Bondsdag benoemt Berlijnse wethouder Jutta Limbach bij Hof in Karlsruhe; Limbach straks wellicht hoogste rechter

BONN, 4 MAART. Een 59-jarige vrouw, SPD-lid, vrolijke ogen achter een randloze bril, moeder van drie kinderen, is op weg om Duitslands hoogste rechter te worden. Vanmorgen heeft zij de voorlaatste stap kunnen zetten: Jutta Limbach, sinds 1989 wethouder van justitie in Berlijn, is unaniem door het twaalfkoppige kiescollege van de Bondsdag gekozen als opvolger van Ernst-Gottfried Mahrenholz (65), de voorzitter van de tweede senaat van het Constitutionele Hof in Karlsruhe.

De kans is groot dat zij over een paar maanden al in de voorzittersstoel van dat Hof belandt. Ze zou dan de CDU'er Roman Herzog opvolgen, als die op 23 mei 1994 wordt gekozen als opvolger van bondspresident Richard von Weizsäcker en dan zijn tijd in Karlsruhe (tot eind 1995) niet kan uitdienen. Anders gezegd, het is paradoxaal, maar mocht de SPD haar kandidaat Johannes Rau dus over twee maanden niet als bondspresident gekozen zien, krijgt zij daarna waarschijnlijk wèl de eerste keus voor de opvolging van Herzog. En dan wordt Jutta Limbach als eerste vrouw de hoogste Duitse rechter.

Ze is getrouwd met een hoge ambtenaar bij Binnenlandse Zaken in Bonn en heeft een mooie familiegeschiedenis. Haar sociaal-democratische overgrootmoeder zat tweemaal in de gevangenis wegens belediging van de keizer, haar grootmoeder zat voor de SPD in de Rijksdag, haar vader was burgemeester van Pankow. Zelf is deze volgens de Süddeutsche Zeitung “behoedzame feministe” sinds 1962 lid van de SPD. Voor haar benoeming tot wethouder in Berlijn was ze - sinds 1971 - hoogleraar rechtssociologie en economisch- en familierecht.

Aan de al dagen verwachte verkiezing van Jutta Limbach gaat een lang en wonderlijk verhaal vooraf. Het is een verhaal dat wat zegt over de (informele) verhouding tussen de wetgevende en de rechterlijke macht, een verhaal waaraan haar partij met een flinke lading politiek mismanagement heeft bijgedragen. Niet het feit dat er de afgelopen twee jaar stevig gevochten is over de opvolging van de al sinds vorig jaar september pensioengerechtigde Mahrenholz, maar de manier waarop de SPD dat gevecht voerde was soms verbazend.

In Duitsland speelt het Hof in Karlsruhe, dat twee kamers (senaten) van elk acht rechters telt, een zeer belangrijke rol als bewaker van de grondwet, als 'uitlegger' daarvan. Het behandelde in zijn 40-jarige bestaan 80.000 vooral daarop gerichte klachten van politici en burgers. Zijn tweede senaat beslist in hoogste instantie bijvoorbeeld over de uitleg van de grondwet als het gaat om kwesties waar regering en Bondsdag het niet over eens raken en waarover de voor grondwetsherziening benodigde meerderheid van twee derden ontbreekt. Zeg over de toelaatbaarheid van deelneming aan VN-vredesacties buiten het NAVO-gebied, zoals in Somalië.

Hoe ingewikkeld zo'n vraagstuk soms kan zijn, bleek vorige zomer toen Klaus Kinkel, minister van buitenlandse zaken en voorzitter van de FDP, in Karlsruhe een constitutionele klacht deponeerde tegen het regeringsbesluit om aan de VN- actie in Somalië mee te doen en daarbij zelf vooraf aantekende dat hij hoopte dat zijn klacht zou worden afgewezen (wat gebeurde). Een vice-kanselier, want dat is Kinkel ook, ging in beroep van een regeringsbesluit en was blij dat de scheidsrechter in Karlsruhe hem liet verliezen. Zo kon hij zonder schade uit de slagschaduw komen van zijn populaire voorganger Hans-Dietrich Genscher, die als minister van buitenlandse zaken (1974-'92) en FDP-boegbeeld de op dit stuk 'beperktere' uitleg van de grondwet heeft ontwikkeld.

De zestien rechters in het Constitutionele Hof moeten minimaal 40 jaar zijn en hun juridische examens met een bepaald minimumcijfer hebben gedaan. Zij mogen maximaal twaalf jaar (of tot hun 68ste) aanblijven. In elk van beide kamers dienen drie rechters afkomstig te zijn van de Duitse gerechtshoven. De overige tien worden voor de helft door de Bondsraad, voor de andere helft door de Bondsdag gekozen. In de Bondsdag gebeurt dat feitelijk al sinds jaar en dag door een kiescollege van twaalf leden (6 CDU, 5 SPD, 1 FDP). Dat is wegens de vereiste meerderheid van twee derden tot consensus verplicht, wat er in de praktijk toe heeft geleid dat CDU en SPD gezamenlijk 'hun' wederzijdse kandidaten bij toerbeurt kiezen.

In het geval-Mahrenholz was de SPD aan de beurt. Bijna twee jaar geleden kwam zij bij de CDU langs met de vroegere minister van justitie Jürgen Schmude als kandidaat. De CDU had geen bezwaar. Maar de SPD-vrouwen wèl, en die dwongen alsnog de kandidatuur van een vrouw, namelijk Jutta Limbach, af. De CDU had weer geen bezwaar, de opvolging van Mahrenholz leek geregeld. Maar toen meldde Herta Däubler-Gmelin (49), juridisch specialist en ondervoorzitter van de SPD-fractie en van haar partij, teleurgesteld na haar onverwachte nederlaag tegen Hans-Ulrich Klose in de race om het fractieleiderschap, zich als 'zwaardere' kandidaat bij de toenmalige partijvoorzitter Björn Engholm, die daarom mevrouw Limbach weer liet vallen.

Maar helaas, fractievoorzitter Wolfgang Schäuble had geen zin om de naar zijn smaak politiek te zwaar geprofileerde mevrouw Däubler-Gmelin als SPD-kandidaat te accepteren. Een ander bezwaar dat hij, met de FDP, had was dat haar gemiddelde examencijfers ooit in Baden-Württemberg reden waren geweest om haar af te wijzen voor een lagere rechtersfunctie. Daarmee was een rare patsituatie ontstaan. Het werd, afgezien van bitse stukjes in Duitse kranten, pijnlijk en langdurig stil. Schäuble wenste niet te wijken, Herta Däubler wilde haar kandidatuur niet intrekken en Engholm kon/wilde haar daartoe niet brengen.

Pas nadat Engholm, vorig voorjaar, plotseling onvrijwillig vertrokken was en Rudolf Scharping als nieuwe SPD-voorzitter zijn gezag najaar '93 gevestigd had kwam er weer beweging in de zaak: mevrouw Däubler trok haar kandidatuur alsnog in. Vorige week stelde Scharping Jutta Limbach schriftelijk en vertrouwelijk kandidaat bij de top van CDU/CSU en FDP. Begin deze week kreeg hij voor haar groen licht naar Karlsruhe, gisteren feliciteerde minister van justitie, Sabine Leutheusser-Schnarrenberg (FDP) haar alvast, vandaag is zij gekozen.