Voorkeursbeleid

In NRC Handelsblad van 26 februari geeft Frank Vermeulen mijn positie in de discussie over voorkeursbeleid voor migranten niet goed weer. Hij stelt dat ik me tegen voorkeursbeleid heb uitgesproken onder verwijzing naar een tv-programma van vorige week donderdag (Vesuvius van het Ikon).

Ik pleit steeds voor een gelijke behandeling in gelijke situaties voor zowel Nederlanders als migranten. Ik wijs er consequent op dat er achterstandsituaties bestaan die speciale maatregelen vergen om recht te doen aan het beginsel van gelijkwaardige kansen. Dat geldt in het bijzonder voor het onderwijs en de arbeidsmarkt. Om die reden was en ben ik voorstander van bijvoorbeeld de recent door de Eerste Kamer aangenomen registratieplicht ter ondersteuning van een evenredige deelname van migranten aan de arbeidsmarkt. Om dezelfde reden ben ik voorstander van speciale CAO-afspraken en van een specifiek doelgroepenbeleid in de arbeidsvoorziening.

Dit is een heel andere positie dan die van Van der Weg van de Industriebond. De uitwerking van het doelgroepenbeleid vergt overigens wel bewaking. Het is een groot verschil of in een concrete situatie een meer dan evenredig deel van vacatures door migranten kan worden bezet of dat de deur voor autochtone werklozen geheel gesloten is. Dit laatste zou naar mijn idee een risicovolle vorm van overkill kunnen inhouden, die het draagvlak voor achterstandsbestrijding kan ondermijnen. Het eerste is en blijft nodig om de huidige grote verschillen in werkloosheid (ook bij een zelfde scholingsniveau) te lijf te gaan. Wat mij in de door Van der Weg geopende discussie essentieel lijkt is derhalve de vraag hoe de banenontwikkeling in de relevante micro-situaties is alsmede de tempo-vraag. Het is mogelijk dat de minister van sociale zaken daarmee onvoldoende rekening houdt.