Het Binnenhof

Hans Gualthérie van Weezel: Rechts door het midden. Haagse herinneringen 192 blz., Sdu 1993, ƒ 34,50

CDA-voorzitter Van Velzen had het hem nog sterk ontraden. Een boek over zijn Haagse ervaringen zou de net weer in gang gezette diplomatieke carrière wel eens kunnen schaden. Voor Hans Gualthérie van Weezel was dit nu net de opmerking die hij nodig had om zijn voornemen ook werkelijk uit te voeren. Bepaald onopgemerkt is de presentatie van zijn boek Rechts door het midden niet gebleven. Voor een Tweede Kamerlid van het CDA dat toen hij in 1977 voor het eerst verkiesbaar was op de 32ste plaats stond en de verkiezingen daarna alleen maar lager op de lijst terecht is gekomen, heeft Gualthérie van Weezel met zijn boek ontzettend veel publiciteit gegenereerd. En de angstige vraag is dan al gauw: is Gualthérie van Weezel nu echt zo bijzonder, of zijn de huidige Kamerleden zo nietszeggend?

De wereld van Het Binnenhof die hij beschrijft doet in elk geval weinig denken aan de wereld van het Plein waar de Tweede Kamer nu al weer bijna twee jaar officieel is gevestigd. Toen was het leuker, spannender, hectischer, verrassender kan slechts de conclusie zijn na lezing van het boek. Een gemakkelijke conclusie ook, want er was de krankzinnige kabinetsformatie van 1977, er waren de CDA-loyalisten die een permanente bedreiging vormden voor het kabinet Van Agt-Wiegel, er was de bloedgroepenstrijd binnen het CDA, er was het maatschappelijke debat over de kruisraketten. Voor welke politicus is dat geen gouden tijd? Degene die er dan nog niets van weet te maken, deugt echt niet voor zijn vak.

Gualthérie van Weezel heeft er die jaren op zijn manier wat van gemaakt. Afkomstig uit de CHU was hij zonder enige schroom rechts in een tijd waarbij het CDA dagelijks worstelde met zijn identiteit. Terwijl de partijtop de kruisraketten als een loden last ervoer, zei Gualthérie van Weezel de aan Nederland toegedachte 48 kruisraketten persoonlijk wat aan de krappe kant te vinden en zelf de voorkeur te geven aan 84 raketten. Stangen, sarren, de Tweede Kamer als sociëteit, het was niet voor niets dat Gualthérie van Weezel het eerste exemplaar van zijn boek overhandigde aan zijn 'goede vriend' Hans Wiegel. Rechts door het midden is vooral een anekdotisch boek waarbij zijn duidelijke stellingname een verademing is bij het door mits en nee-tenzij gedomineerde politieke jargon. De verteltrant is vaak chaotisch, maar dat betekent in dit geval dat Gualthérie van Weezel zich hier ook niet heeft aangepast. En verder is het vooral een vermakelijk boek.

Hij gaat hier en daar weinig fijnzinnig om met voormalige fractiegenoten. Was dat ook de reden voor partijvoorzitter Van Velzen om Gualthérie van Weezel te waarschuwen? Of was de angst meer ingegeven door de ressentimenten die het boek bij delen van het CDA zou kunnen oproepen? Want behalve 'mooie verhalen' heeft het boek ook een boodschap. Gualthérie van Weezel vindt dat het CDA duidelijk moet kiezen. Een keuze voor een positie op de rechterflank van het politieke spectrum die kan worden opgebouwd in een tijd dat de partij in de oppositie zit. Het woord oppositie komt in de vocabulaire van de meeste christen-democratische politici echter niet voor. Of, zoals Gualthérie van Weezel in zijn boek schrijft: 'Het vermijden van oppositie lijkt dan ook een doel op zichzelf te worden, om zo naast macht ook de nodige banen op nationaal en lokaal vlak te blijven kunnen verdelen.'

Niet bekend