffinblik heeft.

Voor 12 taartjes van 7 centimeter doorsnee:

Deeg:

125 gram bloem

25 gram superfijne tafelsuiker

100 gram boter

1 groot ei, losgeklopt

Vulling:

100 gram boter

150 gram lichtbruine basterdsuiker

1 groot ei

2 theelepels vanille-essence

50 gram krenten

Doe voor het deeg de bloem en suiker in een kom. Snijd de boter eerst in stukjes en doe die bij de bloem en suiker. Snijd de boter met twee messen of met een deegsnijder door de bloem en suiker tot u een kruimelig mengsel hebt. Voeg het ei toe en meng alles met een vork. Vorm er met uw handen een bal deeg van. Wikkel het deeg in folie en leg het circa 1 uur in de koelkast.

Rol het deeg uit en bekleed er 12 licht met plantaardige olie ingevette taartvormpjes van 7 centimeter mee. Zet de beklede vormpjes in de koelkast terwijl u de vulling maakt.

Verwarm de oven voor op 190ß8 C.

Doe de boter en suiker in een keukenmachine en draai tot een romig geheel. Voeg het ei toe en draai weer tot een glad mengsel. Roer er de vanille-essence en de krenten door. Vul de met deeg beklede vormpjes voor tweederde met de vulling en zet ze dan circa 15 minuten in de oven tot ze mooi goudbruin zijn. Laat de taartjes even afkoelen, neem ze voorzichtig uit de vormpjes en laat ze verder afkoelen op een rooster.

    • Kim Maclean