Ex-ouderling zorgt na boer Barens voor de opwinding

De bevolking van Wijhe vindt dat zij geen reden heeft tot klagen. Hier is het leven goed, wordt keer op keer gezegd, hier kan een mens nog zichzelf zijn. De 7.431 inwoners van deze Overijsselse gemeente vormen een hechte gemeenschap. Spanningen zijn er nauwelijks, verzekert burgemeester G.J. Polderman. “Dank zij die onderlinge harmonie blijven reactionaire tendensen ons bespaard, de opvang van asielzoekers is hier zonder gemor verlopen.”

Het dorp aan de IJssel, gelegen tussen Zwolle en Deventer, maakt een tamelijk welvarende indruk. Werkloosheid speelt hier tot nu toe nauwelijks een rol. Dat is vooral te danken aan een in Wijhe gevestigde vleesfabriek, met 850 arbeidsplaatsen de belangrijkste werkgever in de omtrek. Gisteren werd de aanzet gegeven tot een uitbreiding van het bedrijf à raison van 15 miljoen gulden: een investering die het gevoel versterkt dat de regio een gunstig gesternte heeft.

Door het ontbreken van sociale problemen gaat het er in de plaatselijke politiek rustig aan toe. “Wij drijven de zaken hier niet op de spits, we vinden dat we er met elkaar uit moeten komen”, zegt PvdA-raadslid Toon Schuiling. “Wie het zwart-wit ziet, redt het hier niet.” De 71-jarige J. van der Kolk, de lijstaanvoerder van Wijhe's Belang, roemt de sfeer in de raad: “We proberen elkaar vliegen af te vangen, maar de toon blijft vriendschappelijk. Buitenstaanders zullen het bij ons misschien wel een beetje tam vinden.”

Het was aan ex-ouderling Van der Kolk te danken dat de raadsverkiezingen gisteren toch nog voor opwinding zorgden. De vorige keer kwam zijn partij vier stemmen tekort om twee zetels te behalen, maar ditmaal konden de kansen zijn gekeerd: misschien zou Wijhe's Belang revanche kunnen nemen op CDA, PvdA of VVD, die met respectievelijk 6, 4 en 2 zetels waren vertegenwoordigd.

De belangstelling van journalisten en fotografen die Wijhe gisteren aandeden. ging echter eerder uit naar een boerderij aan de overzijde van de IJssel, waarvan de voorkamer was ingericht als stembureau voor het buurtschap Marle, Nederlands kleinste kiesdistrict. Evenals in de zes andere stemlokalen van Wijhe, stond ook hier een computer opgesteld; die zou de maximaal 54 uit te brengen stemmen in een oogwenk kunnen verwerken.

Om persoonlijke redenen lieten enkele kiezers dit jaar verstek gaan, maar bij vorige verkiezingen was de opkomst in Marle honderd procent. Wie niet kwam, werd door de boerin telefonisch tot de orde geroepen, weet Schuiling. “Maar meestal was dit onnodig, iedereen voelde zich bij de plaatselijke politiek betrokken. De laatste tijd wordt dit minder, de publieke tribune zit nog alleen vol als iets aan de orde komt waarbij een persoonlijk belang in het geding is. Ook hier beschouwt menigeen de gemeente nu als een nutsbedrijf dat hem ten dienste staat, men beseft niet dat zo'n bedrijf wordt bestuurd door mensen die democratisch zijn gekozen.”

Een inspirerend voorbeeld voor de politici van Wijhe is nog altijd boer Barens, een zwager van boer Koekoek die zich als aanvoerder van een eigen lijst strijdbaar maar gezagsgetrouw opstelde. Nadat hij een kwart eeuw in functie was geweest, bezweek hij op tachtigjarige leeftijd tijdens een raadsdebat. Van der Kolk, opererend onder de noemer Wijhe's Belang, beschouwt zich sinds enkele jaren als zijn opvolger. Zijn partij heeft algemene doelstellingen: een schone industrie, een goed wegenbeheer en (vooral nu de politiepost ter plaatse is opgeheven) een actief veiligheidsbeleid. Net als Barens staat hij ook pal voor de belangen van de landbouw: “Boeren zijn niet heilig, maar ze moeten wel de ruimte krijgen; als ze er de brui aan geven, groeien voor je het weet de sloten dicht.”

Als Van der Kolk 's avonds om zeven uur het gemeentehuis binnenstapt om de uitslag van de verkiezingen te horen, kijkt hij bedachtzaam. “Mij past terughoudendheid”, vindt hij. “Wie zal zeggen of ik weerklank heb gevonden?” Maar als even later blijkt dat Wijhe's Belang een zetel heeft gewonnen ten koste van het CDA, slaat zijn stemming om. “In mijn overmoed sluit ik een post als wethouder niet op voorhand uit”, zegt hij.

“Ik denk dat er nu een boel zal veranderen”, meent zijn zojuist verkozen partijgenoot Dijkslag. “Er gaat een frisse wind door de raad blazen.”

    • Paul Hellmann