Arabische landen schorten overleg met Israeliërs op

JERUZALEM/ WASHINGTON, 28 FEBR. De Arabische landen hebben hun vredesoverleg met Israel in Washington opgeschort uit solidariteit met de Palestijnen in verband met het bloedbad dat vorige week vrijdag door een joodse kolonist werd aangericht in een moskee in Hebron. De Palestijnse Bevrijdings Organisatie (PLO) beraadt zich nog op hervatting van het vredesoverleg met Israel. Israelische maatregelen om extremistische kolonisten in toom te houden werden in elk geval als onvoldoende gekenschetst.

Een Syrische regeringswoordveroder bevestigde vandaag overigens dat de Arabische stap niet betekent dat het hele vredesproces voorbij is. “Nee. Het besluit is slechts van toepassing op de huidige zitting”, zei een woordvoerder in Damascus. De lopende zitting zou nog drie dagen duren. Tijdens de onderhandelingsronde was tot dusverre weinig voortgang geboekt.

De PLO op haar beurt had oorspronkelijk een uitnodiging van de Amerikaanse president Bill Clinton aanvaard om de onderhandelingen met Israel in Washington te hervatten, maar de organisatie kwam daar later van terug. Het Uitvoerend Comité, het dagelijks bestuur, van de PLO kwam gisteren op verzoek van Yasser Arafat in Tunis bijeen. De bijeenkomst, die werd geboycot door enkele leden die toch al woedend waren over het trage verloop van het overleg met Israel, werd uiteindelijk diep in de nacht verdaagd, volgens PLO-bronnen in afwachting van een antwoord van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties op het bloedbad. Gesuggereerd is dat de reactie van de Raad van doorslaggevende invloed zal zijn op de Palestijnse houding ten opzichte van het vredesoverleg.

De Veiligheidsraad was van plan vrijdag al een resolutie te aanvaarden over het bloedbad, maar slaagde er niet in het eens te worden over de bewoordingen van een document. Iedereen is het eens over een sterke veroordeling van de moordpartij zelf, waarbij zeker 43 bezoekers van de moskee werden gedood. Zowel vrijdag als in een tweede zitting op zaterdag stonden de Verenigde Staten en de woordvoerders voor de PLO echter op twee andere punten lijnrecht tegenover elkaar.

Pag.4: PLO eist actie door Veiligheidsraad

Dat betreft een oproep tot tijdelijke internationale bescherming van de Palestijnen in bezet gebied en een verwijzing naar Jeruzalem als bezet gebied.

De PLO en haar bondgenoten eisen maatregelen om de veiligheid van de Palestijnse bevolking te waarborgen, met inbegrip van het zenden van een “buitenlandse aanwezigheid”. Voorts eisen zij dat de Vierde Geneefse Conventie over de behandeling van burgers in oorlogstijd in een resolutie van toepassing wordt verklaard op “al het Palestijnse gebied dat sinds 1967 door Israel wordt bezet, met inbegrip van Jeruzalem”. Leden van de Veiligheidsraad hoopten vanmiddag uit de impasse te komen.

De Israelische regering drong er vanochtend bij de Verenigde Staten op aan te helpen de PLO en de Arabische landen aan de onderhandelingstafel te krijgen. Maar functionarissen in Jeruzalem zeiden dat de regering zelf geen verdere gebaren zal maken naar de Palestijnen.

Het kabinet besloot gisteren een officieel onderzoek in te stellen naar het bloedbad in Hebron, extremistische joodse kolonisten op te pakken dan wel te ontwapenen en in hun bewegingsvrijheid te beperken, en als gebaar van goede wil 800 tot 1.000 Palestijnse gevangenen vrij te laten. Eén kolonist is tot dusverre opgepakt; de legercommandant voor de Westelijke Jordaanoever zei een order te hebben getekend om nog vier joodse kolonisten voor drie maanden vast te zetten.

Joodse kolonisten reageerden woedend op het regeringsbesluit. “De Raad van joodse nederzettingen verwierp de maatregelen van “de onverantwoordelijke politici”'. “We waarschuwen de regering ertegen het bloed van kolonisten te laten vergieten wegens de acties van één man”, aldus de Raad. “Elke gedachte aan vrijlating van (Palestijnse) gevangenen gooit slechts olie op het vuur van terreur.”

PLO-leider Arafat noemde de actie van de Israelische regering gisteren “leeg en hol”. Hoewel hij aanvankelijk de uitnodiging van president Clinton had aanvaard om het overleg met Israel in de VS voort te zetten, eiste hij later ontwapening van alle 120.000 kolonisten als voorwaarde voor verdere vredesonderhandelingen.

Volgens een opiniepeiling onder de Israelische bevolking verzet driekwart van de Israeliërs zich tegen ontwapening van de kolonisten. Volgens de peiling, die vandaag werd gepubliceerd in de krant Yediot Ahronot, is 23 procent voorstander van ontwapening. Tweederde deel van de ondervraagden vindt dat de regering de uiterst-rechtse Kach-beweging van wijlen rabbijn Meir Kahane, waartoe de dader van het bloedbad in Hebron behoorde, buiten de wet moet stellen.

De Israelische minister van buitenlandse zaken Shimon Peres, een van de architecten van het principe-akkoord met de PLO van september, stelde vandaag dat de Palestijnen geen andere keus hebben dan aan de onderhandelingstafel terug te keren. Premier Yitzhak Rabin zei geen reden te zien waarom de onderhandelingen niet zouden worden hervat “tenzij de PLO, de Palestijnen, een prijs willen geven aan iemand die niet alleen de Palestijnen vermoordde, maar het vredesproces probeerde te vermoorden”.

Intussen gingen tijdens het weekeinde de gewelddadige protesten tegen het bloedbad in Hebron door, zowel in bezet gebied als in Israel zelf. Daarbij werden gisteren zeker weer vijf Arabieren gedood en ongeveer zestig gewond. Het leger heeft als voorzorgsmaatregel de bezette gebieden van Israel zelf afgesloten en een miljoen Palestijnen aan een uitgaansverbod onderworpen. (Reuter, AP, AFP)