Leg bejaarde moeders een kinderheffing op

Moederschap bij oudere vrouwen die de menopauze achter de rug hebben strijdt met de traditie en is ook om andere redenen niet aan te bevelen. De grootste problemen schuilen in de eiceldonatie die voor deze behandeling nodig is en in de medische nazorg.

Bekende Nederlandse mannen die op hun zeventigste een kind krijgen bij hun nieuwe liefde van dertig, worden in Privé bejubeld, maar krijgen verder weinig aandacht. Waarom ontstaat er dan een publiek debat en mengen ministers zich in de discussie als, zoals in Groot Brittannië met Kerstmis, een vrouw van 59 een baby - een tweeling nog wel - krijgt?

Het verschil in reacties heeft veel te maken met traditie. Er zijn mannen die tot op hoge leeftijd vruchtbaar zijn, maar bij vrouwen daalt de in de loop der jaren afnemende vruchtbaarheid tot nul bij het begin van de menopauze, die tussen hun 45ste en 55ste levensjaar inzet.

In Nederlandse IVF-klinieken (In Vitro Fertilisatie, "reageerbuisbaby's') worden vrouwen boven de 40 in de regel niet meer behandeld. Niet omdat zij te oude moeders zouden zijn, maar omdat de kans op succes zeer sterk daalt. Eicellen rijpen bij oudere vrouwen minder goed. De bevruchting is minder kansrijk. Na de bevruchting verloopt de innesteling van de vrucht in de baarmoeder minder soepel. Er zijn meer chromosoomafwijkingen en daardoor meer miskramen. De Nederlandse IVF-centra moeten in de gaten houden wie ze behandelen, want het zijn de enige medische klinieken in ons land waar een bepaald succespercentage gehaald moet worden om de vergunning te behouden. Een zwangerschap bij vrouwen in de menopauze is alleen mogelijk met eicellen van een andere vrouw: de zogeheten eiceldonatie.

Er zijn vier bezwaren aan te voeren tegen zwangerschappen van oude vrouwen. Ten eerste lopen ze tijdens de zwangerschap en de bevalling een relatief groot medisch risico. Er sterven (gerelateerd aan aantal geboorten) in het kraambed tienmaal meer vrouwen van boven de 40 dan vrouwen van tussen de 20 en 30. Bevallende 50-plussers staan nog niet apart in de statistieken. Behalve de sterftekans is er een verhoogde kans op complicaties. Amerikaanse IVF-onderzoekers die 18 vrouwen tussen de 50 en 59 jaar een IVF-behandeling gaven (resultaat 7 kinderen) en daarover in het medische tijdschrift The Lancet (6 febr. 1993) rapporteerden, onderwierpen de vrouwen eerst aan 20 medische tests. Hartproblemen, uitgezakte baarmoeder, suikerziekte, kanker, AIDS, syfilis, hepatitis, afwijkende bloedstolling waren enkele uitsluitingscriteria. Vier van de achttien vrouwen vielen daardoor af.

Medische risico's kunnen echter niet tot een verbod op een activiteit leiden, ook niet tot een verbod op zwangerschap. Het staat mensen vrij om medische risico's te nemen zolang anderen er geen last van hebben. Parachutespringen, bergbeklimmen, autoracen, wielrennen, voetballen en skiën zijn ook niet verboden. Over de kosten straks meer.

Ten tweede rijst de vraag of oude moeders (of ouders) hun kind goede zorg in een stabiel gezin kunnen geven. Na natuurlijke zwangerschappen is een zorgzame omgeving dikwijls ook ver te zoeken, maar het toepassen van een techniek die de kans op uiteenvallende gezinnen verhoogt, is een argument voor een verbod. De Britse minister van volksgezondheid Bottomley is om deze reden tegen bejaarde moeders. Zij zal aandringen op Europese richtlijnen voor het toepassen van reageerbuisbevruchting.

Het is nog maar de vraag of bejaarden geen pubers kunnen opvoeden. Voor de meeste vrouwen is onvruchtbaarheid na de menopauze een opluchting. Vrouwen van 60 die gezond genoeg zijn om met IVF-technieken zwanger te worden, en dat ook willen, hebben een levensverwachting die een eind boven het gemiddelde van 80 ligt. En dan hoort de boreling toch het ouderlijk huis uit te zijn. Het vervelende voor zo'n gezin is alleen dat grootouders (voor oppas en logeerpartijtjes) vaak zullen ontbreken. Voordeel is dat er neefjes en nichtjes beschikbaar zijn die zich als ooms en tantes gedragen. De kans op een ramp in zo'n gezin is onbekend, maar waarschijnlijk niet veel hoger dan in andere hoge-risico-gezinnen die bewust worden gecreëerd, bijvoorbeeld die met een krampachtig gewenst IVF-kind, of met een buitenlands adoptiekind.

Derde bezwaar is dat hier medische voorzieningen voor het najagen van luxe, status of individueel geluk worden gebruikt. In Europa geeft voorzover bekend alleen de Italiaanse hoogleraar Severino Antinori oude vrouwen een IVF-behandeling. Hij doet dat in een privékliniek en zijn patiënten betalen de behandeling zelf. Vorig jaar beweerde Antinori dat er 57 oudere Nederlandse vrouwen bij hem op de wachtlijst staan. Als de oudere zwangeren ook alle verdere kosten van de zwangerschap dragen, is zo'n kleintje in een oud nest net zo'n luxe als de tweede face lift. Hoogst interessant voor Dröge, Privé, Story en Weekend, maar maatschappelijk verder niet van belang.

Eenmaal zwanger, de rekening betaald en terug in Nederland vervoegen de vrouwen zich echter bij hun Nederlandse gynaecoloog voor controle. En ze bevallen in een Nederlandse kliniek. Medici mogen die zorg niet weigeren. Voor een verzekering is moeilijk na te gaan hoe een vrouw zwanger is geworden. Overheid, politiek, verzekeraars en medeverzekerden kunnen bezwaar maken tegen die financiering. Medeverzekerden hebben het nog het makkelijkst. Zij mogen toegeven aan een gevoel van walging over deze doorgeschoten techniek. Verzekeraars staan voor de (onmogelijke?) opgave om natuurlijke en toegestane IVF-zwangerschappen te onderscheiden van Italiaanse zwangerschappen. De overheid kan principieel niemand een zwangerschap verbieden, maar kan proberen de hogere maatschappelijke kosten te verhalen op de oudere zwangeren.

Eiceldonatie is het vierde en grootste probleem. Vondelingen, adoptiekinderen en kinderen van zaaddonoren raken op oudere leeftijd nog al eens in psychische nood door gebrek aan kennis over hun herkomst. Ze gaan dan fanatiek op zoek naar hun ouders of vader. De tot nu toe gewaarborgde anonimiteit van zaaddonoren staat daarom in Nederland ter discussie. Bij eiceldonatie kunnen we dit probleem beter voor zijn en er helemaal niet aan beginnen. Ook al omdat eiceldonatie geen sinecure is.

Voor zaaddonoren is een donatie een kwestie van zelfbevrediging, maar vrouwen die eicellen doneren ondergaan een zware hormoonbehandeling, met een kans op complicaties. De Amerikaanse onderzoekers betaalden donerende vrouwen 2000 dollar voor hun diensten. In de veeteelt worden eicellen uit slachtafval gewonnen. Voor mensen zouden op den duur eicellen uit operatiemateriaal beschikbaar kunnen komen, hoewel er weinig gezonde eierstokken worden verwijderd. Het verkrijgen van de eicellen is voorlopig een Italiaanse kwestie, maar de psychische problemen 30 jaar later zijn voor de Nederlandse maatschappij.

Wat aan deze vier bezwaren opvalt is dat er toch een verschil bestaat tussen bejaarde vaders en bejaarde moeders. Oude toekomstige vaders lopen niet de medische risico's van zwangerschap en bevallingen. Ze zijn niet aangewezen op eiceldonatie en leggen geen beslag op medische voorzieningen (als ze een jongere vrouw zwanger maken). Het bezwaar van het instabiele gezin weegt bij mannen misschien zwaarder: mannen kunnen in veel slechtere conditie nog een kind verwekken en sterven gemiddeld acht jaar eerder dan vrouwen.

Een niet-totalitaire staat kan nooit verhinderen dat ingezetenen zich in het buitenland op welke manier dan ook zwanger laten maken. Of het uitvoeren van de techniek in Nederlandse privé-klinieken kan worden verboden is onduidelijk. Een verbod op eiceldonatie is moeilijk zolang zaadceldonatie is toegestaan. Toch is het krijgen van een kind boven het vijfenvijftigste levensjaar niet zo maar een afwijking die geen behandeling en weinig aandacht van de overheid behoeft. Want hoe gewoner deze techniek wordt, hoe normaler het is dat mensen op iets oudere leeftijd kinderen krijgen. Uit oogpunt van volksgezondheid, sociale en demografische ontwikkeling doet de overheid er echter verstandiger aan te stimuleren dat mensen op jonge leeftijd kinderen krijgen. Dat kan door goede regeling voor ouderschapsverlof, crèches en buitenschoolse opvang. Net zo kan de maatschappij laten weten dat oude ouders maatschappelijk minder gewenst zijn. Een krachtige financiële ontmoediging van het oud zwanger worden is mogelijk door nieuwe aanvragen voor kinderbijslag door vijftigplussers niet meer te honoreren, maar in plaats daarvan die leeftijdscategorie een kinderheffing op te leggen.