Optreden van 'neo's' stelt coach voor luxeprobleem

HEERENVEEN, 30 DEC. Het schaatskampioenschap dat als selectiedrempel diende voor het EK en de Olympische Spelen werd van het begin tot het einde 'verstoord' door twee neo's. Twee neo's? Zo noemen de youngsters Ids Postma en Martin Hersman zich. Een twintig- en een negentienjarige rijder uit Jong Oranje die in de strijd om de afstandstitels brutaal enkele kernploegleden in de wielen reden. Ze zitten in de leeftijdscategorie van de zogenoemde neo-senioren, vandaar die bijnaam. Ze lapten op de Thialfbaan in Heerenveen de reputatie van gerenommeerde rijders aan hun laars. Met tijden die op internationaal niveau niet misstaan stelden ze coach Ab Krook voor een luxeprobleem.

Voor het EK lag het nog simpel. Postma, die het evenement afsloot met een sterke derde plaats op de tien kilometer, kwam op grond van zijn prestaties rechtstreeks in aanmerking voor een derde plek op het toernooi dat in Hamar wordt gehouden. De student van de landbouw hogeschool uit Deersum, niet meer dan een paar huizen in Friesland, manifesteerde zich als een toekomstige vedette. Hij liet van vier persoonlijke records geen spaan heel. Met recht kon gezegd worden: a star is born. Dat gold in mindere mate ook voor Hersman. De heao'er uit Sassenheim baarde vooral opzien met zijn tweede tijd op de 1500 meter. Ook hij verzorgde over het hele afstandskampioenschap gemeten voor betere prestaties dan de kernploegleden Arjan Schreuder en ex-juniorenwereldkampioen Jeroen Straathof.

Op de schaatsmijl strijden na Falko Zandstra en Rintje Ritsma in de optiek van Krook vier rijders voor nog twee startbewijzen. Vandaar dat op 29 januari in Davos een rechtstreeks kwalificatieduel wordt ingelast voor de 1500 meter in Hamar. Postma en Hersman zullen dan de keuzeheren duidelijk moeten overtuigen met hun prestaties, want Schreuder heeft voorlopig het voordeel van de twijfel omdat hij in Hamar al eens als tweede achter Johann Olav Koss was geëindigd. De Noordhollander was al aangewezen en zal in ieder geval op de duizend meter starten. De mijl is nu voor hem op losse schroeven komen te staan.

Dat de twee pupillen van Jong Oranje-coach Leen Pfrommer, die opnieuw goed werk aflevert, voor enig tumult in zijn beschermde elitekorps zorgen, kan Krook wel waarderen. “Al stelt het mij voor problemen, het is een goede zaak dat zij zich hier met internationale toptijden hebben gepresenteerd. Dat zegt genoeg over hun kwaliteiten. Postma moet normaal gesproken op het EK denken aan een plek bij de beste vier. Hij is een echte allrounder. Schreuder is door de plotselinge concurrentie van deze twee jonge rijders uit zijn evenwicht gebracht. Over Veldkamp maak ik me minder zorgen. Hij heeft in verleden altijd aangetoond vreselijk hard te kunnen rijden als het erop aankomt.”

De twee aanstormende talenten hadden ook buiten de ijsvloer weinig mededogen met rijders als Schreuder en Straathof die hoopten te kunnen profiteren van de vormcrisis van Bart Veldkamp. Het argument van de kernploegleden dat Jong Oranje en gewestelijke rijders zich geheel kunnen concentreren op de afstandskampioenschappen, terwijl zij aan een opbouw moeten denken naar eventueel de Spelen of een wereldkampioenschap, wuifde het duo vrolijk weg. “Die jongens weten voor zo'n toernooi als dit dat wij op ze azen”, aldus Hersman. En het was hen toch ook bekend dat het om een selectiewedstrijd ging? We hebben die jongens eraf gereden. Zo simpel ligt het.” En Postma: “Wij hebben voor dit NK helemaal niet bewust getraind. Ik heb zelfs de afgelopen dagen een beetje rust genomen.”

Postma reed voor de vijfde keer in zijn leven een tien kilometer. Het zou een gedenkwaardige rit worden. Met 14.11,99 rekende hij af met Veldkamp die nota bene op zijn specialiteit werd geklopt (14.12,22). Pfrommer juichte uitbundig toen hij het langs de baan op zijn chronometer keek. Later zou Ritsma hem slechts tweehonderdste seconde voor blijven. Alleen Zandstra nam echt afstand met 14.06,68. Uit het feit dat Postma op de 500 meter met 38.36 ook al een goede vijfhonderd metertijd, de vierde van die afstand, had laten noteren valt op te maken dat hij over uitstekende allroundkwaliteiten beschikt.

Maar hoe staat de gevestigde orde ervoor, ruim een week voor de EK in Hamar? Zandstra zal in een korte tijd een enorme progressie moeten maken met zijn vorm, wil hij een kans maken zijn titel te prolongeren. Koss en Ritsma zijn vooralsnog de grootste favorieten voor het goud in het Vikingskipet. Een pleister op de wonde voor Zandstra was zijn winnende tien kilometerrit. Het rechtstreekse duel met Veldkamp besliste hij in zijn voordeel en in de laatste vierhonderd meter had hij nog genoeg lucht over voor een rondje van 32.9.

De vierde plaats op de 1500 meter, normaliter zijn beste afstand, was minder geslaagd. “De opening en de slotronde moeten nog sneller”, meende de Friese schaatsheld. “Maar mijn prestatiecurve gaat langzaam omhoog richting de Spelen.” Het EK lijkt derhalve te vroeg te komen voor Zandstra. Maar hij heeft de hoofdprijs in Hamar nog niet uit zijn hoofd gezet. “Ik zal op dit toernooi wel voluit gaan. Ik wil niet alles gokken op de Spelen. Normaal gesproken behoor ik op het EK bij de favorieten. Tenzij ik net als vorig seizoen rondom het WK weer last krijg van huidirritaties. Dat zou ik wel heel vervelend vinden.”

Krook wijst erop dat Zandstra, door NOC*NSF gisteravond net als Ritsma en Veldkamp aangewezen voor de olympische vijf en tien kilometer, slechts twee of drie keer per jaar alles uit zijn lichaam kan persen. Als de naweeen van het EK ook maar enigszins gelijkenis vertonen met die van het WK van vorig seizoen, lijken zijn kansen op olympisch goud verkeken. Een rijder die zich totaal niet druk lijkt te maken over vormpieken, is Ritsma. Voorlopig heeft zijn sterke seizoenstart zich doorgezet en spot hij met alle theorieën van seizoensopbouw.

“Het is nu geen toeval meer dat ik zo goed rijd. Hier heb ik alleen op de tien kilometer een lichte terugval gekend”, zegt de winnaar van de 1500 en 5000 in Heerenveen tevreden. “Maar ik voel me toch niet favoriet voor de Europese titel.” Kennelijk moet de blonde krachtpatser nog even aan het idee wennen. Maar als Zandstra het de komende weken nog steeds laat afweten, lijkt hij in staat de honneurs waar te nemen in de strijd tegen de kwelgeest van Oranje, Johann Olav Koss.