De wraak van de zwaartekracht; Paul Austers wereldprimeur in Nederland

Paul Auster: Mr Vertigo. Uitg. Faber and Faber, 278 blz. Prijs ƒ 44,95 (geb).

Paul Auster is altijd populairder geweest in Europa dan in zijn eigen land. Zijn kafkaeske thrillers over rusteloze personages in een wereld vol toeval bezorgden hem bij het Amerikaanse publiek de naam van een moeilijk, elitair schrijver - te weinig mondain voor de lezers van de grote-stadsliteratuur van Ellis en McInerney, niet rechttoe-rechtaan genoeg voor de liefhebbers van Dirty Realism. In Frankrijk lijkt dat alleen maar in zijn voordeel te werken: de 46-jarige Newyorker wordt daar ingehaald als een van de belangrijkste contemporaine schrijvers en kreeg vorige maand nog de Prix Médicis voor zijn laatste (en niet eens beste) roman Leviathan.

Dat Auster ook in Nederland meer bewonderaars heeft dan in Amerika, verklaart misschien waarom zijn nieuwe boek hier nu al in de winkel ligt - vier maanden voor de Amerikaanse publikatiedatum. Holland heeft een primeur, zij het niet van een magnum opus: Mr Vertigo is een vermakelijke maar niet wereldschokkende roman over een wonderlijke Amerikaanse held, die eind jaren twintig furore maakt als 'Walt the Wonder Boy' en zes decennia later zijn levensverhaal begint met de memorabele zin 'Ik was twaalf jaar oud toen ik voor het eerst op het water liep.'

Walter Clairborne Rawley, zoals de ik-figuur van Mr Vertigo voluit heet, is geen Jezus of Boeddha. Integendeel, als hij op negenjarige leeftijd in Saint Louis uit de goot wordt gevist door de mysterieuze Meester Yehudi omschrijft hij zichzelf als een smerig straatschoffie, 'a pus-brained raggamuffin from honky-tonk row.' Onder de hoede van Meester Yehudi, die zijn wil breekt door middel van 33 beproevingen (waarvan levend begraven worden niet eens de ergste is), bekwaamt Walt zich in levitatie. Met zijn vliegende variété-act is hij in de Roaring Twenties groter voorpaginanieuws dan Charles Lindbergh en Babe Ruth, totdat hij door ondraaglijke hoofdpijnen ('de wraak van de zwaartekracht') gedwongen wordt zijn carrière te beëindigen.

Mr Vertigo begint als een ontwikkelingsroman: hoe de vuilbekkende, onaangename Walt opgroeit tot de veelgeplaagde Wonder Boy. Maar wanneer Walt het vliegen vaarwel heeft gezegd, boet het boek aan kracht in; Walt wordt een picareske held in de traditie van Saul Bellows Augie March, wiens hele verdere leven als gangster, soldaat en minnaar als een schamele epiloog aan de lezer voorbijtrekt - in minder dan zestig bladzijden.

Lynchpartij

Saai wordt Mr Vertigo niet, daarvoor heeft het verhaal te veel vaart en zijn de gebeurtenissen uit Walts leven (een lynchpartij, een ontvoering, een auto-ongeluk, een moord uit wraak) te spectaculair. Bovendien gaf Auster zijn hoofdpersoon een zeer eigen stem: Walt spreekt in zijn memoires met een innemende bravoure en schrijft dialogen die zo gestileerd rauw en volks zijn dat ze niet zouden misstaan in een hardboiled Hollywoodfilm.

Maar hoe goed de hoofdpersonen ook gebekt zijn, echt tot leven komen ze niet. 'I laughed at some parts, I cried at others, and what more can a person want from a book?' merkt Walt op wanneer hij de autobiografie van zijn geniale stiefbroer leest. Zo'n boek is Mr Vertigo niet. Wanneer Walt beschrijft hoe hij machteloos moet toezien dat de Ku Klux Klan zijn dierbaren vermoordt, blijft de lezer onaangedaan. En zelfs de dramatische zelfmoord van zijn geliefde meester maakt weinig indruk.

Het is natuurlijk niet zo dat je in een roman mee moet kunnen huilen met de hoofdpersoon. Auster heeft met zijn eerdere romans bewezen dat grote literatuur best geschreven kan worden met vlakke personages in de hoofdrol. Maar City of Glass (1984) en The Music of Chance (1991) waren voorbeelden van wat door Walt in Mr Vertigo 'magische boeken' worden genoemd; boeken die er om vragen herlezen te worden - 'the deeper you go, the more there is, and the more there is, the longer it takes to read it.' In het licht van dat soort meesterwerken is Mr Vertigo nogal oppervlakkig. Verbaal vuurwerk, veel spektakel, maar slechts een handjevol stof tot nadenken. Van een schrijver als Paul Auster zou je meer mogen verwachten.