Verkoop Duitse olieconcern Minol op losse schroeven

BONN, 28 FEBR. De 19 maanden geleden getekende aankoop, voor 4,5 miljard mark, van het vroegere Oostduitse staatsbedrijf Minol (tankstations, olieprodukten) aan de Frans-Duitse gelegenheidscombinatie Elf-Thyssen is op losse schroeven geraakt. Daarmee dreigen in de Oostduitse deelstaat Saksen-Anhalt duizenden arbeidsplaatsen direct en indirect op de tocht te komen.

De Franse oliegigant Elf wil niet meer twee derden maar nog slechts 50 procent van Minol hebben, het Duitse Thyssen Handelsunion wil niet verder gaan dan de gecontracteerde 33 procent, een financier voor de ontbrekende 17 procent is nog niet gevonden. Wekenlang topoverleg met het Treuhand-instituut, dat de sanering en verkoop van vroegere DDR-staatsbedrijven verzorgt, en mogelijke nieuwe financiers (Dresdner Bank, Chase Manhattan) hebben niet tot een oplossing geleid. Nieuwe Russische kandidaten zijn onvoldoende kapitaalkrachtig gebleken. De Treuhand dreigt nu delen uit de Minol-boedel “terug” te nemen.

Want de tijd dringt: vandaag had het consortium in het Oostduitse Leuna, in de zogenoemde “chemiedriehoek” Bitterfeld-Halle-Merseburg, met de bouw van een raffinaderij in Leuna met een capaciteit van 10 miljoen ton zullen beginnen. Maar ook een laatste overleg in Parijs, afgelopen vrijdag en zaterdag, is nog zonder resultaat geëindigd, al had bondskanselier Helmut Kohl persoonlijk in de Franse hoofdstad ten gunste van het project geïntervenieerd en al is er volgens een Thyssen-woordvoerder nu “iets meer optimisme” dat het project toch doorgaat.

Voor de Duitse bondskanselier Helmut Kohl én de Franse president Francois Mitterrand staat er rondom deze grootste buitenlandse investering in Oost-Duitsland wat op het spel. De Franse president had Kohl twee jaar geleden gevraagd om zich voor de verkoop van Minol sterk te maken voor het toenmalige Franse staatsbedrijf Elf. Het Franse olieconcern is intussen geprivatiseerd en kijkt anders tegen het project aan.

Kohl heeft zijnerzijds, nadat in juli '92 het contract voor de Minol-verkoop getekend was, in Leuna en het nabije Buna persoonlijk het behoud van banen in de olie- en chemie-industrie beloofd. In dit vroegere (sterk vervuilde) oude DDR-industriegebied ligt de werkloosheid nu boven 20 procent.