Fusie bulkplastics Shell en Montedison

ROTTERDAM, 31 DEC. De Koninklijke/Shell Groep en het Italiaanse chemiebedrijf Montedison gaan samen polypropeen en polyetheen, twee bulkplastics voor de kunstofindustrie, produceren. De ondernemingen hebben gisteren tot deze fusie besloten en een overeenkomst daartoe getekend.

Het gaat om een van de grootste herstructureringen in de Europese chemische industrie, die zwaar lijdt onder de recessie. Montedison is onderdeel van de Italiaanse industriële Ferruzzi Groep, die met grote fianciële problemen kampt. Ook Shell boekte de afgelopen jaren verlies op zijn chemische sector.

Het hoofdkwartier van het nieuwe concern, waarin Shell en Montedison beide een belang van 50 procent krijgen, komt in Nederland. Het fusie-bedrijf neemt in totaal 8.200 werknemers over van de twee partners: 2.300 van Shell en 5.900 van Montedison.

Montedison zal bijna 2 miljard dollar in het nieuwe bedrijf investeren, Shell 1 miljard dollar. Het nieuwe concern, dat nog geen naam heeft, krijgt een produktiecapaciteit van 3,3 miljoen ton polypropeen per jaar, ofwel 18 procent van de wereldproduktie, en 0,7 miljoen ton polyetheen.

Bijna alle produktievestigingen van Montedison worden in de het nieuwe concern ondergebracht. De Montedison-dochterbedrijven Montecatini, met de Amerikaanse vestiging Himont, en Moplefan worden eveneens in de nieuwe onderneming worden opgenomen. Himont is de grootste polypropeenproducent ter wereld met een jaarcapaciteit van 2,3 miljoen ton (12 procent van de wereldproduktiecapaciteit).

Een aantal van de joint ventures van Shell in Duitsland, Singapore en Japan en de fabrieken van het Amerikaanse Shell Oil voor deze produkten in de Verenigde Staten blijft buiten de fusie.