Kiezer sluit pact tegen 'oude' partijen

DEN HAAG, 3 MAART. Terwijl VVD-leider Bolkestein een pact wilde tegen de misdaad, en GroenLinks duo-lijsttrekker Rabbae gisteravond tegenover zijn collega-lijsttrekkers een pact opperde tegen de CD, sloten de kiezers een pact tegen de traditionele landelijke partijen. Ondanks alle verontruste commentaren voorafgaand aan de raadsverkiezingen over de opdringerigheid van nationale lijsttrekkers, kwam gisteren vooral vast te staan dat de kiezer bij uitstek 'lokaal' heeft gestemd. In plaatsen als Oegstgeest en Hilversum werden lokale partijen vanuit het niets het grootst.

Het is gisteren leger geworden in het midden van de Nederlandse politiek, waar diverse partijen zich tot voor kort verdrongen. De 'linkervleugel' van het spectrum is aanzienlijk versterkt, waarbij GroenLinks de omvang van een middelgrote partij lijkt aan te nemen en de Socialistische Partij (SP) een verrassende nieuwkomer is. Aan de rechterflank won extreem-rechts - CD, CP-'86 en Nederlands Blok - in veel gemeenten.

De uitslagen bleken gisteren grilliger dan op basis van de opiniepeilingen kon worden verwacht. Het politiek landschap vertoont op de 'day after' rokende puinhopen, al kan de winst en verlies-rekening voor de verschillende partijen worden gerelativeerd. De PvdA verloor, maar was niet de grootste verliezer. Dat was het CDA, dat vooral in het zuiden veel concurrentie kreeg van lokale partijen. D66 won, maar die winst bleef ver achter bij de voorspellingen. Ook de VVD won flink maar het ultieme liberale streven - om tweede partij van Nederland te worden - werd niet verwezenlijkt. Alleen aan uiterst linker- en rechterzijde kon feest worden gevierd. GroenLinks wist haar aanhang fors te vergroten evenals de SP. Dat alles gebeurt onder een groeiende slagschaduw van de Centrumdemocraten van Janmaat, die hun opmars in de grote steden doorzetten.

In reactie op de uitslag verklaarde CDA-leider Brinkman gisteren in Rotterdam “te balen als een stekker”. Het CDA heeft niet alleen de 'Lubbers-bonus' - de naar schatting tien zetels van zwevende kiezers die premier Lubbers voor het CDA binnenhaalt - verspeeld, maar duikt zelfs onder de 44 Kamerzetels die de partij als haar “natuurlijke omvang” beschouwt. Omgerekend in Kamerzetels zou het CDA naar een diepterecord van 39 zetels zakken.

Zwevende kiezers, boze boeren en ongeruste bejaarden keren het CDA de rug toe. In Venlo, Breda, Tilburg en Helmond verloor de partij meer dan tien procent. Maar ook in het Westland was het verlies groot. Net als de PvdA drie jaar geleden na het omstreden WAO-besluit, heeft het CDA nu grote problemen in de traditionele achterban. De partij verloor gisteren, vooral in het zuiden, veel aan lokale partijen. Maar vroegere CDA-stemmen gingen ook naar VVD, D66 en de kleine christelijke partijen.

Brinkman heeft twee maanden de tijd om zijn partij voor een neergang te behoeden. Hij moet de traditionele achterban alsnog aan zich binden, maar tegelijk een programma verdedigen dat deze groepen onwelgevallig is. Ingrepen in de agrarische sector zijn onvermijdelijk terwijl het CDA het standpunt over de AOW niet kan verzachten zonder het risico te lopen aan geloofwaardigheid in te boeten. Gisteren bleek dat de bejaarden niet alleen een groter, maar ook een steeds actiever deel van het electoraat vormen. In diverse plaatsen kaapten 'bejaardenpartijen' raadszetels weg bij het CDA.

Met het CDA verloor ook coalitiegenoot PvdA terrein, maar dat verlies werd verzacht omdat deze partij electoraal licht aan het eind van tunnel begint te zien. De sociaal-democraten kregen minder stemmen dan bij de raadsverkiezingen van 1990, maar kruipen uit het diepe dal (14 procent van de kiezers) waarin ze sinds het WAO-besluit van 1991 waren beland. PvdA-voorzitter Rottenberg klampte zich gisteravond vast aan de a-typische uitslag in Amsterdam waar zijn partij, tegen alle trends, lichte winst vertoonde. Voor de PvdA een kleine, maar psychologisch belangrijke winst. Rottenberg betitelde Amsterdam als “het laboratorium van de politiek”. De PvdA heeft er D66 in de race om de status van grootste partij verslagen en daarmee waarschijnlijk de discussie beslecht over de politieke kleur van de nieuwe burgemeester van de hoofdstad. Landelijk heeft de PvdA gisteren de status van tweede partij geconsolideerd en, zoals duo-voorzitter Vreeman in Tilburg zei, “deze uitslag is een tussenstation in het verdere herstel van de partij”.

De campagnemakers willen nu, meer dan voorheen, partijleider Kok in stelling brengen. De PvdA kan zijn sociale profiel versterken nu het CDA op het punt van de AOW door bejaarden niet meer als 'schild voor de zwakken' wordt ervaren. De partij, die D66 altijd als de voornaamste concurrent op de kiezersmarkt heeft beschouwd, krijgt nu meer te maken met “linkse oppositie” van GroenLinks en de Socialistische Partij. GroenLinks zou, vertaald in Kamerzetels, op dertien zetels komen en de SP op drie. De PvdA zal zich in de verkiezingscampagne, zoals partijleider Kok aankondigde, sterker afzetten tegen de “vrijblijvendheid” van deze stromingen die opereren vanuit de oppositionele zijlijn.

Daarnaast baart extreem-rechts de PvdA zorgen omdat een deel van de sociaal-democratische aanhang in de oude wijken bij de CD belandt. PvdA-strategen maken nu onderscheid tussen CD-activisten en CD-stemmers. Op het partijbureau is een speciale afdeling opgericht, onder leiding van Rottenberg, met als doel in gesprek te raken met de 'opinionleaders' binnen die laatste groep.

Voor D66 ontstond gisteravond een paradoxale situatie: de partij van Van Mierlo boekte winst die aanvoelde als politiek verlies. D66 heeft patent op het winnen van opiniepeilingen, maar scoort bij verkiezingen beduidend lager. Van Mierlo sprak in Delft, waar zijn partij de uitslagen volgde, terugblikkend over “benauwende hoge polls”. In plaats van de voorspelde dertig zetels of meer, kwam D66 uit op omgerekend 22 Kamerzetels. Daarmee bleef de voorspelde sprong naar een massa-partij bij de Kamerverkiezingen op 3 mei onzeker. D66, de partij waarvan altijd wordt gezegd dat zij “slapend rijk” wordt, is gisteren uit die sluimer gewekt. De partij zal zich moeten inspannen om serieus mee te tellen na de Kamerverkiezingen.

In Amsterdam leed D66 zelfs een gevoelig verlies. Won deze partij in 1990 nog zes zetels, gisteren moesten de democraten een zetel prijsgeven. De kans dat D66 de volgende burgemeester van Amsterdam mag leveren is daarmee uiterst klein geworden. De partij hoopt dat de Tweede Kamerverkiezingen een ander beeld te zien geven omdat ontevreden burgers dan niet meer kunnen uitwijken naar lokale partijen, die bij de gemeenteraadsverkiezingen een onverwacht prominente rol hebben gespeeld. Van Mierlo verklaarde gisteravond dat zijn partij “zich zal richten op de zwevende kiezer”.

D66 is echter een partij met een Januskop: aan de ene kant protestpartij tegen de regeringscoalitie, aan de andere kant de uitverkoren partner om diezelfde coalitie aan een meerderheid te helpen. CDA en PvdA zullen de komende maanden ongetwijfeld proberen die spanning op te voeren en Van Mierlo tot keuzes te dwingen.

De VVD, die in tegenstelling tot D66 zeker niet met het kabinetsbeleid wil worden geassocieerd, boekte gisteren lokaal enkele belangrijke successen. In Den Haag en Leiden werden ze de grootste partij. VVD-leider Bolkestein betitelt zijn partij als de “echte oppositiepartij”, maar de kans is groot dat de VVD die status behoudt. Programmatisch staat de VVD ver van D66 en PvdA, terwijl een coalitie CDA / VVD ver van een Kamermeerderheid is verwijderd. Daarbij komt dat een belangrijk deel van de achterban van CDA en VVD onderling inwisselbaar is. De VVD haalt stemmen weg bij het CDA, dus blijft een Kamermeerderheid buiten bereik. Voorlopig zet Bolkestein zijn tactiek voort om zoveel mogelijk verwarring te zaaien in het kamp van de meest waarschijnlijk geachte coalitie tussen CDA, PvdA en D66.

Tegen alle verwachtingen bleek de democratie gisteren de overwinnaar van de gemeenteraadsverkiezingen. De opkomst was geen record, maar kwam met 66 procent vér boven de 50 procent die de opiniepeilers hadden voorspeld. Het aantal stemmers was gisteren zelfs enkele procenten hoger dan bij de raadsverkiezingen van vier jaar geleden. De hogere opkomst en de verrassende uitslag relativeert het werk van de opiniepeilers die de komende maanden ongetwijfeld nog vaak van zich laten horen.

    • Frank Vermeulen
    • Derk-Jan Eppink