Hoogovens bouwt kleine proeffabriek voor ruwijzer

ROTTERDAM, 1 MAART. Staal- en aluminiumproducent Hoogovens bouwt een kleine proeffabriek waarbij een nieuwe - en naar het bedrijf hoopt goedkopere - manier voor de produktie van ruwijzer wordt getest. Het proces is interessant omdat het vloeibaar ijzeroxyde kan produceren rechtsstreeks uit kolen en ijzererts. De kostbare tussenstap van de fabricage van cokes, sinter en pellets, zoals in de traditionele hoogovens gebeurt, kan achterwege blijven.

Op laboratoriumschaal heeft het onderzochte proces, cyclone converter furnace (CCF) geheten, gunstige resultaten te zien gegeven. In de beginfase werd een halve ton erts per uur gesmolten, een hoeveelheid die in de loop van twee jaar durende proefnemingen kon worden vergroot tot 2 ton per uur.

Om de commerciële haalbaarheid te testen wordt nu een proeffabriek met een produktie van 20 ton erts per uur gebouwd. Onderzoekers van het bedrijf gaan er van uit dat het nieuwe procéd e bij een produktie van 50 ton per uur rendabel kan zijn.

Hoogovens is het onderzoek naar de mogelijkheden van CCF drie jaar geleden gestart samen met het Italiaanse staalbedrijf Ilva en British Steel. In 1992 haakte British af omdat dat bedrijf gezien de moeilijke omstandigheden op de staalmarkt liever al haar inspanningen wilde richten op een ander proces, dat van de koleninjectie. Hoogovens en Ilva gingen door met het project dat financieel door de Europese gemeenschap voor kolen en staal (EGKS).

De proeffabriek wordt gebouwd bij Hoogovens huidige oxystaalfabriek waar het ruwijzer uit de hoogovens door middel van zuurstof wordt omgezet in ruwstaal. Bij het nieuwe procédé wordt bovenop een reactorvat een zogenoemde cycloon geplaatst in de hals waarvan droog ertsconcentraat en zuurstof evenwijdig aan de wand wordt ingespoten. Daardoor ontstaat een werveling en de uit het reactorvat opstijgende gassen zorgen voor een gedeeltelijke reductie van het wervelende erts.