Grateful Dead

Ondanks het gevoel van cultuurhistorische gerechtigheid dat me overvalt als ik een artikel over de Grateful Dead lees, wil ik toch enkele kanttekeningen plaatsen bij de karakterschets die Bernard Hulsman van deze popgroep gaf in het Cultureel Supplement van 24 december.

Hulsman schrijft dat bandlid Keith Godchaux omkwam bij een auto-ongeluk. In werkelijkheid was hij geen toen geen bandlid meer: in 1979, een jaar voor het ongeluk, werd hem door de rest van de band verzocht op te stappen. Dat zijn opvolger, Brent Mydland, in 1990 overleed als gevolg van overmatig drugsgebruik, vermeldt Hulsman niet. Vreemd, gezien het thema 'verslaving' in het kader waarvan de aandacht voor de Dead gevestigd wordt.

Uit Hulsmans verhaal zou de minder geïnformeerde lezer kunnen opmaken dat de Grateful Dead zich vooral richt op het ontlopen van de realiteit via LSD en Virtual Reality. Maar het werk van de door de Grateful Dead opgerichte en beheerde Rex Foundation, die onder meer actief is op het gebied van hulpverlening aan daklozen en aids-patiënten, duidt evenwel op een onvermoede praktische invulling van de door Hulsman aan de band toegeschreven 'hippie-idealen van peace, love and understanding'. Dat Grateful Times, ofschoon geïnspireerd door de eigenzinnigheid van de Grateful Dead, na deze omissies door Hulsman wordt aangeduid als fanzine rechtvaardigt alleen maar onze eigen aanduiding als 'blad voor wie verder kijkt dan de buitenkant'.