Lezer van bedelknaap tot prins

Forum der Letteren, jrg.34 nr.4. 80 blz.ƒ25. Uitg.Smits, 070-3895390

Stormenderhand veroverde de receptie-esthetica in de jaren zeventig en tachtig de literatuurwetenschap. Anders dan het min of meer tegelijkertijd opgekomen deconstructivisme, met zijn theoretische uitgangspunten, wil de receptie-esthetica heel praktisch onderzoek verrichten naar reacties van lezers op boeken. Niet de schrijver staat centraal, zoals in de biografische benadering, noch de tekst zelf, zoals bij de structuralisten, maar de invloed van schrijver en tekst op de lezer, gevangen als die zit in zijn tijd, sociale klasse, en dergelijke normbepalende achtergronden. In het tijdschrift voor taal- en letterkunde Forum der Letteren bezien Horst Steinmetz (Leiden), J.J.Kloek (Utrecht) en Rien T.Segers (Groningen) wat er nu is overgebleven van de invloed der receptie-esthetica.

De lezer is veranderd van bedelknaap in een prins, stelt Kloek vast. “Het literaire werk is geen 'belle sans merci' meer die haar ultieme geheim hoogstens laat raden maar nooit ontsluieren, maar veeleer een prinses die hoe dan ook de kus van prins Lezer nodig heeft om tot leven te komen.” Grote verdienste van de receptie-esthetica voor de literatuurwetenschap is volgens Kloek vooral het openen van vensters geweest; voor het eerst werd vanuit het besloten wereldje van literatuuranalyse gekeken naar het boekbedrijf, de lezer, de sociologie, de kritiek en allerlei andere belangrijke externe factoren. Misschien ondervindt de lezer nu wel zoveel aandacht dat de oorspronkelijke weetgierigheid naar zijn relatie met het literaire boek wat uit het oog dreigt te geraken, bedenkt Kloek en veronderstelt verder dat de literatuurwetenschap in het vervolg niet meer zonder de verworvenheden van de receptie-esthetica kan.

Segers benadrukt dat net als in de taalkunde in de literatuurwetenschap tegenwoordig een multi-paradigmatische situatie heerst; diverse theorieën net als modevoorschriften bestaan vredig en vrolijk naast elkaar: deconstructivisme, literatuursociologie, receptie-esthetica en 'FemLitCrit' - alles mag. Hij analyseert en keurt twee richtingen binnen de receptie-esthetica. Ook Steinmetz verbaast zich over de internationalisering en de kortademigheid van literatuurwetenschappelijke theorieën. Hij beschouwt de snelle vlucht van de lezersgerichte receptie-esthetica als typisch Nederlands. Hier heerst een uit de verzuiling voortkomende tolerantie en relativeringsdrang, stelt Steinmetz - “het in Nederland diep gewortelde gevoel voor diversiteit en tevens gelijkheid in de zin van gelijkgerechtigheid' - waar de receptie-esthetica prima bij past. Bovendien, al even typisch Nederlands, werd de oorspronkelijk Duitse theorie flink aangepast; verkeerd begrepen dan wel 'produktief ontvangen'. Steinmetz vindt naast de literaruurwetenschap ook de literaire kritiek typisch Nederlands. “De gewone, niet literair ontwikkelde lezer is men hier altijd al met respect tegemoetgetreden. (-) De literaire kritiek is weinig autoritair, zo goed als nooit normatief. Ook daar waar een criticus een roman of een dichtbundel negatief bespreekt doet hij geen poging om onaanvechtbare, zogenaamd objectieve oordelen te verkondigen. (-) De lezer wordt ruimte gelaten om zijn eigen oordeel te vormen, hij krijgt een mening voorgelegd die hij zelf kan toetsen.”