Polygram ontwijkt fusiestrijd mediawereld

LONDEN, 1 MAART. Muziek zal onze kernactiviteit blijven, zei Alain Levy, president van Polygram, toen hij 2,5 jaar geleden uitbreiding van de filmactiviteiten aankondigde. Dat accent blijkt niet verkeerd gekozen. Hoewel films nog bitter weinig opleveren, kon het amusementsconcern gisteren 614 miljoen gulden netto winst rapporteren, 21 procent meer dan over 1992. Het betrof de negende winstverbetering op rij. Uitvloeisel van het lange-termijnbeleid, aldus Levy.

Dat beleid is er een van voorzichtige stapjes en soms een klein sprongetje. De diversificatie waaraan Polygram de laatste jaren werkt betreft zowel geografische spreiding als ontwikkeling van nieuwe activiteiten. Haalde Polygram vorig jaar 65 procent van zijn omzet uit Europa, een jaar eerder was dat nog 72 procent. Vooral het Noordamerikaanse aandeel in de omzet steeg, van 7 naar 11 procent. Dat was te danken aan de overneming van het fameuze platenlabel Motown debet, maar ook aan het feit dat van Polygrams millionsellers (vorig jaar dertig, een record) de meesten uit Canada en de VS komen, zoals Bryan Adams, Billy Ray Cyrus, Bon Jovi, Boyz II Men en Salt 'n Pepa.

Levy toonde zich verheugd over die ontwikkeling. De felbegeerde groei op de Amerikaanse markt is daarmee een feit. “We hebben nog een eind te gaan, maar voor het eerst in vier jaar heb ik er vertrouwen in.”

De spreiding in soorten activiteit bij Polygram verloopt geleidelijker. De verkoop van popmuziek bleef 69 procent van de omzet uitmaken, het aandeel van klassiek daalde bij constante verkoop van 14 naar 12 procent. De muziekuitgeverij - Polygram heeft de rechten op 250.000 songs - heeft zich in zeven jaar een omzetaandeel verworven van 10 procent, een procentpunt meer dan in 1992. De film- en video-activiteiten ten slotte zagen hun bijdrage aan de 7,4 miljard gulden grote omzet toenemen van 8 tot 9 procent.

Polygram streeft ernaar zichzelf van een overwegend Europese muziekproducent te veranderen in, aldus Levy, “een complete, multiculturele en wereldwijde entertainment-groep”. Kenmerkend voor de aanpak van is dat de groep een groot aantal werkmaatschappijen, meer en minder geworteld in een regionale cultuur, in grote zelfstandigheid laat opereren. Polygram zorgt voor fabricage, distributie en financiering; de autonome eenheden concentreren zich op 'de creativiteit'. Dat voorkomt dat een Westerling bij voorbeeld de marktpotentie van Jacky Cheung onderschat, een Taiwanees die vorig jaar 1,5 miljoen albums in Zuid-Oost Azië verkocht op een Polygram-label.

Die decentrale, multiculturele aanpak hanteert Polygram ook in zijn jonge filmdivisie. Hoewel aan 'Hollywood' moeilijk kan worden voorbijgegaan, ziet het bedrijf ook perspectief in Europese en Aziatische films. In aansluiting op zijn mondiale distributienetwerk voor muziek(video) investeerde de onderneming de afgelopen twee jaar in filmproduktie en -distributie. Daardoor nam de omzet van Polygram Filmed Entertainment in 1993 met 23 procent toe. De onderneming sloot vorig jaar overeenkomsten met MGM/United Artists, voor de distributie van de belangrijkste Polygram-films in Noord-Amerika, en MFP/Meteor, een leidende onafhankelijke filmproducent en -distributeur in de Benelux. Verder verwierf Polygram onder meer 50 procent in de Franse filmproducent Cinéa.

Polygram-bedrijven brachten vorig jaar dertien bioscoopfilms uit, waarvan de produktiekosten veelal enkele miljoenen bedroegen. Een kassucces bleef uit. “De resultaten zijn maar zo-zo”, erkende Levy, maar hij vindt dat vooralsnog niet bezwaarlijk. “Het gaat erom dat we ervaring opdoen, de kosten leren beheersen, kwaliteit leveren.”

Dit jaar verwacht Polygram vijftien films in de bioscoop te brengen. Genoeg? “Op dit moment wel”, aldus Levy. “We liggen op schema, we groeien. Als ik twintig films met budgetten van 20 miljoen zou uitbrengen, had ik meer reden bezorgd te zijn. We zijn bezig een catalogus op te bouwen, te leren. De echte winst komt later wel.”

Polygram is er namelijk van overtuigd dat de technologische ontwikkeling in visuele media - kabelnetwerken, interactieve televisie - de vraag naar produkten hiervoor sneller doet groeien dan die naar 'geluidsdragers'. De afzetmarkt voor films en tv-programma's, die sinds 1980 jaarlijks met gemiddeld 20 procent toeneemt, blijft groeien. De waarde van deze 'software' stijgt daardoor enorm snel, constateert de onderneming. Reden dus om te blijven investeren, zij het zonder grote risico's te nemen. “Pas in het jaar 2000 of daaromtrent zullen we een kwart van onze omzet buiten de muziek behalen”, schat financieel bestuurder Jan Cook.

De beoogde diversificatie van Polygram houdt voorlopig op bij muziek-, film- en videoprodukties. “We concentreren ons op 'inhoud' en verbetering van de kwaliteit ervan”, aldus Levy gisteren. Fusie of oprichting van gezamenlijke ondernemingen met omroepen, kabelexploitanten of telecommunicatiebedrijven - met de nadering van de electronic superhighway aan de orde van de dag in de VS - is wat hem betreft een stap te ver.

Niet bekend

Wel onderkent Levy de ratio van het enorme bedrag, tien miljard dollar, dat kabel-tv-exploitant Viacom onlangs overhad voor de verwerving van filmstudio Paramount. “Als eigenaar van zo'n netwerk zou ik ook op zoek gaan naar 'inhoud'. Maar voor ons type bedrijven ontbreekt de noodzaak tot samengaan. Ik zou maximale flexibiliteit willen behouden, niet gebonden willen zijn aan een omroep of telecom-bedrijf. Dat heeft eerder negatieve dan posieve effecten, want het kost omzet.”

Verstrengeling met elektronica-fabrikant zou ook alleen maar belemmerend werken voor Polygram, meent Levy. “De ontwikkeling van hardware laten we liever aan Philips (voor 75 procent aandeelhouder in Polygram, red.) over. Wij weten zelf wel waar we heengaan.”