Kader CD hongert naar erkenning

Ze voelen zich miskend, in de steek gelaten door vertegenwoordigers van de 'gevestigde' partijen. Maar de lokale voormannen van de Centrumdemocraten willen vooral gerespecteerd worden.

DEN HAAG, 28 FEBR. Weinig mensen voelen zich de laatste tijd zo gediscrimineerd als de Centrumdemocraten. Het inspireert sommigen van hen tot heroïsche gedachten. “Je moet er echt moed voor hebben om je voor de CD op te geven”, zegt lijsttrekker R. van Londen van de Rotterdamse deelgemeente Ommoord-Zevenkamp. “Wat dat betreft zijn we te vergelijken met andere groepen van vervolgden in de geschiedenis die in opstand kwamen tegen de gevestigde orde, zoals de protestanten ten tijde van de inquisitie.”

De CD-lijsttrekker van Vlissingen, T. Poppe, werd vorig jaar oktober door de Vervoersbond FNV geroyeerd wegens zij CD-lidmaatschap. Twee maanden eerder was Poppe ontslagen door een havenbedrijf omdat hij zich te actief gedroeg als FNV-kaderlid en in korte tijd zeventig nieuwe leden had geworven.

W. van Ginneken, lijsttrekker in Rotterdam en gek op voetballen, mocht niet meedoen in het voetbalteam van politici van de deelgemeente in oprichting, Delfshaven. Bij de bewonersorganisatie van zijn eigen straat komt hij er ook al niet in. En toen hij eind vorig jaar een vergadering wilde bijwonen van Delfshaven, werd hem de toegang versperd door een groep 'anti's'. Uiteindelijk was hij via een zijingang toch naar binnen geglipt, net op tijd om te pleiten voor opname van het portret van Piet Hein, zeeheld uit Delfshaven, in het wapen van de deelgemeente. “Zulke boycots maken me alleen maar sterker”, zegt hij.

Woensdag zou de dag van de Centrumdemocraten kunnen worden. In veel van de 45 gemeenten waar ze meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen (in 1990 waren het er nog 11) wordt grote winst voor hen en de radicalere CP'86 voorspeld, groter soms dan voor de Tweede Kamer. Bovendien kunnen ze, sinds de invoering van de nieuwe gemeentewet, niet meer uit raadscommissies worden geweerd. De gevestigde politiek kan niet meer om extreem-rechts heen. Het maakt nieuwsgierig naar de vertegenwoordigers van de partij van Janmaat op lokaal niveau, naar hun strategie en naar hun achterban.

De Rotterdammer Van Ginneken mag dan de bekende verongelijkte 'underdog'-positie hebben gekozen bij het beschrijven van de 'anti-akties', eigenlijk zitten die hem toch niet lekker. De man die straks G. Rieff als CD's eerste man in de Maasstad opvolgt en zeker in de gemeenteraad zal komen, wil gewoon gerespecteerd worden. Niet voor niets heeft hij zich openlijk van Janmaats uitspraken over minister Dales gedistantieerd en erop toegezien dat er geen nazistische of criminele elementen de Rotterdamse CD-lijst zouden binnendringen, zoals elders nogal eens gebeurt. Ook in het verkiezingsprogramma 'Baas in Eigen Stad' staat volgens hem geen onvertogen woord. Dat de daarin opgesomde maatregelen vooral de allochtonen treffen (korting op kinderbijslag bij spijbelen, geen voorrang van allochtonen bij toewijzing woonruimte) blijkt louter toeval.

Op beleefde, bijna onderdanige toon, zegt Van Ginneken, parttime-boekhouder bij een Rotterdamse aannemer: “Weet u, iedereen die me kent, vindt me aardig. Ik ben geen racist of fascist. Ik ben na een tv-spotje van de CD alleen maar lid geworden omdat ik vond dat de ene groep veel meer aandacht krijgt dan de andere, maar dan heb ik het niet alleen maar over buitenlanders. Je hebt ook een hoop Nederlanders die zich gruwelijk misdragen.”

Toen de parochie Rotterdam-West hem had laten weten dat hij niet welkom was op een binnenkort te houden 'koffiegesprek', had het 'redelijke gezicht' van de Rotterdamse CD het er dan ook niet bij laten zitten. De katholiek - “mijn familie stemde altijd KVP, ik CDA” - belde de pastoor en vertelde hem dat hij katholiek was en nog minstens een keer per jaar - met kerst - naar de kerk ging. Hij mocht toch komen “al ging het niet van harte.”

De boycots hebben nog een ander nadeel. Ze bemoeilijken volgens Van Ginneken de campagne en de recrutering van kandidaat-raadsleden. “Posters ophangen heeft geen zin. Die zijn binnen een half uur weggerukt. En veel mensen zijn bang voor confrontaties zoals met die anti's. Als we kandidaten benaderen, ontkennen ze dat en praten ze er wat om heen: dat ze slecht zijn in het openbaar spreken en zo, weet u wel?” Een strategie uitstippelen wordt zo onmogelijk terwijl concurrenten als de Socialistische Partij vrij spel hebben, concludeert de Rotterdamse lijsttrekker met enige spijt.

J. Zillen is lijsttrekker voor de Limburgse gemeente Brunssum. Als KNVB-scheidsrechter heeft hij wegens zijn CD-lidmaatschap een terreinverbod gekregen van de voetbalclub Limburgia. De KNVB, die op de Nederlandse velden een anti-racisme campagne voert, heeft Zillen gevraagd om vrijwillig met fluiten te stoppen. Dat weigert hij.

De Brunssumer machinebankwerker heeft duidelijker opinies over buitenlanders dan Van Ginneken. Zillen vertelt twaalf jaar geleden gedeeltelijk arbeidsongeschikt terug uit Duitsland te zijn gekomen. Toen hem bleek dat hij hier geen kinderbijslag kreeg en buitenlanders wel, werd hij zo kwaad dat hij lid werd van de Centrumpartij. Nog steeds is onvrede zijn grote drijfveer. Hij woont in een huizenblok met vier gezinnen die samen vijf kinderen hebben. Maar even verderop woont een Marokkaan met naar hij zegt vijftien kinderen. Die heeft het grootste huis. Dat kan niet, vindt Zillen. “Wij Nederlanders komen in de verdrukking.”

Ook bij andere lijsttrekkers gaf een vervelende gebeurtenis in het persoonlijk leven vaak de stoot tot de grote oversteek naar de Centrumdemocraten. In Tilburg woont op de elfde etage van een flatgebouw het ex-VVD-raadslid P. van Buuren. Hij was vertegenwoordiger in aandrijftechnieken voor een Duits bedrijf, maar kwam in 1982 in de WAO terecht waarna het bedrijf hem niet meer in dienst wilde nemen. Drie jaar geleden liet hij zich inschrijven bij de CD. “Ik heb doordat ik in de WAO terecht kwam een zodanige financiële smak gemaakt dat ik dacht: dit is diefstal. En je kunt Lubbers helaas niet persoonlijk daarvoor op het matje roepen, maar je kunt wel in de gemeenteraad gaan zitten.”

De Limburgse kringvoorzitter en lijsttrekker in Maastricht, A. Schijns, werkt sinds tien jaar, ondanks twee hartinfarcten, een herseninfarct en een maagperforatie, bij een incassobureau. Vóór die tijd dreef hij in het dorp Schinveld een café-snackbar, waar hij zich druk maakte over de oneerlijke concurrentie met kantines en clubhuizen. Uiteindelijk kwam er niemand meer bij hem eten en drinken. Hij ging failliet, het bedrijf en inboedel werd bij opbod verkocht. De enige politicus die in die moeilijke tijd zijn brieven beantwoordde was Janmaat. Zo is het gekomen.

In 1990, bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen, scoorden de Centrumdemocraten opvallend goed in sommige nieuwbouwwijken van grote steden. Ook nu staat de partij geregistreerd als deelnemer aan de verkiezingen in relatief welvarende plaatsen als Amstelveen. Toch gelooft lijsttrekker Van Londen uit Rotterdam-Ommoord, één van de weinige CD'ers met een koopwoning, niet dat een doorbraak naar de middenklasse aanstaande is. “Het zou de grootste overwinning zijn die de CD zou kunnen boeken, maar voorlopig zit dat er niet in.”

Veel van de CD-stemmers in zijn nieuwbouwwijk zijn, net als Van Londen, afkomstig uit de oude wijken. De administrateur bij een scheepvaartbedrijf werd zelf tien jaar geleden naar eigen zeggen “uit het Oude Noorden weggepest door buren die overlast veroorzaakten en daar zaten ook Nederlanders bij.” Daar kwam nog bij dat de buurt flink verpauperde, aldus Van Londen. Een en ander bracht hem ertoe zijn stem voor de PvdA in te wisselen voor die voor de CD.

Het zijn mensen zoals hij die CD stemmen, maar ook veel bejaarden die de wijk waar ze tientallen jaren woonden, ontvluchtten en in hun nieuwe omgeving niet nog een keer hetzelfde willen meemaken, weet Van Londen. “Ze voelen zich lekker in hun eigen spruitjesomgeving. Prima toch?” Maar mensen uit de middenklasse die vuil en verval nooit aan den lijve hebben ervaren, zijn tot nu toe ongevoelig gebleken voor CD-invloeden. Van Londen: “De betere wijken kunnen zich tot nu toe te goed beschermen tegen verschijnselen als drugsoverlast en criminaliteit waartegen de CD in verzet komt. Maar als de politiek de komende vier jaar faalt die zaken te bestrijden - wat makkelijk kan door bijvoorbeeld criminelen met zijn vieren in één cel te douwen - worden we misschien wel de vierde stroming in Nederland.”

Tot die tijd probeert Van Londen dan ook met een gematigd programma stemmen te winnen in de nieuwbouwwijk en daarmee met D66 - “ook een protestpartij” - te concurreren. Met name de installatie van hondentoiletten om zo de kinderspeelplaatsen schoon te houden heeft bij hem prioriteit, net als het open houden van de volkstuintjes die door de aanleg van een nieuwe wijk in de verdrukking dreigen te komen.

Op de lijst van plaatsen waar de CD voor de gemeenteraadsverkiezingen staat ingeschreven, staan ook enkele steden in de buurt van het platteland of het Westland, zoals Leeuwarden en Delft. De afgelopen jaren waren deze streken het toneel van veel politieke frustratie en onvrede onder boeren en tuinders.

G. van der Spek, lijsttrekker in Delft, weet niet of hier een nieuwe kiezersmarkt ligt. “Delft is het Westland niet”, zegt hij kortweg. Hij gelooft niet in een doorbraak naar ontevreden tuinders. “Onze aanhang zit in de oude wijken.” De Rotterdammer Van Ginneken is dezelfde mening toegedaan. “Op het platteland is het veel minder vol dan in de steden. Daarom trekken we in de steden de meeste stemmen.”